Uitgevers schatten spel van Europees Commissaris verkeerd in; Spook van Van Miert nekt fusie

Euro-Commissaris Van Miert heeft effectief een wig weten te drijven tussen Reed Elsevier en Wolters Kluwer. “Het hele sfeertje, de hele toonzetting was van: jullie worden te groot”.

AMSTERDAM, 10 MAART. Het zaaltje in Brussel was al gereserveerd, de koffie besteld. Vandaag en morgen mochten klanten en concurrenten van Wolters Kluwer en Reed Elsevier tijdens door Europees Commissaris Van Miert georganiseerde hoorzittingen mondeling hun beklag doen over de voorgenomen fusie tussen beide uitgevers.

Iedereen kan nu worden afgebeld. De fusie die zou moeten leiden tot de grootste uitgever van professionele en wetenschappelijke informatie ter wereld is gisteren afgeblazen. Onder druk van eigen beloften aan aandeelhouders wilde Wolters Kluwer de onderhandelingen met de partner heropenen om meer uit de deal te kunnen slepen. Reed Elsevier zag daarin geen heil.

“Een complex van factoren” heeft geleid tot de beslissing. Sinds bestuursvoorzitter Cor Brakel van Wolters Kluwer en Herman Bruggink van Reed Elsevier op 13 oktober de oprichting van hun gezamenlijke top-uitgever aankondigden, zijn de perspectieven gaan schuiven. Zo steeg de koers van het aandeel Wolters Kluwer op de beurs veel harder dan die van Reed Elsevier. Zoiets betekent dat er spanning komt te staan op de afgesproken financiële verhoudingen tussen twee fuserende ondernemingen. Maar het zijn risico's die bij dergelijke projecten doorgaans worden ingecalculeerd.

Ook interne weerstand heeft het fusieproces er niet eenvoudiger op gemaakt. Zo waarschuwde bestuursvoorzitter Hugh Yarrington van de Amerikaanse Wolters-dochter CCH in een vraaggesprek met deze krant voor te nauwe samenwerking tussen zijn bedrijf en Elsevier-dochter Lexis-Nexis. Een hard gevecht met de overgebleven concurrentie zou bovendien in zijn ogen de klanten kunnen afschrikken.

Het grootste obstakel vormde volgens betrokkenen echter het spook van Van Miert, de Europees Commissaris van mededinging die - net als overigens Amerikaanse antitrust-autoriteiten - onderzoek deed naar de fusieplannen om uit te zoeken of er wel voldoende concurrentie overbleef. De afgelopen maanden hielden beide ondernemingen vol dat alles volgens verwachting verliep en dat niet al te grote ingrepen nodig zouden zijn om Van Miert tevreden te stellen. De Commissaris heeft namelijk de mogelijkheid eisen te stellen aan een fusie alvorens toestemming te verlenen.

Die optimistische uitlatingen blijken achteraf mooi-weerpraatjes te zijn geweest. Van Miert heeft in de tussentijd effectief een wig weten te drijven tussen beide partijen. Twee weken geleden stuurde de Commissaris een zogeheten statement of objections naar de betrokkenen waarin hij een aantal gebieden identificeerde waar hij op voorhand vond dat de nieuwe combinatie te machtig zou worden. “Daarin waren ze niet erg toeschietelijk”, zegt drs. R. Pieterse, bestuurder van Wolters Kluwer. De voorlopige bezwaren die Van Miert in december al kenbaar maakte bleven in grote lijnen overeind. “Het hele sfeertje, de hele toonzetting was van: jullie worden te groot”.

Van Miert wees op de wereldmarkt voor wetenschappelijke uitgaven, waar de 1200 titels van Elsevier Science dreigden te worden aangevuld met de 300 uitgaven van Wolters Kluwer. Zeker via het nieuwe elektronische on-line systeem Science Direct zou dat een bijzondere dominantie opleveren. Problemen waren er op de Britse markt voor educatieve uitgaven. Daar zouden Henemann en Ginn van Reed Elsevier tezamen met Wayland van Wolters Kluwer verreweg de grootste leverancier worden van boeken voor basis- en voortgezet onderwijs.

In Nederland legde Van Miert de vinger op de zere plek van woordenboeken waarin de combinatie dominant zou worden. En ook de buitengewoon diverse markt voor vaktijdschriften (onder meer in de bouw- en transportsector) leidde in Brussel tot ernstige vragen.

Dit alles zou nog te overzien zijn geweest, als Van Miert niet zulke sterke bezwaren geopperd had tegen de positie in juridische en fiscale uitgaves - met name in Groot-Brittannië en Nederland, het kernterrein van vooral Wolters Kluwer. Bovendien gelden beide landen als de thuisbases van de ondernemingen. Volgens bestuurder P. Vlek van Reed Elsevier is dat “altijd lastig”. Het complex van vragen kreeg nog eens een extra lading in dit tijdperk van elektronische informatievoorziening. Doordat Wolters en Elsevier al deze informatie via bijvoorbeeld de Amerikaanse databank Lexis-Nexis elektronisch beschikbaar konden maken, zouden de overgebleven concurrenten die voorsprong wellicht nooit meer goed kunnen maken.

Merkwaardig blijft dat beide partijen de problemen zo uiteenlopend interpreteren. Reed Elsevier wilde de strijd met Van Miert wel aan. Maar Wolters Kluwer zag de bui al hangen en vreesde een grote gedwongen uitverkoop van bedrijfsonderdelen. Daardoor zouden allerlei fusievoordelen, zoals kostenbesparingen, niet worden geïnd. Bovendien zou de verkoop van activiteiten veel geld opleveren dat voorlopig alleen tegen een lage rente op de bank kon worden gezet en zo te weinig rendement zou opleveren. De belofte van Wolters Kluwer dat aandeelhouders elk jaar 15 procent van groei konden verwachten kwam daarmee in gevaar. “Reed Elevier heeft zulke strakke beloftes niet gedaan”, zegt Pieterse.

Die verklaring overtuigt niet geheel. Harde financiële voorspellingen heeft Wolters Kluwer altijd geuit. Toen het bedrijf drie jaar geleden het Amerikaanse CCH overnam, werd de toenmalige belofte net zo makkelijk herroepen en werd aandeelhouders een jaar van stagnerende groei voorgehouden.

De grootste vraag blijft hoe de ondernemingen het spel met Van Miert zo verkeerd hebben kunnen inschatten. Nu moeten beide uitgevers weer op eigen kracht verder in een tijd dat megafusies die wel slagen aan de orde van de dag zijn. Pieterse zegt zich echter geen zorgen te maken: “Ik ga weer boekjes verkopen”.

    • Jaco Alberts