Asteroïde

THE NEW YORK TIMES

De vroegtijdige en alarmerende beweringen dat een enorme asteroïde in botsing zou komen met de aarde hebben zonder twijfel bij veel lezers aanvankelijk dezelfde reactie opgeroepen. Maar toen ze eenmaal hadden uitgerekend hoe oud ze precies zouden zijn op 26 oktober 2028, werden hun reacties diffuser. Bij mensen die nu op middelbare leeftijd zijn, kwam de gedachte op dat ze wel eens met een knal aan hun einde zouden kunnen komen. Ameikaanse generatie X'ers knikten grimmig bij dit nieuwe bewijs dat ze nooit AOW zullen krijgen. [...]

Van alle potentiële problemen die onze planeet bedreigen is die van een botsende asteroïde er waarschijnlijk een waarvan we voor onze informatie geheel afhankelijk zijn van slechte films. We weten dat, terwijl winnaars van Nobelprijzen de wereld verzekeren dat we nergens bang voor hoeven te zijn, ergens achter in het observatorium een buitengewoon aantrekkelijke dame naar haar computer zit te staren en gaapt. De grondig geleerde lessen van het door de jaren heen kijken naar rampenfilms zijn, als iets kwalijks uit het heelal op ons afkomt: 1. de naties moeten hun handen ineenslaan tegen de gemeenschappelijk vijand en 2. een Amerikaan moet de ruimte in om het vermaledijde ding op te blazen.

Wetenschappers - en politici - theoretiseerden dat, bij voldoende waarschuwingstijd met betrekking tot de baan van de asteroïde, militaire en wetenschappelijke deskundigen in staat zouden zijn haar uit haar noodlottige baan te krijgen door een onploffing in de ruimte. Toevalligerwijs worden deze zomer twee asteroïdefilms met een groot budget in roulatie gebracht, de één over internationale samenwerking en de ander over Bruce Willis, die de zaken opblaast. Als Hollywood zo denkt, kunnen de contractanten van Defensie dan ver achterblijven?