Zingende bonenstaak

Concert: James Taylor. Gehoord: 9/3 Carré, Amsterdam.

'Na dit nummer is het pauze; een onderdeel van de show dat we zorgvuldig gerepeteerd hebben.' Het zou misschien een leuke grap zijn, als James Taylor hem niet al vijf jaar geleden op zijn live-album verteld zou hebben. Nu de aartsvader van alle singer/songwriters overmorgen zijn vijftigste verjaardag viert, hoeft er geen muzikale revolutie meer van hem verwacht te worden. Toch bevat zijn laatste album Hourglass weer enkele juweeltjes van volwassen bespiegeling en neuzelt zijn donkergrijze stem nog net zo mooi als dertig jaar geleden, toen hij debuteerde op het Apple-label van The Beatles.

Voor een welwillend publiek in een vol Carré liet de zingende bonenstaak nog eens alle hoogtepunten uit de afgelopen dertig jaar passeren, om te beginnen met Something in the way she moves dat verdacht veel lijkt op Something van The Beatles. That's why I'm here met de intrigerende woorden 'John's gone / found dead / later said to have drowned in his bed' droeg Taylor op aan zijn dode vriend John Belushi. De succesnummers Fire and rain en het van Carole King geleende You've got a friend speelde hij pas nadat er eerst recentere 'shit' gespeeld werd, aldus de kalende zanger die met zijn lied over de tragiek van Richard Nixon liet horen dat hij nog wel degelijk in staat is een aangrijpende songtekst te bedenken.

Met zijn statige gestalte had James Taylor iets van een oudere staatsman, die al zingend wijsheden debiteerde over de zin van het leven: 'The secret of life is enjoying the passing of time.' Tussen alle serene ballades vond hij het soms nodig om zijn bandleden met houterige danspassen aan te sporen tot een iets hoger tempo, voor een onbeholpen poging tot rock'n'roll of de namaak-calypso van Mexico. Het waren de zwakste momenten, net zoals Taylor zijn eigen Steamroller blues nooit de drive heeft kunnen meegeven die Elvis Presley eraan gaf. Eigenlijk kan hij die drummer met zijn kwastjes en bongo's, de bassist met zwapperende paardestaart en de toetsenman met zijn ingeblikte blokfluitjes missen als kiespijn. Tenslotte klonk niets zo hartverwarmend als het ouderwets sobere en alleen op akoestische gitaar gespeelde Sweet baby James, een lied waarin de jaren zeventig nooit voorbij zullen gaan.