ECT koestert Italiaanse droom in Triëst

Europe Combined Terminals (ECT) uit Rotterdam gaat internationaliseren. In de noord-Italiaanse havenstad Triëst gaat ECT voor het eerst containers overslaan in een zeehaven buiten Rotterdam.

TRIËST, 17 MAART. Wandelend langs de containerkranen op de Molo VII-terminal in de haven van Triëst richt Wouter den Dulk, bestuursvoorzitter van ECT, zijn blik op de Adriatische Zee. “Dit is toch een prachtig stukje haven. Met diep water langs de kant tot 18 meter, dus geschikt voor de grootste schepen.”

De inkt onder de overeenkomst met de Italiaanse zeehaven van Triëst, waarbij ECT zich voor een periode van dertig jaar heeft verplicht om containers over te gaan slaan, is dan nauwelijks opgedroogd. Maar de ECT-topman heeft al mooie dromen waarin de containerschepen van de grote lijnrederijen die de Maasvlakte en het Waal- Eemhavengebied in Rotterdam aandoen, ook voor de kant liggen in Triëst. Hoewel in het uitgebreide gezelschap dat is meegereisd voor de feestelijke gebeurtenis, een beetje de vraag in de lucht blijft hangen waarom deze 'parel aan de Adriatische kust' niet eerder is ontdekt.

ECT heeft de slag om een contract in Triëst, waar de kaden, terreinen en zeven kranen door ECT van het havenbedrijf in Triëst worden gehuurd, gewonnen van Clark & Chapman (een kranenbouwer uit Liverpool) en Sinport (de havenpoot van autofabrikant Fiat).

Nauwelijks aansprekende concurrenten voor ECT wat de bieding betreft. Met name op de Delta-terminal op de Maasvlakte hanteert ECT een uiterst geavanceerd systeem voor containeroverslag. Als grootste Europese containeroverslagbedrijf heeft ECT in deze branche dan ook een uitstekende reputatie.

De enige serieuze concurrent voor ECT in Triëst, Hutchison Whampoa uit Hongkong, haakte al in het beginstadium van de onderhandelingen af. “Die Chinezen kwamen hier binnen met de mededeling dat ze rekening moeten houden met hun aandeelhouders en binnen twee jaar een zo hoog mogelijk rendement op het door hun geïnvesteerde vermogen wilden maken. Zo niet, dan zou de boel weer dichtgaan”, zegt Michele Lacalamita, president van de Autorità Portuale di Trieste. “Dat ging ons iets te snel. We willen hier echt iets gaan ontwikkelen. Met ECT denken we pas binnen vijf jaar een goed rendement te kunnen behalen.”

Directeur Ben Voogd van ECT-international sleept er de historie bij om aan te geven dat deze terminal voor ECT een buitenkansje kan betekenen. Hij vertelt dat de partizanen van Tito aan het einde van de Tweede Wereldoorlog Triëst bezetten en een groot deel van de regio later inpikten. Ook de band van Triëst, een stukje 'vergeten' Italië, met het Habsburgse huis en de vroegere Oostenrijkse monarchie speelt volgens Voogd een rol voor de kansen van ECT in Triëst.

Veertig procent van de Oostenrijkse oliebehoeften wordt nog steeds via Triëst aangevoerd. Mede daardoor heeft Triëst zich met een goederenoverslag van 46,4 miljoen ton vorig jaar kunnen ontwikkelen tot de grootste havenstad uit deze Middellandse-Zeeregio en heeft het zelfs Genua voorbijgestreefd.

Alleen de containeroverslag is met ruim 200.000 TEU (een standaardmaat voor twintigvoet containers) daar vorig jaar bij achtergebleven. Maar ECT ziet goede kansen om dat te veranderen. Den Dulk heeft voor ECT in Triëst Tony Bestenbreur aan het werk gezet, een specialist op het gebied van het ontwikkelen van containerterminals, die zich op dit terrein in Kaapstad, Durban en Port Elizabeth in Zuid-Afrika al verdienstelijk heeft gemaakt. Hij wordt voorlopig de enige Nederlander die in Triëst komt werken. Met de bonden moet nog een overeenkomst worden gesloten voor de 185 Italiaanse werknemers, die door ECT worden ingehuurd.

Triëst betekent voor ECT de eerste stap in een verdere internationalisering. Daarmee probeert het Rotterdamse overslagbedrijf een antwoord te vinden op de bedrijfsstrategie in de containeroverslag van giganten als Hutchison Whampoa en PSA, bedrijven die een veelvoud aan kapitaal bezitten van ECT en zich vanuit hun thuisbases in de grootste containerhavens ter wereld, Hongkong en Singapore, de laatste jaren proberen overal agressief binnen te dringen.

De doelstellingen van ECT zijn vooralsnog bescheidener. Via Triëst wil ECT proberen een betere toegang krijgen tot Centraal- en Oost-Europa, tot nu toe voor containervervoer het domein van Noord-Europese havens als Hamburg en Bremen. Den Dulk maakt er geen geheim van dat ECT zijn positie in de toekomst wil versterken via lokaties in Zuid-Spanje, Portugal en de Baltische kust.

Vervoer per spoor lijkt echter voorlopig de Achilleshiel voor ECT in Triëst, waar het railgoederenverkeer veel beter ontwikkeld moet worden om de ten doel gestelde 400.000 TEU containers uit Triëst af te kunnen voeren.

In Triëst investeert ECT de komende drie jaar vijf à 10 miljoen, met name in in computersoftware. Maar economische winst lonkt. “De tijdwinst voor een container via het Suezkanaal bestemd voor Centraal Europa die hier wordt gelost, is vijf dagen ten opzichte van een haven in Noordwest-Europa. Dat kan voor de klant heel interessant zijn”, zegt Den Dulk.