Wotte wil van geen pessimisme weten

UTRECHT, 9 MAART. Vier nederlagen en één overwinning is de score van de nieuwe trainer van de club die graag bekend wil staan als de uitdager van de gevestigde orde. Gevoegd bij het matige spel van gisteren in de wedstrijd tegen PSV dus voldoende aanleiding voor sombere bespiegelingen bij FC Utrecht. Toch zegt trainer Mark Wotte zich geen zorgen te maken. “Utrecht in de nacompetitie? Ben je mal? Zes punten hebben we nodig en reken maar dat we die de komende weken halen.”

Wotte verborg zijn teleurstelling gisteren na de 1-0 nederlaag tegen PSV achter een pantser van onverschilligheid. Zelfverzekerd, zo nu en dan zelfs een tikje overmoedig, stond de jongste trainer van het betaalde voetbal (37) na afloop de journalisten te woord. Lichtpunten in overvloed, constateerde de voormalige trainer van ADO Den Haag en in zijn stem klonk geen spoor van twijfel: “Onze ploeg herbergt voldoende creativiteit om de komende weken met vertrouwen tegemoet te zien.”

FC Utrecht is met drie punten uit de laatste vijf duels teruggeworpen naar de dertiende plaats op de ranglijst. Het verschil met de nummer zestien (MVV) bedraagt slechts vijf punten, met de kanttekening dat Utrecht één wedstrijd minder heeft gespeeld dan de naaste concurrenten. In plaats van aan te klampen bij de subtop en daarmee een voorschot te nemen op de ambitieuze plannen van de Utrechtse beleidsmakers, lonkt de deelname aan de nacompetitie voor The Challenger, het beleidsplan dat directeur technische zakenr Hans van Breukelen aan het begin van dit seizoen met veel bravoure lanceerde

De wittebroodsweken van Wotte zijn voorbij en rondom de van oudsher roerige club met de al even roerige achterban zijn inmiddels al weer de eerste kritische noten gekraakt. Wotte kent die geluiden, maar beweert niet onder de indruk te zijn van de onderhuidse frustraties. “Als mensen nu in paniek raken is dat hun probleem. Niet dat van mij of van mijn selectie.”

Zoals het gejoel vanaf de tribunes hem gisteren ook koud liet toen hij de Schotse spits en publiekslieveling Scott Booth in de 72ste minuut naar de kant haalde. “Die jongen is bijna twee weken uit de roulatie geweest wegens een blessure”, verdedigde Wotte de aanvaller. “Hij liep na een uur op zijn tenen en vroeg al in de rust om een wissel. Ik kan geen rekening houden met publiek dat niet op de hoogte is van de medische achtergronden van mijn spelers.”

In zijn grenzeloze optimisme klampte Wotte zich vast aan de wetenschap dat komende weken en maanden, zondag te beginnen met Sparta, minder geduchte tegenstanders wachten dan de afgelopen weken het geval was. Verliezen van Feyenoord, PSV, NAC en opnieuw PSV is geen schande, betoogde de trainer van FC Utrecht. “Ik hoor iedereen hier maar praten over die goede reeks van voor de winterstop en over zekerheidjes. 'Je moet winnen van NAC, je moet winnen van Sparta.' Dat soort geluiden. Geloof mij: het is makkelijker een ploeg die op dood spoor zit weer aan de praat te krijgen, dan andersom. Wij willen graag, maar wij moeten niets.”

Dat is slechts de halve waarheid. Afgaande op het beleidsplan moet Utrecht over twee jaar, en bij voorkeur volgend seizoen al, een blijvende rol van betekenis spelen in de subtop van de Nederlandse eredivisie. Het bestuur spiegelt zich daarbij aan clubs als Heerenveen en Vitesse. Reactie van Wotte: “Precies. Ik ben ingehuurd voor de langere termijn. Dus moet ik dit seizoen in de middenmoot eindigen.”

Het realiseren van die doelstelling lijkt al moeilijk genoeg, hoewel het begrip middenmoot voor velerlei uitleg vatbaar is. FC Utrecht beschikt over een selectie die uit hardwerkende voetballers bestaat, maar die geen van allen een wedstrijd naar hun hand kunnen zetten. Slechts één speler (spits Michael Mols) is daartoe in staat en niet toevallig werd hij onlangs uitgenodigd door bondscoach Guus Hiddink voor de oefentrip met het Nederlands elftal naar de Verenigde Staten.

Steun heeft Mols sinds kort van een andere gerenommeerde spits, de Schotse (oud-)international Booth. Na twee weken maakte de huurling van Borussia Dortmund gisteren zijn rentree. In zijn vierde optreden in het shirt van FC Utrecht zocht en vond Booth voortdurend de ruimte en won hij vrijwel elk duel. Het samenspel met Mols was zo nu en dan een lust voor het oog. FC Utrecht wil de 27-jarige aanvaller graag voor langere tijd aan zich binden, maar deinst vooralsnog terug voor de vraagprijs die naar verluidt rond de drie miljoen gulden schommelt.

Voor dergelijke bedragen schrikt PSV niet terug. Het duel van gisteren illustreerde andermaal de kloof die gaapt tussen de kapitaalkrachtige top en de minder bedeelde achtervolgers uit de Nederlandse competitie. De landskampioen uit Eindhoven kon gisteren geen beroep doen vier basisspelers (Faber, Stam, De Bilde en Zenden), maar kwam met de tweede keus geen moment serieus in de problemen. Een uithaal van Mols, die vroeg in de wedstrijd voor open doel miste, bleek naderhand het enige wapenfeit van betekenis.

Mols werd aan banden gelegd door Andrei Skerla. De 20-jarige debutant uit Litouwen, die in de winterstop werd overgenomen van Zalgiris Vilnjoes, vormde samen met veteraan Stan Valckx het hart van de PSV-defensie. Skerla kweet zich voorbeeldig van zijn taken en kreeg na afloop de complimenten van zowel coach Dick Advocaat als zijn directe tegenstander Mols. “Geen gemene gozer, maar gewoon een hele eerlijke verdediger”, vond de topscorer van Utrecht.

Een mandekker van het kaliber-Skerla zou Utrecht goed kunnen gebruiken. Met 51 tegentreffers is doelman Harold Wapenaar na 23 duels de op twee (MVV en hekkensluiter Volendam) na meest gepasseerde keeper uit de hoogste afdeling van het betaalde voetbal. Tegen PSV werd de toekomstige doelverdediger van de Italiaanse club Udinese slechts één keer gepasseerd, maar dat zei meer over de geringe stootkracht van de PSV-aanval dan over de betrouwbaarheid van de Utrecht-defensie.