Filmer en fotograaf Johan van der Keuken exposeert in De Balie; Monteren in de ruimte

Johan van der Keukens nieuwe, op video gedraaide film Laatste woorden, die zondag uitgezonden wordt door de VPRO, is ook een klein onderdeel van een expositie en een retrospectief in De Balie te Amsterdam.

Theater van de nieuwsberichten #7. Lichaam & stad. Johan van der Keuken in samenwerking met Jeroen de Vries. 13 maart t/m 9 april. De Balie, Kleine Gartmanplantsoen 10, Amsterdam, 020-5535100. Voorstelling: Laatste Woorden - Mijn zusje Joke (1935-1997) dag. 15.00, 17.00 en 19.00u. Dezelfde film wordt uitgezonden op zo 15 maart, Nederland 3, 21.38-22.33u. Overige filmvertoningen zie folder. Info: http://www.balie.nl en http://www.euronet.nl/users/bigpete.

Het lijkt wel een reusachtige spin: acht grillige poten grijpen in het lege. Dit insect van staal en gaas weeft een web van filmbeelden. Het is een van de acht installaties die deel uitmaken van de expositie Lichaam & Stad in de Amsterdamse Balie en waar cineast en fotograaf Johan van der Keuken in samenwerking met ontwerper Jeroen de Vries zijn imaginaire 'global village' heeft tentoongesteld. De expositie wordt geafficheerd als onderdeel van het 'Theater van de Nieuwsberichten', een inventieve en brutale programmareeks waarin wisselende gastcuratoren gedurende een weekeinde het 'verhaal van hun leven' kunnen vertellen. Schrijvers als K. Schippers, Adriaan van Dis en Dirk van Weelden gingen hem voor, maar het weekeinde van Van der Keuken groeide al snel uit tot een vier weken durend retrospectief op zijn cinematografische werk, een selectie uit zijn fotografische oeuvre, de vertoning van een nieuwe documentaire (Laatste woorden - Mijn zusje Joke) en een aantal installaties die de wisselwerking en de grenzen van fotografie en film, bewegend en bevroren beeld beproeven. Daarom zijn op die acht staketsels die uit het 'Centrale Lichaam' steken, zoals de installatie heet die vanuit het midden van de foyer tot ver in de nok reikt, videoschermen gemonteerd die doorlopende loops vertonen van een schietpartij in Sarajevo, een taxirit in New York en de keurig gekleurde portretten uit de etalage van Fotostudio To Sang in de Amsterdamse Pijp. Beelden die weer naar andere beelden in Van der Keukens oeuvre verwijzen, zoals Sarajevo Film Festival Film (op een monitor te zien) of zijn magnum opus Amsterdam Global Village en het appendix daarop To Sang Fotostudio. Het ziet er spectaculair uit: de hele Balie zindert van de beelden die je oog doen zappen van Amsterdam naar Bolivia, van haarscherpe portretten naar meervoudig belichte straattaferelen.

Doordat het 'Centrale Lichaam' van de tentoonstelling zijn tentakels uitsteekt naar alle er omheen gegroepeerde installaties en foto-opstellingen expliciteert Jeroen de Vries het verband tussen het fotografische en het filmische werk van Van der Keuken. Maar door dit in de ruimte in plaats van in de tijd te monteren (zoals in een film) ontdoet hij het van zijn strengheid. De samenwerking tussen de beide kunstenaars dateert uit 1993, toen De Vries tekende voor het ontwerp van de expositie Johan van der Keuken, fotograaf en filmer in het Amsterdams Historisch Museum. De installatie 'India/ Montage en demontage' (onder de trap in de foyer), waarin een sequentie uit de film Het oog boven de put uiteengerafeld wordt, stamt uit die periode. Ook 'Bolivia/ Een dag in La Paz/ Het gewicht van de bergen' (naar een ontwerp van Kees Nieuwenhuijzen, in de entree van de Balie) was al eerder te zien in het Stedelijk Museum. Nieuw is bijvoorbeeld de serie die Van der Keuken in New York maakte (een van zijn weinige uitstapjes naar kleur in zijn fotografische werk), prachtige massieve rode, blauwe en gele achtergronden blijken akelig streng gesloten rolluiken die “de stad tegen haar bewoners moeten beschermen”, zoals in de catalogus staat te lezen.

In de nok van het gebouw wordt op een tiental ronde schermen een erotische film vertoond. Je vermoedt dat hij zeer expliciet is, op de grens van het pornografische, maar door z'n wazigheid en onscherpte blijft hij ook erg privé: eigenlijk zie je niets echt, behalve de ringen, horloges en sieraden die de lichamen van de vrijende mensen op een klinische manier identificeren. Dit spel met beeld en on-beeld dat de verwachtingspatronen van de toeschouwer attaqueert is vaak de kracht van Van der Keukens werk, maar hier, in een minder geslaagd werkstuk, doet het intellectualistisch en willekeurig aan.

Als sluitstuk van de excursie door dit karakteristieke Van der Keuken-universum wordt driemaal per dag de film Laatste woorden - Mijn zusje Joke vertoond, een portret dat hij van zijn vorig jaar aan kanker overleden zuster maakte. Het is een persoonlijk document, dat bijna vijftig minuten lang angstvallig dicht op de grens van een familiefilmpje balanceert. De filmmaker en zijn geluidsvrouw-die-zijn-echtgenote-is, zijn nadrukkelijk aanwezig op de geluidsband als gesprekspartners en slaken vaak tegelijkertijd kreten van verbazing of instemming. Het grootste gedeelte van de film bestaat uit onopgesmukte, bijna a-esthetische close-ups van de zuster van de regisseur die dapper vertelt over haar aftakeling. Haar verzoening met de dood is de voornaamste verhaallijn, al worden er regelmatig uitstapjes gemaakt naar anekdotes en herinneringen die voor Johan van der Keuken vast van erg veel betekenis zijn, maar voor de niet-ingewijde toeschouwer zelden de grens van het exclusief persoonlijke ontstijgen. Dat maakt dat je de film met een wonderlijke mengeling van afgrijzen en ontroering aanziet. Waarom zit je in godsnaam naar deze stervende vrouw te kijken? Het is begrijpelijk dat haar broer naar haar wil kijken, haar voor een laatste keer wil bekijken, tot aan haar doodsmasker toe. Maar waarom wil de cineast dat wij naar zijn stervende zuster kijken? Het is maar zeer de vraag of de ontroering die je aan het einde van de film voelt echt de verdienste van de filmmaker en zijn film is, of wordt veroorzaakt door het feit dat de dood en daarmee het besef van je eigen sterfelijkheid uiteindelijk niemand onaangedaan laten.