Vermeende winst CDA op tv echoot na in kranten

Voor dit artikel zijn in de periode van 20 oktober 1997 tot en met 10 maart 1998 4.141 krantenartikelen uit de vijf grote landelijke dagbladen en televisie-items van de twee belangrijkste journaals geanalyseerd, die in totaal 13.066 zogeheten kernbeweringen bevatten. Daarvan waren 225 items met 737 kernbeweringen afkomstig uit de laatste week.

De Y-as in de grafiek geeft geeft weer hoe vaak een partij is genoemd in het nieuws, gewogen voor de richting van het nieuws (succes of falen).

De afgelopen week - van woensdag 4 maart, de dag van de gemeenteraadsverkiezingen, tot en met afgelopen dinsdag 10 maart - stond volledig in het teken van de raadsverkiezingen. Welke partij werd uitgeroepen als winnaar en welke als verliezer? De hoeveelheid 'horse-racenieuws' - het nieuws over voorspoed en tegenslag, over succes en falen en over winst en verlies - verdubbelde daarom in de afgelopen week vergeleken met de voorgaande periode. In de figuur is dit nieuws van week tot week weergegeven.

Aan de PvdA en de VVD is gemiddeld meer winst dan verlies toegeschreven in de afgelopen maanden. Het CDA speelde nauwelijks een rol. D66 werd een en andermaal als de grote verliezer afgeschilderd. Eind oktober beginnen de dagbladen te schrijven dat het slecht gaat met D66 - 'D66 weggevaagd in Drenthe' (Algemeen Dagblad, 30 oktober); 'D66 een partij in verval' (De Telegraaf, 7 november). In de verhitte weken voorafgaande aan het kerstreces maakt D66 nieuws met varkensbeleid - 'Knieval D66 over varkens' (De Telegraaf, 19 december); 'De nederlagen van D66' (hoofdredactioneel commentaar Algemeen Dagblad, 18 december). Begin januari 1998 wordt de aanstaande nederlaag van D66 een vast onderdeel van het nieuws - 'D66 keldert dramatisch in peiling' (De Telegraaf, 8 januari). In de afgelopen week bleek D66 inderdaad de grote verliezer - 'D66 bijna gehalveerd in gemeenteraden' (Trouw, 5 maart); 'D66 voelt zich verlaten en verdwaald' (de Volkskrant, 5 maart). D66 mag op grond van dit laatste nieuws gaan vrezen dat de volgende mokerslag van de kiezers nog harder zal aankomen. PvdA en VVD komen er beide relatief gunstig af.

Het meest opmerkelijke is echter dat afgaande op het nieuws van de afgelopen week het CDA als de grootste winnaar uit de bus komt. Hoe zat het ook al weer? De publieke omroepen hadden laten uitrekenen door bureau Inter/View hoe de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen zich verhielden tot de landelijke trend. Inter/View relateerde de uitkomsten van de raadsverkiezingen van 1998 aan de Tweede-Kamerverkiezingen van 1994, maar verrekende niet dat de opkomst bij raadsverkiezingen selectief lager is dan bij Tweede-Kamerverkiezingen. Uit deze 'landelijke stemtrend' kon het CDA gemakkelijk als winnaar naar voren komen: in de eerste plaats omdat de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen gerelateerd werd aan de Tweede-Kamerverkiezingen van 3 mei 1994 toen het CDA, ook vergeleken met de gemeenteraadsverkiezingen van 2 maart 1994, op een historisch dieptepunt stond, en in de tweede plaats omdat de lage opkomst bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1998 het CDA, met zijn vele oude getrouwe kiezers, het meest in de kaart speelde. Ferry Mingelen bombardeerde aan het begin van de tv-verkiezingsavond dan ook het CDA tot winnaar.

Het duurde anderhalf uur voordat de eerste politici - Bolkestein en Wallage - helder onder woorden brachten wat er mis was met de 'landelijke stemtrend'. Men zou verwachten dat de rol van de 'landelijke stemtrend' toen uitgespeeld was, maar niets bleek minder waar. Weliswaar verschenen in de ochtendbladen van de volgende dag kritische berichten - 'NOS zaait woede en verwarring bij partijen' (Trouw, 5 maart) - maar niettemin vormde de 'winst' van het CDA het openingsnieuws van de twee grootste landelijke dagbladen van Nederland - 'CDA telt weer mee' (De Telegraaf, 5 maart); 'Paars verbleekt bij herstel CDA' (Algemeen Dagblad, 5 maart) - hoewel het CDA objectief terugviel van 2.255 naar 2.163 gemeenteraadszetels. Misschien moeten we terug naar de befaamde experimenten van de sociaal-psycholoog Solomon Asch om de winst die aan het CDA werd toegeschreven te verklaren. Asch toonde aan dat het niet moeilijk is om proefpersonen achteraf ervan te overtuigen dat een aangehoorde spreker een leugenaar was. Niettemin bleken de proefpersonen van Asch nog lang na het experiment overtuigd van de waarheid van de uitspraken van de ontmaskerde leugenaar.