Keltische tijger slachtoffer van eigen succes

De Europese Commissie onthult vandaag voorstellen hoe het structuurgeld voor arme regio's na 2000 verdeeld moet worden. Ierland, in 1994 nog aangemerkt als meest achtergebleven gebied, heeft zijn geld zo goed besteed dat het nu veel minder dreigt te krijgen.

DROGHEDA/DUBLIN, 18 MAART. Oorverdovend getimmer vult het leslokaal van een voormalig graanpakhuis in het Ierse Drogheda. Zes jongens en twee meisjes zitten intensief leer te bewerken. Edel (17) legt haar hamer even neer en zegt ernstig dat deze lessen bedoeld zijn om haar van de straat te houden. Haar klasgenoot Mark ziet het als een mogelijkheid alsnog een goede baan te krijgen. Beiden zijn van school gestuurd en volgen nu een opleiding waar ze leren omgaan met computers, koken, hout en leer bewerken en toneelspelen. Dat de cursus grotendeels gefinancierd wordt door de Europese Unie, wisten ze niet.

Drogheda, een industriestad ten noorden van Dublin die haar bloeitijd kende in de achttiende eeuw, heeft een traditie van jonge schoolverlaters. Tot voor kort bestond voor hen geen vangnet. Maar sinds 1995 heeft Drogheda een zogeheten Youthreach-project voor schoolverlaters, waarvan er in Ierland met steun van de EU ruim zestig zijn opgericht.

O'Brien maakt zich echter zorgen wat er gebeurt na 1999. Dan komt een eind aan de status van Ierland als armste EU-regio die voor de meeste subsidie in aanmerking komt. “We hebben geen idee of de opleiding doorgaat”, zegt het schoolhoofd.

Ierland is slachtoffer geworden van zijn eigen succes, zeggen Ierse ambtenaren lachend en off the record. Begin jaren negentig lag het bruto binnenlands product nog beneden 75 procent van het EU-gemiddelde, het criterium dat geldt voor de status van armste regio. Inmiddels ligt het boven de 100 procent en wordt de 'Keltische tijger' niet meer aangemerkt als meest achtergebleven gebied. Volgens Ierse economen is zo'n 3 procent van de spectaculaire economische groei (vorig jaar zo'n 8 procent) toe te schrijven aan de structuurfondsen en zijn met Brussels geld 40.000 extra banen geschapen, waarvan de helft blijvend.

Bij de Europese Commissie staat Ierland bekend als modelvoorbeeld voor besteding van structuurgelden. Andere landen hebben veel meer moeite projecten op te zetten om het geld te kunnen uitgeven. Het Ierse succes wordt verklaard door een klein en efficiënt overheidsapparaat - erfenis van de Britten - goede planning, een stabiele politieke situatie en harmonieuze relaties tussen de sociale partners. Ook wordt er op gewezen dat Ierland al in de jaren tachtig een economische sanering inzette onder minister van Financiën MacSharry, bijgenaamd Mac the Knife. Terwijl de overheid bezuinigde, kon structuurgeld worden gebruikt om toch te investeren in opleidingen en infrastructuur.

Ierland besteedt het Brusselse geld aan de meest uiteenlopende projecten - van kinderopvang tot de hippe Dublinse wijk Temple Bar, van visserij tot golfbanen (om toerisme en dus werkgelegenheid te bevorderen). Opvallend groot is het deel (38 procent) voor human resources - Griekenland, ook in zijn geheel aangemerkt als meest arme EU-gebied, besteedt hieraan slechts 18 procent van zijn subsidies. “Vanuit de Commissie werd aangedrongen meer in infrastructuur te investeren”, zegt econoom John Fitzgerald van het Ierse onderzoeksinstituut ESRI. “Langs wegen kun je EU-borden plaatsen, maar kinderen kun je geen bordje omhangen dat hun opleiding is betaald door Brussel.” Ook in eigen land bestond weerstand, van Financiën. Opleidingen betekenen immers een blijvende investering. Maar de keuze betaalt zich terug, meent Fitzgerald. Ierland heeft geschoolde arbeidskrachten immers hard nodig.

De voordelen van de subsidies uit Brussel worden in Ierland niet alleen in geld gemeten. “De vrouwenemancipatie in Ierland is geheel te danken aan de Europese Unie”, werd gejubeld op internationale vrouwendag begin deze maand.

Tegenover het troosteloze winkelcentrum van Ronanstown, een buitenwijk van Dublin, wordt volop gebouwd aan een crèche. Directeur Catherine MacConville leidt trots langs lichte lokalen en mini-toiletten. De kinderen zitten nog in een noodgebouw aan de overkant. “Zonder Brussel was dit onmogelijk”, gebaart MacConville. “We hadden een geïmproviseerde crèche voor acht kinderen in een achterkamertje. Hier is plaats voor vijftig.” Nadeel van de EU-subsidies noemt MacConville de stapels ingewikkelde formulieren die ze vier keer per jaar moet invullen. “Ik dacht met kinderen te gaan werken, maar ik worstel vooral met papier.”

Brussel heeft Ierland bureaucratie gebracht, constateert econoom Fitzgerald. En corruptie. “Onze overheid is relatief oncorrupt, maar Brussel wil dat geld rechtstreeks naar lokale instanties gaat. Er zijn al gevallen gesignaleerd dat EU-geld werd toegeschoven aan vrienden.” De EU heeft Ierland ook leren plannen, want om structuurgeld te krijgen moeten nauwkeurig omschreven projecten worden ingediend. “Vroeger begonnen we een weg aan te leggen en als het geld op was, stopten we er mee.”

In een vorig jaar uitgegeven mid-term-evalution van de Ierse structuurgelden, waaraan Fitzgerald meewerkte, staat dat meer geïnvesteerd moet worden in openbaar stadsvervoer. Met name in Dublin is dat dringend: het verkeer staat ook buiten spitsuren hopeloos vast. Omdat maar geen besluit wordt genomen of er een tram onder of boven de grond moet komen, dreigt Dublin het daarvoor gereserveerde Brusselse geld mis te lopen. Geen nood, zegt Fitzgerald spottend, het kan altijd nog aan wegen worden uitgegeven.

In zijn kantoor elders in Dublin zwaait Michael English met nog een statistiek om te bewijzen hoe goed Ierland zijn geld besteedt. English, coördinator van de subsidies uit het Economisch en Sociaal Fonds (eenderde van het totaal), toont aan dat Ierland in 1996 bijna al het geld uit dit fonds heeft uitgegeven. “Voor Griekenland en Italië ligt dat veel lager”, wijst English. Maar ook voor Nederland. “Jullie waren nog hard bezig te bezuinigen voor de Economische en Monetaire Unie - maatregelen die wij eerder hadden genomen.” Projecten uit de structuurfondsen moeten gedeeltelijk door de nationale overheden worden gefinancierd en leggen dus ook een beslag op de nationale begroting.

Alle succesverhalen ten spijt, kan Ierland niet plots zonder subsidies, waarschuwen Ierse ambtenaren. In de lobby in Brussel wordt benadrukt dat het land van ver komt en nog een lange weg moet gaan. “We lagen 40 jaar achter op anderen”, zegt een diplomaat. “Nog altijd heeft Ierland slechts 80 kilometer snelweg.” In de periode 1994-1999 heeft Ierland recht op een bedrag van 6,1 miljard ECU (ruim twaalf miljard gulden). Verwacht wordt dat Dublin na 2000 25 tot 50 procent van dat bedrag als overgangsregeling krijgt. Terecht, meent English, want alles dreigt tegelijk op te drogen: structuurfondsen, cohesiegeld (voor infrastructuur en milieu) en landbouwsubsidies. “Als de steun te snel stopt, is onze groei niet houdbaar. Weet u wat een jojo is? Dat effect zal de Ierse economie dan vertonen.”

Een unieke besteding van Europees structuurgeld is het 'programma voor vrede en verzoening' in Noord-Ierland. De Europese Unie hoopt het vredesproces te ondersteunen door te investeren in sociale integratie en economische ontwikkeling. Sinds 1995 trekt de EU jaarlijks 220 miljoen gulden uit voor inmiddels zo'n 10.000 projecten.

In Shankill, een arme protestante wijk van Belfast, runt Martin Snoddon met Europees geld een adviescentrum voor politieke ex-gevangenen. Snoddon kreeg op zijn 19de levenslang wegens betrokkenheid bij 'the conflict'. Toen hij in 1991 werd vrijgelaten, merkte hij dat hij met zijn problemen niet terecht kon bij de 'officiële' instanties. Hij besloot voor lotgenoten een kantoor op te richten, maar kreeg onvoldoende geld bij elkaar. “Pas met steun van Brussel kon ik dit realiseren.”

    • Birgit Donker