Soeharto kondigt zware tijden aan

JAKARTA, 11 MAART. De Indonesische president Soeharto is vanochtend beëdigd voor een zevende termijn van vijf jaar.

De president zei in een vijftien minuten durende toespraak dat zijn land “nooit meer een zelfde economische groei zal meemaken als in de afgelopen kwart eeuw”. “Als natie zullen we de buikriem moeten aanhalen,” aldus Soeharto. Hij benadrukte dat hij over vijf jaar verantwoording wil afleggen voor het door hem gevoerde beleid. Dat was opmerkelijk omdat tot nu toe in brede kring werd aangenomen dat de oud-generaal halverwege de komende ambtstermijn zou willen terugtreden.

Tijdens de plechtigheid vanochtend in het gebouw van het Volkscongres in Jakarta, demonstreerden duizenden studenten in de Midden-Javaanse stad Yogyakarta tegen de regering-Soeharto. Het verbod op samenscholing en demonstratie negerend, verlieten de studenten de campus. In de straten buiten het universiteitsterrein werd om het aftreden van Soeharto geroepen. Een afbeelding van de president werd verbrand. De aanwezige veiligheidstroepen grepen niet in. Bij een studentendemonstratie in Surabaya raakten tien studenten licht gewond toen zij probeerden door een cordon van militairen en politiemensen te breken.

Soeharto kwam in zijn toespraak niet met mogelijke oplossingen voor de financiële crisis waarmee zijn land kampt. Algemeen werd verwacht dat de president maatregelen bekend zou maken om de crisis te lijf te gaan. Vooral nadat zijn zoon Bambang Trihadmodjo afgelopen zondag had verklaard dat Soeharto na zijn herbenoeming zou overgaan tot het instellen van de omstreden currency board. Dit beleidsinstrument, waarbij de roepia kunstmatig wordt vastgezet op een koers van 5000 tegen de dollar, heeft voor een diep verschil van mening gezorgd tussen Jakarta aan de ene kant en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de VS en andere Westerse landen aan de andere kant.

Gisteren evenwel maakte IMF-onderdirecteur Stanley Fischer bekend dat het IMF zich soepel wil opstellen ten opzichte van Indonesië. Het IMF zou bezig zijn te onderzoeken of er manieren zijn de pijn te verzachten voor de armen van Indonesië, die geconfronteerd worden met forse prijsstijgingen van de eerste levensbehoeften. Vorige week vrijdag deelde het IMF mee dat zij een beslissing over de toekenning van een volgende tranche van drie miljard dollar voor Indonesië had uitgesteld. Het IMF heeft de indruk gekregen dat Soeharto zich niet houdt aan de overeengekomen hervormingsmaatregelen in ruil voor een hulppakket van in totaal 43 miljard dollar.

Van Indonesische zijde werd gisteren bekend gemaakt dat een team economische specialisten volgende week naar Washington zal afreizen om de gerezen problemen daar te bespreken met het IMF en met vertegenwoordigers van de Amerikaanse regering. De Indonesische directeur-generaal voor de belastingen, Fuad Bawazier, die wordt genoemd als de volgende minister van Financiën, zei gisteren op een persconferentie dat het team zal worden aangevoerd door de belangrijkste financieel adviseur van Soeharto, Widjojo Nitisastro. Volgens diplomatieke bronnen echter is noch de Amerikaanse regering noch het IMF officieel op te hoogte gebracht van het voorgenomen bezoek.

Vanmiddag zou het Volkscongres minister B.J. Habibie van Onderzoek en Technologie benoemen tot nieuwe vice-president. Waarnemers verwachten dat hij veel meer dan zijn voorgangers een politiek inhoudeljke rol zal gaan spelen. Geschat wordt dat president Soeharto (76) een aantal taken zal afstoten naar zijn vertrouweling Habibie, die zo een functie krijgt die meer lijkt op die van minister-president.

Inwoners van Jakarta reageerden vandaag laconiek over de herbenoeming van hun president voor de zevende keer. Een werknemer bij een pompstation zei niet anders te verwachten. “Het zou beter zijn als het land niet werd geregeerd door een paar rijke families. De gewone man moet ook mee mogen doen. Er moet een betere mix zijn.”

Twee bedienden van een Sumatraans eethuis haalden alleen maar hun schouders op. Een taxi-chaufeur zei dat de gewone mensen (orang kecil) massaal de straat op willen om Soeharto af te zetten. “Maar ze durven niet als eerste te beginnen. Als de studenten de straat opgaan, volgt de kleine man ook. Let maar op.”

De afkeer van de president wordt nog het meest verstopt in grapjes. Een luidt: Een vrouw staat lang in de rij voor olie. Uit boosheid roept ze: “Ik kan die ouwe wel doodschieten”. Een agent hoort haar en geeft zijn geweer af. “Doe maar.” De vrouw vertrekt en keert twee uur later terug. “En?” vraagt de agent, heeft u hem doodgeschoten?” “Welnee,” zegt de vrouw. “Bij het paleis stond nog een veel langere rij.”