Kostwinner (3)

De minister van Financiën wil ons doen geloven dat éénverdienersgezinnen een onterecht voordeel genieten doordat de belastingvrije som van de niet-werkende partner bij die van de werkende partner wordt opgeteld.

Blijkbaar is hij vergeten dat deze voetoverheveling destijds juist is ingesteld om het belastingnadeel van éénverdieners ten opzichte van tweeverdieners enigszins te compenseren. Tweeverdieners houden er immers, ondanks het kostwinnersvoordeel, nog altijd meer aan over dan iemand die in z'n eentje hetzelfde inkomen verwerft.

Hoe stelt de minister zich deze regeling trouwens in de praktijk voor? Moeten alle huisvrouwen nu en masse hun vrijwilligerswerk in de steek laten en naar de arbeidsbureaus rennen om vervolgens toe te treden tot het toch nog altijd aanzienlijke leger der werklozen?