Serviërs: geweld ten einde; Albanezen: acties Kosovo duren voort

PRIINA, 9 MAART. De Servische strijdkrachten hebben naar eigen zeggen gisteren na vier dagen hun militaire actie tegen Albanese “separatisten en terroristen” in Kosovo beëindigd. Volgens de Albanezen echter gaat de actie verder.

Bij de bombardementen en beschietingen van een aantal dorpen van Albanezen in de Zuid-Servische regio Kosovo zijn de afgelopen dagen volgens de Democratische Liga van Kosovo (LDK), de belangrijkste partij van de Albanese meerderheid in Kosovo, waarschijnlijk meer dan honderd burgers gedood. De Servische autoriteiten spraken eerst van zeventig gedode “terroristen” en daarna van “tientallen”. Vanochtend werden in Priina 57 lijken bij het mortuarium afgeleverd. Na hun mededeling dat de militaire actie was beëindigd omdat “de terroristen” van de guerrillabeweging Kosovar Bevrijdingsleger (UÇK) zouden zijn uitgeschakeld, lieten de Servische autoriteiten enkele tientallen buitenlandse diplomaten en journalisten en het Internationale Rode Kruis tot het gebied toe. De diplomaten meldden na hun bezoek dat de streek rustig is, maar dat enorme verwoestingen zijn aangericht. Het dorp Prekaz, zo zei de Canadese ambassadeur in Belgrado, is “een spookdorp”. Volgens de Albanezen is de militaire operatie na het vertrek van de diplomaten en journalisten gewoon doorgegaan. Drie dorpen - Jasanica, Arevo en Broja - zouden door de Serviërs onder vuur zijn genomen.

Vanochtend betoogden tienduizenden Albanezen in de hoofdstad Priina en andere steden in Kosovo tegen het Servische geweld. Gisteren demonstreerden in Priina al duizenden Albanese vrouwen. De Servische politie greep niet in. De Servische justitie heeft wel aanklachten opgesteld tegen talrijke Albanese winkeliers die hun winkels als teken van protest tegen het geweld gesloten hielden.

Zeker vijfduizend Albanese inwoners zijn de regio rond Prekaz afgelopen week ontvlucht. Maar velen kregen daar de kans niet toe en verscholen zich in de bossen en heuvels, blootgesteld aan Servisch artillerievuur. De Serviërs schoten op alles wat bewoog, zo meldde een BBC-team dat zelf onder vuur kwam te liggen. De Serviërs gaven vorige week vrouwen, kinderen en bejaarden de gelegenheid het van de buitenwereld afgesloten gebied te verlaten en verklaarden vervolgens dat iedereen die in het gebied was achtergebleven, als terrorist zou worden beschouwd. Bovendien hadden veel dorpelingen de tijd niet gekregen tijdig weg te komen. Duizenden zagen vanuit de bossen hoe hun huizen werden beschoten, geplunderd en in brand werden gestoken. In Montenegro zijn inmiddels 3.500 Albanese vluchtelingen uit Kosovo aangekomen.

De Joegoslavische president, Slobodan MiloviEÉc, heeft gisteren in een gesprek met de Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Ismail Cem, herhaald dat hij - in de woorden van Cem - “resoluut afwijzend staat tegenover elke buitenlandse bemoeienis met de kwestie-Kosovo en tegenover elke internationalisering van het dossier”. De kwestie-Kosovo is een “binnenlandse aangelegenheid” van Joegoslavië. In het gesprek met Cem prees MiloviEÉc “de competente staatsorganen” van Servië wegens hun “daadkrachtige strijd tegen de Albanese terroristen”. Toch, aldus Cem, zei MiloviEÉc tevens “open te staan” voor “bepaalde suggesties” vanuit het buitenland. Over de aard daarvan zei Cem niets.

De Servische autoriteiten hebben de onafhankelijke media in Joegoslavië gedreigd met juridische actie omdat ze zich in de berichtgeving over Kosovo niet hebben geconformeerd aan het officiële standpunt. Tegen vijf kranten in Belgrado worden “passende maatregelen” genomen, zo werd gezegd. Het officiële persbureau Tanjug voer zaterdag heftig uit tegen de Duitse minister Kinkel, die “een man van de haat en een revanchist” werd genoemd die zou streven naar “een oorlog in de Balkan”. Hij zou “de meest extremistische Albanese separatisten” naar Duitsland hebben laten komen, “de Albanese diaspora manipuleren” en “een stokje steken” voor “elke positieve ontwikkeling” in de kwestie-Kosovo en in de relaties tussen Joegoslavië en Albanië. (Reuters, AFP, AP)