Politie houdt Taartman aan om jarenlange hasjhandel

AMSTERDAM, 11 MAART. Op verdenking van jarenlange en grootschalige handel in hasj heeft het landelijk rechercheteam (LRT) gisteren de 57-jarige Amsterdamse banketbakker A.C. aangehouden.

De verdachte, eigenaar van een paar goed lopende Amsterdamse banketzaken, speelt onder de codenaam Taartman een prominente rol in de IRT-dossiers. A.C. was de eerste verdachte tegen wie het zogeheten koningskoppel van de Haarlemse recherche, Langendoen en Van Vondel, in 1991 een infiltratie-onderzoek begon. Via deze methode importeerde de politie voor het IRT-rechercheteam honderdduizenden kilo's softdrugs. Taartman werd ondanks vele onderzoeken om onduidelijke reden nooit aangehouden.

Het landelijk bureau van het OM verdenkt A.C. ervan samen met twee Nederlanders en een gisteren eveneens aangehouden Surinamer sinds 1993 hasj te hebben geïmporteerd. Er is op tien plekken huiszoeking gedaan, onder meer in Spanje (een villa van A.C.) en in Luxemburg (financieel onderzoek).

Volgens justitie op Sri Lanka is A.C. de organisator van een transport van 10.150 kilo hasj dat in december 1996 daar voor de kust werd onderschept. Volgens de Nederlandse politie heeft A.C. via Sri Lanka verschillende containers verscheept.

A.C. was sinds twee maanden weer op vrije voeten. Vorig jaar werd hij door de politie van Gent gearresteerd omdat hij ook zou zijn betrokken bij de invoer van 1.100 kilo cocaïne via Venezuela en België. De rijkswacht in Gent en de Haarlemse CID-officier van justitie Snijders onderzoeken in hoeverre A.C. - samen met anderen - drugslijnen exploiteerde die in de IRT-periode zijn opgezet.

De banketbakker zal volgens Belgische bronnen dit najaar voor de rechtbank in Gent terecht moeten staan. Hij riskeert een straf van tien jaar cel. De Nederlandse strafzaak wegens hasjhandel zal voor de rechtbank in Amsterdam dienen.