Het nieuwe nee-denken op straat

De discussie over geweld op straat is opgelaaid. Straf is in, tolerantie is uit. PvdA en VVD pleitten onlangs voor zero tolerance, het direct optreden tegen kleine ontsporingen en onregelmatigheden. Het nieuwe nee-denken komt uit New York.

DEN HAAG, 14 MAART. Vier jongens rijden in een rode BMW langs twee Amsterdamse agenten te paard. Ze draaien het achterraam naar beneden. “Paardenlul.” Het viertal rijdt weer langs. “Paardenlul, krijg de kanker.” Even later staat de auto vast op een van de grachten. Daar wordt de man met de grootste mond ingerekend. Op het bureau zegt hij nog: “Sorry meneer, ik ben te ver gegaan.” Het mag niet baten.

“Met excuses hebben we weinig meer te maken”, zegt een woordvoerder van het politiekorps. De Amsterdamse politie is het zat: van fatsoen hebben sommige burgers nog nooit gehoord. Laat hen dat maar voelen, is de nieuwste gedachtengang. Het opsteken van een middelvinger naar de hoofdstedelijke politie kost tegenwoordig 250 gulden. Het uitschelden van een agent kost eveneens 250 gulden. Doet men het voor de tweede keer: 500 gulden. Doet men het voor de derde keer: een dagvaarding, al het berouw ten spijt.

Straf is in, tolerantie is uit. Bestrijding van relatief lichte vergrijpen vindt de Nederlandse bevolking heel belangrijk, blijkt uit onderzoek van het bureau Interview van begin deze maand. En na de dood van Meindert Tjoelker, vorig jaar in Leeuwarden tijdens een avondje stappen, is de discussie over geweld op straat in alle hevigheid opgelaaid. Tjoelker werd dood geschopt - even te voren had hij vier mannen gemaand geen fiets in het water te gooien.

De politie geeft graag gehoor aan de roep om een hardere benadering. “De straat moet weer van de mensen worden en niet van de man met de grootste smoel”, zegt de politiewoordvoerder. En er is een bijkomend 'voordeel': de agent op straat kan door harder op te treden zijn gezag terug winnen. “We moeten de hand ook in eigen boezem steken”, erkent de woordvoerder. Te lang heeft de politie van alles goed gevonden.

Ook de politici voegen zich naar de wensen van de burger. Minder criminaliteit, meer blauw op straat, betere leefbaarheid - het zijn verkiezingsitems bij uitstek. D66 pleitte enkele weken geleden voor veiligheidscontracten met de grote steden. Deze moeten dan geld krijgen in ruil voor afspraken over het terugdringen van onveiligheid en criminaliteit. Dezelfde dag pleitten PvdA en VVD voor zero tolerance, het direct optreden tegen kleine ontsporingen en onregelmatigheden.

Zero tolerance, het nieuwe nee-denken, komt uit New York. Het dient diverse doelen. Het moet van een van de gevaarlijkere hoofdsteden van de wereld weer een vriendelijk stad maken. Het moet ook criminele carrières in de knop knakken, want een minderjarige drugsrunner is in deze theorie de normloze crackdealer van morgen. Tegelijkertijd wordt de verpaupering van wijken aangepakt. Burgemeester Giuliani (Republikeinen) is met deze aanpak groot geworden. Het aantal moorden in New York is met zestig procent gedaald en inbraak, zakkenrollerij en autodiefstallen zijn met de helft gedaald.

De invoering van zero tolerance verloopt in Nederland niet zonder slag of stoot. Het vergt meer politie en/of toezichthouders op straat en dat kost geld. Na de reorganisatie van de politie klagen veel korpsbeheerders buiten de Randstad al over een tekort aan politiemensen. Ze zouden te veel agenten ten behoeve van het westen van Nederland hebben moeten inleveren.

Burgemeester J. Scholten van Arnhem zegt daarover: “Ik zou zero tolerance wel willen invoeren, maar ik heb onvoldoende agenten.” Moeten die agenten dan mensen bekeuren die door rood licht lopen of fietsen zonder een werkend achterlicht? “Ik heb bij het openbaar minsterie nog nooit een proces-verbaal gezien voor een kapot achterlichtje”, zegt Scholten ietwat gekscherend. En dan serieus: “Met te weinig agenten in Arnhem moeten we prioriteit geven aan het oplossen van de meest ernstige zaken, zoals een moord, een zedenzaak of een overval. Ik vind dat terecht.”

Rest nog een andere vraag. Zijn Nederlanders wel bereid aan zero tolerance mee te werken? Uit de enquête van Interview en het Algemeen Dagblad blijkt dat driekwart van de mensen positief staat tegenover de nul-tolerantie. Toch stak vorig jaar een storm van protest op tegen de behandeling van een 13-jarig meisje uit Huissen. Twee agenten zagen haar een snoeppapiertje op straat gooien. Veelvoorkomende criminaliteit, oordeelden ze. Het meisje moest vier uur werkstraf verrichten. En een 31-jarige man kreeg een boete van 200 gulden toen hij op een Amsterdams metrostation een leeg frisdrankblikje op de grond gooide.

“Zero tolerance geldt voor alle regelgeving. Elke regel moet worden gehandhaafd. Alleen over de aard van de sancties moeten we nog discussiëren”, zegt directeur A. van Hees van Halt Nederland, belast met alternatieve straffen voor jongeren. “Het karakter van de Nederlander is veranderd sinds de jaren vijftig”, stelt burgemeester Scholten. “We moeten niet enorm teleurgesteld zijn als zero tolerance niet haalbaar blijkt.”