Prognose OESO wijkt af; CPB: groei van economie remt af in '99

DEN HAAG/ROTTERDAM, 12 MAART. De groei van de Nederlandse economie zal volgend jaar “duidelijk” vertragen, onder meer doordat de lasten met twee miljard gulden zullen toenemen. Deze groeivertraging maakt dat het aantal nieuwe banen in 1999 (100.000) lager zal zijn dan dit jaar (150.000).

Dit schrijft het Centraal Plan Bureau (CPB) in het nog vertrouwelijke Centraal Economisch Plan 1998, dat volgende maand verschijnt. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) verwacht in tegenstelling tot het CPB dat de economische groei in Nederland zowel in 1998 als in 1999 op het hoge peil van 3,75 procent blijft, en waarschuwt voor een “oververhitting” van de economie. De OESO spreekt die verwachting uit in een vanmiddag gepubliceerd jaarlijks rapport over Nederland.

Het CPB verwacht echter dat de groei in 1999, na 3,75 procent in 1998, op rond 3 procent zal liggen, en benadrukt dat de onzekerheid over deze raming naar verhouding groot is en een “substantieel neerwaarts risico behelst”. Onder deze risico's rekent het CPB de crisis in Azië, waarvan de gevolgen, “de diepgang en de omvang” nog lang niet duidelijk zijn.

De Nederlandse economie verkeert op dit moment in een hoogconjunctuur en loopt voor op de andere continentaal-Europese landen. Vermogenswinsten die veel Nederlanders hebben geboekt door de waardestijging van hun huis of beleggingsportefeuille hebben de bestedingen opgestuwd.

Volgend jaar verzwakken volgens het CPB deze groei-impulsen, doordat de vermogenseffecten “geleidelijk wegebben” en de lasten zwaarder worden. De lastenverzwaring van twee miljard gulden is het gevolg van overschrijdingen in de gezondheidszorg, die een premieverhoging noodzakelijk maken, en van het wegwerken van resterende tekorten bij sociale fondsen. Afgelopen kabinetsperiode zijn de lasten juist met in totaal 18 miljard gulden gedaald.

Het wegwerken van de tekorten bij de sociale fondsen heeft wel een gunstige uitwerking op het EMU-tekort, dat in 1999 volgens het CPB uitkomt op 1,3 procent van het bruto binnenlands produkt (bbp). Voor dit jaar verwacht het CPB een tekort van 2,1 procent, aanmerkelijk hoger dan vorig jaar november werd voorspeld. Deze tegenvaller wijt het CPB aan de overschrijding van de uitgaven met 2,5 miljard gulden (ook door de kosten van de zorg) en de 850 miljoen gulden die onlangs zijn uitgetrokken om de koopkracht van met name oudereren te laten stijgen.

De inflatie blijft volgens het CPB laag, dankzij de scherpe internationale concurrentie, de deregulering en de nieuwe mededingingswet. Voor dit jaar wordt mede dankzij de goedkopere import uit Azië gerekend op 2 procent, terwijl voor 1999 een inflatie van 1,75 procent wordt voorzien. De inflatie kan nog lager uitvallen als de olieprijs verder zakt.

De OESO gaat in tegenstelling tot het CPB uit van een aanhoudend snelle groei, en ziet de inflatie toenemen tot 2,5 procent in 1999. Waar bij het CPB het werkloosheidspercentage daalt tot 5,25 procent, ziet de OESO de werkloosheid veel sterker afnemen, tot 4,5 procent.

Omdat er geen zelfstandig Nederlands rentebeleid meer kan worden gevoerd om de snel groeiende economie af te remmen, raadt de OESO de Nederlandse regering aan om oververhitting van de economie tegen te gaan met een terughoudend begrotingsbeleid.