Bosnische Serviër bekent schuld

DEN HAAG, 10 MAART. De Bosnische Serviër Dragoljub KunaraEÉc heeft zich gisteren voor het VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden in voormalig Joegoslavië schuldig verklaard aan grootschalige verkrachting van vrouwen.

Het is de eerste keer dat een Bosnische Serviër toegeeft de misdaden die hem ten laste worden gelegd, te hebben begaan. Dat deed eerder alleen de Bosnische Kroaat Drazen ErdemoviEÉc.

De 37-jarige KunaraEÉc meldde zich vorige week bij de internationale vredesmacht SFOR bij de plaats Fo. Hij is de vierde Bosnisch-Servische verdachte die zich vrijwillig heeft gemeld. KunaraEÉc, geboren op 15 mei 1960, was commandant van een paramilitaire eenheid van Servische vrijwilligers in het gebied van Fo. In deze stad leefde voor de oorlog in Bosnië een meerderheid van moslims. Die werden echter verjaagd of afgeslacht door de Servische strijdkrachten, nadat die de stad in 1992 hadden ingenomen.

De Bosnische Serviër werd in juni 1996 samen met zeven anderen in staat van beschuldiging gesteld in de aanklacht 'GagoviEÉc en anderen - Fo'. Het was voor het eerst dat het tribunaal een aanklacht uitvaardigde wegens verkrachting. Niet eerder is verkrachting aangemerkt als een misdaad tegen de menselijkheid. (Reuters, ANP)