Twee keer Peter en de Wolf

Frank Groothof. Peter en de Wolf, Het Olifantje Babar (Vanguard Classics, 99191).

Paul de Leeuw vertelt Peter en de Wolf (Philips 462 197-2)

Sommige mensen noemen muziek een taal. Maar probeer maar eens met muziek te zeggen dat je zin hebt in een boterham. Je kunt het natuurlijk zingen, maar dan vertellen de woorden wat je bedoelt. Dus dat telt niet. Nee, alleen met bijvoorbeeld een gitaar of een piano zeggen dat je pindakaas op je boterham wilt, dat lukt nooit.

Toch kun je met muziek wel iets uitbeelden. Niet voor niets hoor je op de televisie bijna altijd muziek als het heel spannend gaat worden. Eigenlijk zegt de muziek dan dus: pas op, nu wordt het eng. Zo kan muziek ook laten horen dat iets verdrietig is, of juist heel vrolijk.

De Russische componist Sergej Prokofjev heeft in Peter en de Wolf muziek gebruikt om een verhaal uit te beelden, net als in een film. Het is de geschiedenis van Peter en zijn vrienden: de poes, het vogeltje en de eend die lastig worden gevallen door een gevaarlijke wolf. Verder doen er in het verhaal jagers mee en Peters opa.

Iemand leest het verhaal voor en tussendoor klinkt er muziek die precies past bij wat er gebeurt. Bij alle dieren en mensen in het verhaal hoort een instrument. De vogel wordt natuurlijk gespeeld door de fluit. Het geluid van de hobo lijkt het meest op een kwakende eend. Opa is een brompot, net als de fagot. En het miauwen van de poes klinkt wel een beetje zoals de klarinet. En Peter, dat vrolijke jochie, heeft een mooie melodie op de violen. En drie krachtige hoorns worden samen gebruikt voor de gevaarlijke wolf.

Dus als de eend en het vogeltje samen kibbelen hoor je muziek waarin de fluit en de hobo om het hardst proberen zich te laten horen. En als opa vindt dat Peter snel thuis moet komen, hoor je de fagot en de violen. Het gekke is dat het lijkt alsof de muziek precies vertelt wat er gebeurt. Maar dat is niet echt zo. Want wat zou er gebeuren als die verteller vanaf het begin zijn mond hield? Dan hoor je muziek die wel heel mooi klinkt maar die eigenlijk nergens over gaat.

Vlak na elkaar zijn twee uitvoeringen met het verhaal van Peter en de Wolf op cd uitgekomen. Op de ene wordt het verhaal verteld door Paul de Leeuw en gespeeld door het Rotterdams Philharmonisch Orkest, op de andere door Frank Groothof (van Sesamstraat) en het Residentie Orkest. De muziek is natuurlijk precies hetzelfde, want die heeft Prokofjev in 1936 opgeschreven, al vind ik de manier waarop het Rotterdamse orkest speelt iets mooier en duidelijker. Het lijkt wel alsof het verhaal daardoor soms nog spannender wordt.

De manier waarop het verhaal wordt voorgelezen verschilt wel een beetje. Paul de Leeuw doet dat woester en soms juist lolliger, Frank Groothof vertelt rustiger. Het hangt er maar van af van wie je het meest een fan bent. Het leuke van de cd van Paul de Leeuw is, dat die in een boekje zit, waarin je het verhaal kunt meelezen. Maar het voordeel van die andere cd is, dat er ook een tweede 'muziekverhaal' op staat, over Het Olifantje Babar. Daarvoor schreef de Franse componist Francis Poulenc op dezelfde manier muziek als Prokofjev, alleen ruim tien jaar later. Dat verhaal is misschien iets kinderachtiger, maar de muziek is zeker zo mooi.