Cultuurstad 1998; Stad in stilstaand water

Stockholm staat niet direct bekend als een dynamische metropool. Zeker in het oude gedeelte van de Zweedse hoofdstad lijkt de tijd stil te staan. Toch heeft de statige eilandenstad, die een groot deel van het jaar is ingesloten door ijsschotsen, voldoende te bieden om te worden uitgeroepen tot Culturele Hoofdstad van Europa 1998.

Overal in Stockholm liggen verhalen klaar. Het Victory Hotel in de Gamla Stan (oude stad) waar ik logeer, is tevens scheepvaartmuseum en bezwijkt bijna onder de vertellingen. Vitrines met kompassen, sextanten, zeekaarten, verrekijkers en geelgeworden codeberichten maken de smalle gangen nog smaller. De wanden gaan schuil onder een vracht aan schilderijen en prenten van schepen in vliegende storm of rustig afgemeerd aan de kade. In de hal zorgen miniatuur scheepskanonnen, originele houten boegbeelden met opengesperde ogen en verweerde reiskoffers van riet en leer voor het juist gestemde welkomstsaluut. Een koperen bel met een touw aan de klepel hangt boven de balie voor het geval het personeel even naar achteren is. Het is onwaarschijnlijk dat hij ooit geklonken heeft. En overal waar nog een plekje vrij is, staat een zorgvuldig nagebouwde twee- of driemaster onder een met koper afgebiesde stolp.

Logeren doe je hier in de hut van een legendarische kapitein, bijvoorbeeld van Peter Lindberg (1799-1858). Boven het bed een model achter glas van de schoener waarover hij het commando voerde. Naast het raam hangt hetzelfde schip in een kunstig geborduurde versie. De ovale portretten van het kapiteinsechtpaar laten zien dat het een hard bestaan moet zijn geweest. Met hun diepliggende, verwaterde ogen en strakke monden zonder lippen zijn het geen lachebekken. Hun dochter zal dezelfde weg op zijn gegaan, getuige het portretje in de vensterbank.

Gamla Stan, aan de voet van het kolossale paleis van koning Carl Gustaf, is een sprookjesstad waar auto's alleen mogen komen om te laden en te lossen. De smalle, hellende straten zijn voorbeeldig met grijze klinkers bekleed en hoewel dit ook de wijk is van talloze kleine winkels en restaurants hangt er een ernstige stemming tussen de huizen uit de 16de en 17de eeuw. De onverwachte, nadrukkelijke gevelkleuren kunnen daar weinig aan veranderen. Op het eerste gezicht denk je bij het rood aan Bologna en bij het geel aan Verona. Maar nader bekeken is het rood te veel door bruin gedempt en is het geel niet transparant genoeg om licht te kunnen geven. Noordelijke kleuren zijn onvervreemdbaar en hebben weinig talent voor warmte of frivoliteit.

Het bekendste verhaal van Gamla Stan, dat geen gids zal overslaan, is even opwindend als de gedroogde boeketten die hier op elke hoek te koop zijn. Het speelt zich af in het uit 1722 daterende restaurant 'Den Gyldene Freden' in de Osterlanggatan. Achter de grijzige, historische gevel komen elke eerste donderdag van de maand de achttien leden van het Nobelprijscomité bijeen, waarbij steevast erwtensoep en warme punch wordt geserveerd. Voilà, het complete verhaal.

Maar er bestaan een paar varianten. Vooral over de frequentie van de bijeenkomst verschillen de bronnen van mening. Sommige houden vol dat de Nobelnotabelen elke wéék op donderdag erwtensoep eten en warme punch drinken. Een andere bron beweert dat het slechts eenmaal per jaar gebeurt, namelijk op de dag dat over de Nobelprijzen is beslist. Hoe het ook zij, deze waardige verwarring tekent het hectische leven in de oude stad, waar kelderrestaurants als Den Gyldene Freden de sprookjesachtige impressie van het oude centrum helpen bestendigen.

Aangekomen in de met kaarsen verlichte eetcatacomben, direct maar iets over de restaurants van Stockholm. Het is een geweldige handicap dat Scandinavië te min blijkt te zijn voor de Guide Michelin, of een kritische gids die erop lijkt. Als buitenlander ben je aangewezen op Stockholm this week, een gratis tijdschriftje met een uitputtende agenda en absoluut onmisbaar, vooral voor de openingstijden van musea en andere culturele instellingen. Culinaire prestaties van restaurants worden in deze uitgave met een uitgestreken, soms laconiek gezicht gesignaleerd. De Operakällaren is een 'Classic French restaurant' en Prinsen een 'Good, French restaurant'. Let op de komma. De redactie noemt de aard van de keuken en soms wordt een glimp van de ambiance gegeven, bijvoorbeeld 'restaurant in de oude gevangenis'. Verder moet de bezoeker het in deze stad zelf uitzoeken.

Zo word je gedwongen de gêne te overwinnen om menukaarten te bestuderen die aan de straatkant, naast de entree van het restaurant, zijn opgehangen. Overigens is het waar dat gravad lax tot een van de lekkerste, kleinere hapjes behoort - iedereen serveert de zalm met de mosterd-dille saus weer een beetje anders - en kost drank in Stockholm twee à drie keer zoveel als in Nederland.

Een wandeling van de Oude Stad langs de kade naar het museumeiland Skeppsholmen en daarna over de brede boulevard Strandvägen naar het Wasamuseum, benadrukt dat eigenaardige gevoel van tijdloosheid dat Stockholm beheerst. In de architectuur van de lange, gevouwen zoom tussen water en stad heerst de statige, negentiende eeuw.

Ook de schepen die liggen afgemeerd, bieden geen aanknopingspunten voor deze tijd. Geen supersonisch gestroomlijnd jacht is te bekennen. Het lage licht, de hoge lucht, de sneeuwplassen in de plantsoenen, de ijsresten in de stille wateren rond deze eilandenstad, al de natuurlijke elementen overheersen de kenmerken van een dynamische, moderne metropool. Buiten het eiland van de Gamla Stan is Stockholm - inclusief voorsteden 1,5 miljoen inwoners - een normale, drukke Europese stad met veel autoverkeer. Maar het jachtige grootstedelijke leven is dermate ondergeschikt, dat het niet in staat is om de herinnering te bereiken. Ook het stadhuis, tussen 1911 en 1923 gebouwd naar ontwerp van Ragnar Östberg, helpt niet mee om de stad in beweging te brengen. Integendeel, de machtige toren - hoe frappant is toch de gelijkenis met de toren van het Rotterdamse museum Boymans-van Beuningen - pint alles vast wat maar waagt om op te vliegen. Sta aan de overkant bij de Birger Jarls torg en zie die magnifieke paleisvorm, half op het spiegelend wateroppervlak en half op het ijs drijven. Een bezonkener beeld is nauwelijks voor te stellen.

INFORMATIE

Culturele Hoofdstad

Het Sverigehuset (Hamngatan) biedt alle informatie over de bij elkaar duizenden culturele evenementen die in de loop van dit jaar zullen plaatsvinden. Hier is de uitstekende boekhandel van de stad Stockholm.

Voor geïnteresseerden in architectuur: Guide to Stockholm Architecture, een tot 1995 bijgewerkte architectuurgids. (325 kronen). In dezelfde boekhandel is een speciale aflevering te koop van het tijdschrif Form, gewijd aan Stockholm '98 Design City. Hierin vindt u tips voor bijzonder vormgegeven winkels, restaurants, galleries, boetieks etc.

Ook het Kulturhuset (Sergels Torg) is een bron van culturele informatie. Dit opvallende, moderne gebouw uit 1971 bevat diverse theaters, bioscoop- en concertzalen en expositieruimtes voor kunst en kunstnijverheid. Er zijn diverse café's en restaurants, verspreid over de immense, open verdiepingen. Hier valt eveneens informatie te krijgen over de stedelijke ontwikkeling van Stockholm. Aan vermaak voor kinderen wordt in het cultuurhuis veel aandacht besteed. De openingstijden zijn nogal rommelig. Raadpleeg daarvoor het onvolprezen Stockholm this week dat in elk hotel op de balie ligt.

Het museumeiland Skeppsholmen is in februari van dit jaar verrijkt met een schitterend nieuw museum voor moderne kunst en een nieuw Architectuurmuseum, beide ontworpen door de Spaanse architect Rafael Moneo. In het Moderna Museet is tot 19 april de openingstentoonstelling Wounds te zien, een overzicht van de ontwikkeling van de Europese en Amerikaanse moderne kunst vanaf 1960. Het nieuwe Architectuurmuseum biedt in een vaste opstelling de geschiedenis van het Zweedse bouwen. Een uitgesproken educatieve tentoonstelling.

Educatief is ook het beroemde Wasa-museum op het schiereiland Galärvarvet. Het imposante museumgebouw is opgetrokken rond het 17de-eeuwse oorlogsschip de Wasa, dat in 1628 verging voor de Zweedse kust en in 1961 werd geborgen. Het museum is een van de mooiste maritieme musea ter wereld en vertelt op esthetische en instructief voorbeeldige wijze de geschiedenis van de Wasa en de scheepsbouw in de 17de eeuw.

Stockholm kent meer dan zestig musea, waarvan het merendeel is ondergebracht in historische gebouwen. Bijzonder aan te bevelen is het Hallwylska Museet (Hamngatan 4) in het voormalige privépaleis van Wilhelmina von Hallwyl. Het rijke interieur van het paleisje in het hart van de stad, is voorbeeldig bewaard gebleven en de kunstcollectie die de vermogende mevrouw Von Hallwyl bijeenbracht is een van de mooiste van Stochkholm. Ruim tweehonderd van de zeshonderd schilderijen zijn gemaakt door Nederlandse kunstenaars, onder wie Jan Steen, Pieter Breughel, Jan van Goyen, Frans Hals, Ruysdael en Gerard ter Borch. De verzameling omvat ook zilverwerk, sieraden, oude wapens, meubelen en mode.

Jammer genoeg wordt 'De Vliegende Hollander' van Richard Wagner niet elke avond opgevoerd in de Operan. Eerst het Wasa-museum zien en dan naar De Vliegende Hollander is een onvergetelijke ervaring die in de afgelopen maand februari kon worden opgedaan. Ook zonder deze combinatie doet de Stockholmganger zichzelf tekort wanneer een bezoek aan het operahuis achterwege blijft.

Het operahuis, oorspronkelijk theater, werd omstreeks 1780 gebouwd onder auspiciën van operafanaat Gustave III. Tijdens een galafeest werd Gustav III in 1792 in zijn eigen operatheater vermoord. De gebeurtenis inspireerde Verdi tot het componeren van Bal masqué, een muziekstuk dat ook weer een hoogst eigenaardige geschiedenis kent. Het operahuis waar dit alles is gebeurd, werd in 1898 gesloopt. Daarvoor in de plaats kwam het huidige veel grotere Kungliga Teater, waarvan het klatergoud-interieur zijn weerga niet kent. Zweden kleden zich nog netjes aan als zij naar de opera gaan en eten van tevoren in het Operacafé - aandoenlijk barokke plafondschildering - een oestertje.

Het mooiste uitzicht over de stad biedt restaurant Gondolen (Stadsgärden 6). Het ligt op de bovenste verdieping van een complex in functionalistische stijl opgetrokken bedrijfsgebouwen (1936) vlakbij de Slussen, de sluizen die ook de moeite van het bezichtigen waard zijn. Industriële schoonheid. Gondolen is te bereiken via een lift door een open hijskraan schacht. De gravad lax is er uitstekend en door de grote ramen is goed te zien dat Stockholm niet alleen een stad van water is, maar ook van daken.