Wie is asociaal, wie niet?

Wat een verkiezingsperiode al niet vermag: premier Kok himself verscheen plechtig in KRO's Aso show om Anita Witzier te feliciteren met de vijftigste uitzending. Een programma met een belangrijk thema, vond de premier, namelijk: 'normen en waarden'.

Het is de nationale toverformule geworden. Wie tegenwoordig een beetje aardig wil meekomen, doet er goed aan van de daken te roepen dat 'normen en waarden' hem aan het hart gebakken zijn. Welke? Dat doet er niet zoveel toe - het gaat vooral om het gebaar.

Ook bij de Aso show is mij niet altijd duidelijk welke normen en waarden nu precies gepropageerd worden. We zien in het programma veel voorbeelden van asociaal gedrag, vooral van een acteur-provocateur. Hij stoort bijvoorbeeld mensen die in een cd-winkel naar muziek proberen te luisteren. De meeste mensen blijven daar tamelijk gelaten onder. Geschift, hoor je ze denken.

Wat wil de Aso Show nu? Dat we die man proberen te begrijpen en een praatje met hem aanknopen? Dat we hem ontlopen? Of dat we hem een grote bek geven? Ik denk het laatste. Want de Aso show tendeert vooral naar een soort assertiviteitstraining, zoals Stephan Sanders onlangs terecht in Het blauwe licht opmerkte.

Bij de Aso show lijken ze zich niet bewust te zijn van de dubbelzinnigheid van veel van hun voorbeelden. Neem die meneer die zogenaamd op sollicitatiebezoek moet en in de auto chocolademelk over zijn broek morst. Hij belt overal aan: heeft u misschien een broek voor mij, want ik moet straks solliciteren? Sommige mensen lieten hem binnen, sommigen (vooral vrouwen) scheepten hem af.

Wat wil de Aso show hiermee zeggen? Wie is er asociaal? De vragende man, de schrikachtige mensen-in-de-deuropening? Niemand, volgens mij. Ik had bewondering voor de mensen die hem genereus hielpen, maar juist zij kregen een standje van het vaste panellid: hij vond hen maar naïef.

De Aso show is overtuigender als hij zo sec mogelijk sociaal gedrag registreert. Fascinerend was het experiment met de fietsendief. Hij vraagt mensen hem te helpen bij het openbreken van fietssloten op straat. Zolang hij een smoezelige spijkerbroek en gympies draagt, wimpelt bijna iedereen het verzoek haastig af, maar zodra hij zich in een keurig kostuum hult, verleent men hem gedwee de helpende hand. De mens is au fond een gezagsgetrouw dier.

We konden gisteravond voorlopig afscheid nemen van Oud geld, de dramaserie van de AVRO. Vanaf volgend jaar januari volgen er nog eens tien delen. Ik zal dan niet meer kijken, het is welletjes geweest. Ik heb tien uur van mijn leven aan de familie Bussink gegeven, en ik vrees dat het niets heeft geholpen. In de volgende reeks zal pa blijven ouwehoeren over zijn bank, Pup maakt het weer uit met Erik (in de allerlaatste aflevering komt het overigens toch nog goed), Kiet herstelt moeizaam van zijn auto-ongeluk en begint een relatie met die vrouwelijke commissaris, en Ole stort zich in een nieuw zakelijk avontuur.

Oud geld was geen slechte serie, hij was alleen niet goed genoeg. Technisch zat het goed in elkaar - professionele regie, prima acteurs - maar ik wil een verhaal dat me meesleept en overtuigt. 'Karakters' alléén zijn voor mij niet voldoende, zeker niet als ze zich hoofdzakelijk bezighouden met het relationele geneuzel dat we uit de doorsnee-soap kennen. En het verdriet om Max, de gestorven zoon, zullen de fans mij tegenwerpen, was dat dan niet ontroerend? Ik moet bekennen dat ik het een paar pondjes verdriet te veel vond.

Ik raakte gisteren meer ontroerd door Kees Momma, de autist aan wie Monique Nolte voor de NPS een schitterend portret wijdde. Ik heb Kees en zijn ouders enkele jaren geleden voor deze krant geïnterviewd. Dat was een aangrijpende ervaring: te zien hoe dit gezin het psychische manco van Kees in het dagelijkse bestaan heeft ingebed.

Nolte volgde Kees thuis en op reis, we zagen hem worstelen met zijn obsessies en fobieën ('die teringherrie!') en we hoopten ten slotte mét Kees dat zijn ouders nog heel lang blijven leven, want zij zijn de enigen die hem kunnen en willen begrijpen. Sociale mensen dus.