Harpiste Wentink maakt na winnen concours eerst school af; 'Ik heb een uitgesproken stijl'

Gwyneth Wentink was vier toen ze besloot harpiste te worden. Onlangs won ze, zestien jaar oud, het prestigieuze Internationale Harp Concours in Tel Aviv. Binnenkort is ze te horen in Rotterdam en Amsterdam. “Ik vind muziek iets van jezelf.”

GORINCHEM, 10 MAART. Zestien jaar is ze en haar prijzenkast is al zo vol als die van een topsporter. Maar sporten is er niet bij voor Gwyneth Wentink, wegens het risico voor haar handen. Gwyneth speelt harp en wel met zo veel talent dat ze op concoursen met regelmaat in de prijzen valt. Na haar laatste succes vorige maand in Tel Aviv is haar ouderlijk huis in Gorinchem één bloemenzee: huldeblijken van vrienden, school, gemeente, collega-harpisten en andere bewonderaars. In Israel won Gwyneth het dertiende Internationale Harp Concours. Ze is de jongste winnares van dit prestigieuze driejaarlijkse evenement, waaraan harpisten tot 35 jaar meedoen.

Met een repertoire van elf composities van vroeg-klassiek tot hedendaags moest ze het opnemen tegen ruim dertig collega's uit twintig landen. In de finale versloeg ze, begeleid door het Israelisch Filharmonisch Orkest, haar laatste twee overgebleven concurrenten met het Concert voor harp en orkest, een hedendaagse compositie van R. Murray-Schafer. Dit stuk zal zij op 15 en 16 maart herhalen in respectievelijk Amsterdam en Utrecht, dan met het Symfonieorkest Utrechts Conservatorium.

Als VIP vloog ze uit Tel Aviv terug met de KLM, maar de volgende dag gespte ze gewoon haar rugzakje weer aan om naar school te fietsen. “Over een paar weken maak ik de havo af en daarna wil ik op het conservatorium in Utrecht in een of twee jaar mijn harpstudie afronden,” vertelt Gwyneth, een leuke, nuchtere scholiere zonder sterallures. “Ik moet vooral nog muziektheorie en bijvakken doen.” Ze studeert al jaren op de pedaalharp bij Erika Waardenburg in Utrecht waar ze op haar tiende als een van de eerste jongeren werd toegelaten tot de afdeling Jong Talent van het conservatorium.

Veel muzikale wonderkinderen kiezen al voor hun instrument wanneer ze de luiers nauwelijks zijn ontgroeid en Gwyneth vormt daarop geen uitzondering. Haar ouders, beiden musicus, namen haar al vroeg mee naar concerten. Toen ze vier was, besloot ze, 'waarschijnlijk om de klank', dat ze harp wilde spelen. “Mijn ouders vonden me te jong, maar ik bleef doorzeuren en toen ik vijf was kreeg ik een Keltische harp.” Op dit instrument, zonder de pedalen die de 'volwassen' harp zo ingewikkeld maken, kreeg ze de eerste twee jaar les. Toen Gwyneth acht was, trad ze voor het eerst op in de Rotterdamse Doelen en haar eerste hoofdprijs sleepte ze in 1992 in de wacht, op een muziekconcours in Huizen. Daarna won ze nog meer prijzen in Nederland, Frankrijk en Japan en volgde ze diverse masterclasses. Tegenwoordig treedt ze regelmatig op, ook in het buitenland. Dit jaar gaat ze onder meer naar New York en er zijn plannen voor Roemenië.

Israelische recensenten prezen Gwyneth om haar gevoelige en talentvolle interpretatie. Haar moeder, die als manager en begeleidster optreedt, noemt haar manier van spelen 'kleurrijk en vol emotie'. “Ze speelt met veel schakeringen in de fortes en piano's, waardoor de muziek de toehoorders direct raakt. En ze heeft uitstraling, ze heeft iets te vertellen.”

“Ik heb mijn eigen stijl,” vindt Gwyneth. “Nederlandse harpisten hebben over het algemeen niet zo'n uitgesproken stijl als die in Frankrijk of in Rusland waar ze heel vrij en dramatisch spelen. Wanneer ik een stuk instudeer, ben ik eerst erg bezig met de noten en als ik die onder de knie heb ga ik het langzamerhand uitdiepen. Ik vind muziek iets van jezelf, ik luister nooit naar cd's om te horen hoe andere harpisten het doen. Op het concours hoorde ik anderen wel oefenen in het hotel, maar ik ging niet naar hun optredens. Mijn voorbeelden zijn onder anderen mijn eigen lerares Erika Waardenburg en Suzanna Mildonian, een harpiste van wereldformaat bij wie ik in Brussel een master class heb gevolgd.”

Tot nu toe was Gwyneths harpstudie een geldverslindende bezigheid. Ze kon, vergezeld van haar moeder en haar lerares, naar Tel Aviv dankzij een financiële bijdrage van de Haagse stichting Animato voor de ontwikkeling van jonge talenten. De KLM betaalde de vlucht en het vervoer van de harp. De eerste prijs leverde haar een bedrag van 40.000 gulden op voor de aanschaf van een nieuwe harp. Daarnaast ontving ze de Gulbenkian-prijs (5.000 gulden) voor de beste uitvoering van het stuk van Murray-Schafer. De gemeente Gorinchem deed er nog eens 5.000 gulden bij. Al het geld gaat in één harppot. “Een goede harp is kostbaar en als ik een nieuwe koop, wil ik er een voor het leven. Het wordt waarschijnlijk een harp van het merk Salvi. Ik heb grote handen en bij de Salvi zijn de snaren iets ruimer gebouwd dan bij andere harpen. Bovendien ben ik eraan gewend want ik speel al op een Salvi, een bruikleen van het Nationaal Muziekinstrumentenfonds.”

Het gezin Wentink woont, in afwachting van een verhuizing, tijdelijk in een nieuwbouwwijk in Gorinchem. Gwyneth moet zich er voorlopig behelpen in een berghok waar tussen de conserven en de bezems net plaats is voor een harp. “Ik sta 's ochtends om zes uur op en speel dan een tot anderhalf uur. 's Avonds speel ik ook nog een uur. Voor een groot concours oefen ik wel wat langer, maar eigenlijk kost het me niet eens zo veel tijd. Al wordt het, na het behalen van zo'n prijs, allemaal wel serieuzer.”

Gwyneth Wentink speelt samen met het Symfonieorkest Utrechts Conservatorium o.l.v. Kenneth Montgomery 15 maart, 15u in de Beurs van Berlage, Amsterdam en 16 maart, 20.15u in Vredenburg, Utrecht.