Topman De Vlugt streeft naar internationale expansie door overnames; Verpakkingsconcern Van Leer bezig met wereldreis

Verpakkingsconcern Van Leer is internationaal op het overnamepad. Van Hongarije tot Thailand en de Verenigde Staten is het Nederlandse bedrijf nu aanwezig. En de honger is nog niet gestild. Topman De Vlugt rekent op meer.

AMSTERDAM, 17 MAART. Verpakkingsconcern Van Leer presteerde vorig jaar licht boven verwachting. De nettowinst steeg met ruim 26 procent tot 122,3 miljoen gulden. “De cijfers zijn echter enigszins geflatteerd door valutavoordelen en een lagere belastingdruk”, aldus bestuursvoorzitter Willem de Vlugt vandaag in een toelichting op de jaarcijfers.

Met name de stijging van de Amerikaanse dollar, het Britse pond en de Australische dollar zorgde voor 'translation profits'; een hogere winst in guldens van de buitenlandse divisies.

De verpakkingsgigant, die in 1996 naar de beurs ging om kapitaal te verwerven voor nieuwe aankopen, nam afgelopen jaar belangen in bedrijven in Hongarije, Polen en Tsjechië en nam de Thaise producent van bedrukte flexibele verpakkingen Uniflex over.

De grootste aquisitie was de Amerikaanse fabrikant van wegwerpservies Nyman. De aankoop werd betaald met geld afkomstig uit de verkoop van Van Leers vouwkartondivisie. De Belgische brachegenoot Van Genechten kocht tweederde van de aandelen, met een optie op de rest. Het maakte een einde aan de problemen die ontstonden na de aankoop van 4P, de divisie consumentenverpakkingen van Unilever in 1992. “Het geld ging van een verliesgevende tak naar een winstgevende”, aldus De Vlugt.

Er is nog voldoende geld in kas voor de nieuwe acquisities. De Vlugt verwacht ze komend jaar onder meer in Oost-Europa en Azië. Van Leer beschouwt overnames als een belangrijk middel om de bij de beursgang geformuleerde financiële doelstellingen te halen.

Verder steekt Van Leer ruim 80 miljoen in de bouw van fabrieken voor stalen vaten in Japan en de Verenigde Staten. Met de bouw van de Japanse fabriek zit Van Leer redelijk op schema. In Houston zal de onderneming een 'factory of the future' neerzetten, met relatief lage productiekosten. Een dergelijke fabriek in Engeland zal volgende maand de productie beginnen. “In vaten kan niemand aan ons tippen. Wij bedienen een kwart van de wereldmarkt en produceren in 42 landen. In Houston, de grootste vatenmarkt in de wereld, hadden wij nog een witte plek. Vanwege de hoge productiekosten met de conventionele technologie voorzagen wij tien jaar oorlog en verliezen.” De Vlugt verwacht met de moderne productie-eenheid de concurrenten beter het hoofd te kunnen bieden.

Nog niet alle bij de beursgang geformuleerde financiële doelen zijn gehaald. Van Leer wilde binnen vijf jaar naar een bruto marge van 6 à 8 procent. Afgelopen jaar bleef deze constant op 5,4 procent. Maar de activiteiten van de vouwkartondivisie buiten beschouwing gelaten, zou het percentage op 5,8 liggen, en dan komen we dus in de buurt.''

Het wordt nog een hele opgaaf om de doelstelling te halen van 15 procent rendement op het werkzame vermogen, voorspelt De Vlugt. Van Leer had dat percentage in 2001 willen behalen. Afgelopen jaar bedroeg het echter nog maar 11,3 procent, zonder het vouwkarton 11,9.

Over de gevolgen van de Aziatische crisis maakt De Vlugt zich geen zorgen. “Wij behalen maar 3 procent van onze omzet in Azië. Ons voordeel is dat we op globale schaal opereren. Als het ergens slechter gaat, wordt dat met betere resultaten elders opgevangen.” De Vlugt zegt tevreden te zijn met de behaalde resultaten, “maar het kan altijd beter.” We hebben wereldwijd een marktaandeel van 1 procent. Er is dus nog een aanzienlijke groei mogelijk.” Met name op het gebied van de consumentenverpakkingen ziet De Vlugt mogelijkheden.

Voor komend jaar verwacht Van Leer dat de winst per aandeel verder zal stijgen. Op de beurs heeft de verpakkingsgigant zich bewezen, vindt de bestuursvoorzitter.