'Met Zhu Rongji zal China zijn weg vinden '

Vandaag is in Peking het Chinese Volkscongres afgesloten. Na afloop gaf de nieuwe premier, Zhu Rongji, zijn visitekaartje af op een persconferentie. Zijn optreden was ontspannen en zelfverzekerd. 'Ik ken geen twijfel of angst.'

PEKING, 19 MAART. Vriendelijk, op de hoogte, direct en vol vertrouwen, dat was de indruk die China's nieuwe premier, Zhu Rongji, vandaag uitstraalde op een persconferentie na afloop van de jaarlijkse bijeenkomst van het nationaal volkscongres, het Chinese parlement. In een ongeëvenaard optreden, dat rechtstreeks werd uitgezonden op de nationale televisie, gaf Zhu gedurende anderhalf uur commentaar op zijn toekomstig beleid.

Het was voor het eerst sinds het begin van het congres dat Zhu in eigen bewoording de plannen mocht toelichten, die de afgelopen twee weken al meermaals vielen te beluisteren bij monde van andere politici: sanering van de Chinese staatsbedrijven, reanimatie van bankroete staatsbanken, halvering van het aantal mensen in dienst van de overheid, en dat alles binnen drie jaar tijd. Het zijn maatregelen die stuk voor stuk aan Zhu worden toegeschreven, en waarvan velen verwachten dat hij er de man naar is om ze ook daadwerkelijk in praktijk te kunnen brengen. “Ongeacht hetgeen mij voor de voeten komt, of het nu mijnen zijn of een afgrond, ik zal mijn weg vinden. Ik heb geen twijfel of angst en ik zal mij volledig inzetten voor volk en vaderland, tot op de laatste dag van mijn leven,” aldus Zhu.

De persconferentie van Zhu stond in schril contrast met de gebeurtenissen even daarvoor, in de reusachtige vergaderzaal van de Grote Hal van het Volk. Daar werd de jaarlijkse bijeenkomst van het voltallige congres afgesloten met toespraken van de nummer één en twee van de communistische partij: de deze week herkozen president Jiang Zemin en de kersverse voorzitter van het congres, oud-premier Li Peng. Zo werd nog eens bevestigd hoe de verhoudingen in de Volksrepubliek China feitelijk zijn bepaald. De partij wikt en beschikt, het congres luistert en stemt in. Maar dat alles was geen verrassing.

Des te opmerkelijker was het verfrissende optreden van premier Zhu. Op vragen van economische aard, aangaande de herstructurering van de staatsindustrie en het bankwezen, antwoordde hij accuraat en kundig. Die van politieke aard, zoals een vraag van een Hongkongse journalist over de kans op een herwaardering van de gebeurtenissen op het Plein van de Hemelse Vrede in het voorjaar van 1989 - toen vreedzaam demonstrerende studenten met geweld werden bestreden - antwoordde hij anders dan zijn voorganger, direct en zonder ergernis. Inhoudelijk evenwel, had Zhu op dat punt weinig verrassends te melden, behalve dan een lichte sneer naar diegenen die kritiek hebben op het Chinese mensenrechtenbeleid. “Ik ben, nu ik de drukke baan van premier toegewezen heb gekregen, natuurlijk meer van mijn vrijheid en mensenrechten verloren, maar ik kan U verzekeren dat ik desondanks gaarne Hongkong zal aandoen, ook als er protesten van dien aard zijn. Dat is immers aan de mensen van Hongkong.”

Toch menen velen aan het optreden van Zhu tijdens de pro-democratische studentenprotesten in 1989, af te kunnen lezen wat de politieke capaciteiten zijn van de man die hoofdzakelijk wordt geassocieerd met economisch beleid. In die tijd was Zhu werkzaam als burgemeester van Shanghai, en zijn vermogen om ondanks de druk vanuit Peking, het leger buiten de stad te houden, is dikwijls uitgelegd als het bewijs dat Zhu meer sympathie had voor de zaak die de studenten toen trachtten aan te kaarten, dan het centrale leiderschap in Peking. Zhu zelf heeft dat vandaag nog eens getracht te ontzenuwen, maar erg overtuigend klonk dat niet.

Velen nemen aan dat Zhu, wanneer hij het moeilijke vraagstuk van de sanering van de economie voldoende onder controle heeft, zich geleidelijk zal toeleggen op de politiek. “Zoals U weet heb ik mij in de positie van vice-premier hoofdzakelijk beziggehouden met de economie. Voor vragen van politiek aard verwijs ik naar vice-premier Qian Qichen”, antwoordde Zhu op vragen over kwesties aangaande Taiwan en de Chinees-Amerikaanse betrekkingen.

Waarnemers zijn van mening dat Zhu, afgezien van zijn prestaties als regulator van de Chinese economie, zijn post heeft verdient omdat hij in de ogen van president Jiang Zemin geen politieke rivaal is. Zhu zou slechts een kleine politieke achterban hebben en niet zijn geïnteresseerd in factiestrijd. Maar de ervaring heeft geleerd dat dergelijke conclusies vooral het resultaat zijn van koffiedikkijkerij en dat de waarde daarvan uiterst onzeker is. Eén van de specialisten op dat gebied, de overigens uiterst gerenommeerde Hongkongse journalist Willy Wo Lap-lam, heeft het nieuwe kabinet, dat gisteren werd gepresenteerd, inmiddels al ingedeeld in Jiang-getrouwen en Zhu-getrouwen. Zijn conclussie is dat van de 4 nieuwe vice-premiers, 5 'staatsraden' en 29 ministers, het aantal Zhu-getrouwen op de vingers van één hand te tellen zijn.

De samenstelling van het nieuwe kabinet evenwel, toont aan dat op een enkele uitzondering na de keuze voor de ministerposten vooral is ingegeven door de professionele capaciteiten van de kandidaten. Door de bank genomen is het aantal zogeheten technocraten, politici die evenals Zhu technisch geschoold zijn, groter dan voorheen. En veel van zijn ministers zijn internationaal georiënteerd, hebben vertrouwen in de markteconomie en het vermogen de zaken snel voor elkaar te krijgen; eigenschappen die ook op Zhu van toepassing zijn. Zhu's nieuwe minister van Financiën, Xiang Huaicheng bijvoorbeeld, was inspecteur van belasting en staat bekend als ontvankelijk voor nieuwe ideeën. Het hoofd van de belangrijke staatscommissie voor handel en economie is de voormalige directeur van China's nationale olie maatschappij, Sinopec. De Centrale Bank behoudt haar ervaren gouverneur, Dai Xianglong, en is daarmee verzekerd van de voortzetting van Dai's pragmatische hervormingsbeleid. En de nieuwe minister van Buitenlandse handel en Economische Samenwerking is Shi Guangsheng, een kundig econoom die wordt geprezen om zijn succesvol optreden toen China en de Verenigde Staten op het punt stonden van een handelsoorlog over eigendomsrechten.

Zo bekeken bestaat China's nieuwe leiderschap uit een groep mensen, waarvan wordt verwacht dat die meer dan voorheen in staat is de strijd aan te binden met de economische problematiek die China zo parten speelt. En economische stabiliteit is, aldus het Chinese leiderschap - inclusief premier Zhu - nu eenmaal dé voorwaarde voor eventuele politieke hervormingen.