'Toezicht effectenhandel strijdig met rechtsstaat'

ROTTERDAM, 12 MAART De voorstellen van de ministers Zalm (Financiën) en Sorgdrager (Justitie) voor een strenger toezicht op het effectenverkeer om handel met voorkennis te voorkomen zijn in strijd met de principes van de moderne rechtsstaat.

Dit betoogde mr J.H.M. Willems, voorzitter van de Amsterdamse Ondernemingskamer gisteren op een congres in de hoofdstad. De kabinetsvoorstellen tasten volgens hem de rechtspositie van banken en commissionairs aan omdat ze gedwongen kunnen worden mee te werken aan hun eigen veroordeling. Zowel in het Nederlandse als in het Europese recht is vastgelegd dat dit niet mag, aldus Willems.

Volgende week debatteert de Tweede Kamer met de ministers over hun 'Integriteitsnota' waarin zij een nauwe samenwerking bepleiten tussen toezichthouders op de beurshandel, opsporingsinstanties als de Economische Controledienst en het Openbaar Ministerie. Daarin is de afbakening tussen controle en toezicht enerzijds en strafrechtelijk onderzoek anderzijds slecht geregeld, vindt Willems.

Woordvoerster Anita Berndsen van de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE)bevestigt dat de afbakening van taken en de grens tussen administratief- en strafrecht in de voorstellen “onduidelijk” is, ook waar het gaat om het opleggen van boetes en dwangsommen.