De BVD beperkt

TEGEN DE KOMENDE verkiezingen is het een drukte van belang met grondwetswijzigingen. Deze moeten niet alleen worden aangenomen door Tweede en Eerste Kamer, maar hebben ook nog eens een “tweede lezing” (een nieuw parlement) nodig om te worden aangenomen. Als een ingediende wijziging het niet haalt vóór het snel naderende verkiezingsreces, wordt het wachten tot 2002.

Toch dreigt de Eerste Kamer nu voor de tweede maal dwars te liggen. De senaat zorgde eerder al voor uitstel van een nieuwe regeling van het post- en telecommunicatiegeheim, waaronder de e-mail. En nu spreekt de senaat morgen over uitstel van een nieuwe bepaling over het binnentreden van woningen. Beide grondwetswijzigingen waren al omstreden in de Tweede Kamer, maar deze ging, zij het in beide gevallen pas na amendering, toch akkoord.

Minister Dijkstal (Binnenlandse Zaken) zet nu forse druk op de Eerste Kamer om ten minste het binnentreden van woningen af te handelen. Ogenschijnlijk gaat het om een formele kwestie, de verplichting om een verslag op te stellen van iedere binnentreding. Maar er schuilt een principieel addertje onder het gras, namelijk een vrijstelling voor de BVD van de verplichting om de bewoner ooit ervan op de hoogte te stellen dat er van staatswege bij hem is ingebroken.

DIJKSTAL ZIT lelijk klem. Tot dusver was alleen uitstel maar geen afstel van de mededelingsplicht door de BVD geoorloofd. De minister moest in de Tweede Kamer toegeven dat de dienst zich weinig heeft aangetrokken van deze grondwetsbepaling. De bewindsman beloofde beterschap, het bestaande artikel zal in afwachting van de wijziging geheel worden gerespecteerd. Dat betekent dat de BVD er nu van moet afzien in een woning gesprekken af te luisteren indien de staatsveiligheid zich blijvend tegen het verstrekken van een verslag verzet. Met alle risico's van dien voor de tijdige ontdekking van bijvoorbeeld terroristische activiteiten, waarschuwt Dijkstal.

Dit dreigement zal zijn uitwerking niet missen. Toch is er iets te zeggen voor nader beraad. Zuinig zijn met de Grondwet is een vereiste. Net als in het geval van de telecommunicatie dreigt een “overhaaste formulering”, zoals de PvdA-fractie in de senaat het uitdrukt. Het grote knelpunt (dat overigens ook bij de telecommunicatiebepaling een rol speelt) is de controle op de BVD cum suis. Deze materie komt aan de orde in het voorstel voor een geheel vernieuwde Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten dat begin vorige maand werd ingediend.

Er passen nog wel enige vraagtekens bij dit wetsvoorstel dat heel sterk het stempel draagt van het dienstbelang. De nadruk ligt op een scala aan bijzondere bevoegdheden - van inkijkoperatie tot computertap - en niet op de beperkingen. Weliswaar komt er een nieuwe commissie van toezicht, maar de gekozen opzet neemt het gevaar voor onderonsjes niet weg, waarschuwde BVD-historicus Kluiters onlangs in de Staatscourant.

HET IS RISKANT de Grondwet te veranderen zolang er niet wat meer klaarheid is over het normatieve kader van de BVD. Wachten tot 2002 is natuurlijk vervelend voor doortastende bewindslieden zoals Dijkstal. Maar hij winkelt selectief. Uitbreiding van de grondwettelijke BVD-bevoegdheden kan volgens hem met name geen uitstel lijden omdat de technologische ontwikkelingen zo snel gaan. Maar dezelfde minister noemt het nog te vroeg de Wet openbaarheid van bestuur meer geschikt te maken voor de snel oprukkende elektronische media van de burger.