Beurzen in Benelux bundelen krachten

MAASTRICHT, 16 MAART. Handelaren op de effectenbeurzen in Amsterdam, Brussel en Luxemburg kunnen voor het einde van het jaar direct handelen op elkaars beurzen. Dat hebben de directies van de betrokken beurzen vrijdag bekendgemaakt op een conferentie in Maastricht.

De verregaande samenwerking komt net op tijd voor de introductie van de euro. De financiële markten gaan op 1 januari 1999 over op de Europese gemeenschappelijke munt. Door het gebruik van de euro wordt het makkelijker om effectenprijzen met elkaar te vergelijken en op buitenlandse markten te handelen. De orders zullen via de bestaande handelssystemen kunnen worden geplaatst. Dit leidde eerder nog tot technische problemen omdat de systemen van elkaar verschillen. Aanvankelijk blijft het 'cross-membership' beperkt tot banken en commissionairs die direct bij de beurzen zijn aangesloten. Later kunnen de 'leden-op-afstand' ook van deze manier van handelen gebruikmaken. In Amsterdam zijn dit veelal Londense effectenhuizen. Het beursbedrijf Amsterdam Exchanges wil zich ontwikkelen tot 'scharnier' in de handel tussen de Angelsaksische markten en het Europese vasteland.

Vorig jaar besloten de derivaten-markten van Frankrijk (MATIF), Duitsland (DTB) en Zwitserland (SOFIX) hun krachten te bundelen tegen de dominantie van de London International Financial Futures and Options Exchange. Met het bijeenbrengen van hun vragers en aanbieders willen de drie relatief kleine Benelux-beurzen een tegenwicht bieden aan de grotere markten. Directeur van de Brusselse beurs Olivier Lefebvre: “Met 26 miljoen relatief rijke inwoners is de Benelux een aantrekkelijke markt. Bovendien zijn de landen historisch sterk geïntegreerd.”