Miljonair zoekt miljonaire

Een Rotterdamse boekhouder van even dertig gaat zijn financiële leven serieus plannen. Op 55 jaar wil hij stoppen met werken. Om de tien jaar tussen 55 en 65 jaar te overbruggen, en om zijn pensioenpremies door te kunnen betalen, moet er tegen die tijd een miljoen gulden op tafel komen. De Rotterdammer kiest voor een doe-het-zelf plan om dit bijeen te sprokkelen, ondanks zijn beperkte beurskennis. Hij woont in een huurhuis en kijkt uit naar een leuke vriendin om over drie jaar mee te gaan samenwonen. Wat móet lukken na dit stukje.

Zijn besteedbare inkomen bedraagt 1.500 gulden per maand, na aftrek van huur en andere lasten. Hij neemt deel in een eindloon pensioenregeling en zorgt zelf voor een lijfrenteverzekering die op 65 jaar een kapitaal oplevert van 300 duizend gulden, verplicht om te zetten in een belastbare lijfrente. Het saldo in de bedrijfsspaarregeling bedraagt achtduizend gulden.

Hoe kom je over zo'n twintig jaar aan een miljoen? Door met een flink kapitaal te beginnen, ieder jaar een bedrag opzij te leggen en een bepaald rendement te maken. In dit geval een investering van 30 duizend gulden, een jaarlijkse besparing van 2.500 gulden en 15 procent netto per jaar. De eerste twee factoren heeft hij zelf in de hand, de derde (rendement) bepaalt de markt.

Voor dit ambitieuze bestek kiest de boekhouder. Zijn ouders hebben hem vast een deel van hun vermogen geschonken, om de miljonair in spe op weg te helpen. Zulke ouders moet je koesteren, vaak en langdurig. En zo'n kind ook.

De strategie van de briefschrijver ziet er zo uit. “Ik beleg via de beursorderlijn en Internet, een medium waar ik verstand van heb. Voorlopig ben ik van plan om alleen aandelen te kopen, omdat daar nu goed mee te verdienen is. Ik stop de helft van de beginsom (15 duizend gulden) in vier hoofdfondsen. De andere helft beleg ik, omwille van de spreiding, in vier topfondsen op de beurs van New York, via een effectenmakelaar die werkt via Internet. Aan- en verkopen op die beurs kan je via een pc opgeven. De provisie ligt ongeveer even hoog als in Nederland. Een keer per jaar wil ik iets doen in mijn aandelen. Bijvoorbeeld door het volgen van een voorbeeldportefeuille die ook op Internet te vinden is.”

Iemand die zo serieus te werk gaat komt een heel eind, maar niet op deze manier. Hier lopen twee zaken door elkaar: serieus beleggen voor de lange termijn, en speculeren en modieus beleggen via pc en Internet. Dat blijkt uit deze opmerking: “Gaat het slechter met mijn aandelen in de toekomst dan kan ik er snel vanaf, want ik zit er voortdurend bovenop met (bijna) real time koersinformatie op de pc.”

Beleggers 'die er voortdurend bovenop zitten' zien effectenbemiddelaars en handelaren graag, want die heen-en-weer springers zorgen voor omzet en leveren provisie op. Lange termijn beleggers die iedere maand of kwartaal een vast bedrag in dezelfde (goede) bedrijven beleggen (dat heet middelen) profiteren juist van die koersdalingen, omdat ze meer aandelen voor hun geld krijgen.

Je kiest voor topfondsen om daar aan vast te houden. Niet voor eeuwig, maar wel voor lang. Een scherpe koersstijging is overigens eerder een reden om iets te doen (om winst te nemen) dan een koersdaling.

Die keuze voor vier Amerikaanse topfondsen, en het volgen van een voorbeeld lijkt te veel van het goede en daarom overbodig. Wie belegt in vier of vijf heel verschillende in Amsterdam genoteerde sterk internationale bedrijven spreidt voldoende en belegt in dezelfde soort bedrijven die Wall Street biedt. Je krijgt er als extra service bij dat 'onze' internationals hun valuta optimaal omrekenen naar guldens (straks euro's). De Amerikanen doen dat niet, hetgeen een koersvoordeel of -nadeel in kan houden.

Er speelt nog iets: de koersen lijken op dit moment aan de hoge kant. De portefeuille moet daarom met zorg worden opgebouwd, mogelijk in overleg met een beleggingsadviseur. De briefschrijver moet zich niet blind staren op de lage tarieven van beursorderlijnen en andere aanbieders. Die tarieven spelen op termijn gezien amper een rol. Je hebt meer aan een goed advies. Hier geldt: goedkoop is wellicht duurkoop. Misschien verdient een tegen weer-en-wind bestendige combinatie van aandelen met geschreven call-opties de voorkeur.

Dan die 15 procent netto. De laatst jaren halen enkele aandelen dat, maar of je dat over een periode van vijf jaar, tien jaar of langer haalt, hangt sterk af van de gekozen bedrijven. Dat moeten echte groeiers zijn. Ook daar kan een adviseur bij helpen.

En tot slot dat miljoen. In euro's komt dat ongeveer op de helft. Als de lezer zich nou eens richt op een vriendin met dezelfde doelgerichte aanpak, dan komen ze samen uit op een miljoen euro. Dit beursstel komt een heel eind.