'Embryo's voor research toestaan'

ROTTERDAM, 19 MAART. Het laten ontstaan van menselijke embryo's door reageerbuisbevruchting alleen voor wetenschappelijk onderzoek naar vruchtbaarheidsproblemen en het uitbannen van erfelijke ziekten kan onder strikte voorwaarden worden toegestaan. Dit schrijft een commissie van de Gezondheidsraad in een van de drie vandaag aan de minister van Volksgezondheid uitgebracht adviezen over kunstmatige voortplanting.

Onderzoek aan het ontstaan en de vroege ontwikkeling embryo's is nodig om de resultaten van reageerbuisbevruchting te verbeteren en om meer inzicht te krijgen in vruchtbaarheidsproblemen. Ook de techniek van pre-implantatie genetische diagnostiek (PGD) kan waarschijnlijk alleen verder worden ontwikkeld als er onderzoek aan menselijke embryo's mag plaatsvinden.

Bij PGD wordt van een embryo in het laboratorium één of enkele cellen verwijderd om te kijken of er een kind met een genetische ziekte uit zal worden geboren. Alleen gezonde embryo's worden vervolgens bij de moeder in de baarmoeder geïmplanteerd. De gezondheidsraad vindt dat verdere ontwikkeling van PGD en IVF van groot belang zijn voor de gezondheid van mensen en komt tot de conclusie dat, ondanks de morele waarde die aan in vitro ontstane embryo's kan worden toegekend, onderzoek met menselijke embryo's soms toelaatbaar is.

Er zijn inmiddels ruim honderd PGD-kinderen geboren, van wie twee in Nederland. De Gezondheidsraad vindt dat er rond PGD nog veel onzekerheden over de betrouwbaarheid van de diagnostiek voor de veiligheid voor de eruit geboren kinderen bestaat. PGD zou daarom de komende jaren alleen onder de strikte condities van wetenschappelijk onderzoek plaatsvinden.

De Gezondheidsraad spreekt zich ook uit over een situatie waarbij de discussie over de aanvaardbaarheid van embryo-onderzoek zal leiden tot een verbod op dat soort onderzoek.

Een dergelijke situatie mag niet tot gevolg hebben dat bepaalde technieken niet meer bij de patiënten zelf mogen worden uitgetest, zo meent de Gezondheidsraad.