Zwarte Zee ontstond 7500 jaar geleden door catastrofe

De Zwarte Zee is bijna een meer: de enige verbinding met open zee is de Bosporus. Deze situatie bestaat pas betrekkelijk kort. Over het ontstaan van de Bosporus, en daarmee van de Zwarte Zee, hebben onderzoekers recent gepubliceerd (Marine Geology 140).

Aanvankelijk was het huidige gebied van de Zwarte Zee een grotendeels droge depressie, met een min of meer centraal gelegen meer waarin diverse rivieren uitmondden. De verdamping hield ongeveer gelijke tred met de aanvoer van rivierwater, het niveau van het meer bleef ruwweg constant. Maar toen de laatste ijstijd eindigde, zo'n 10.000 jaar geleden, en de grote landijskappen begonnen af te smelten, begon ook het water in de Middellandse Zee te stijgen. Ongeveer 7500 jaar geleden was die stijging zover voortgeschreden dat het water over de toenmalige heuvelrug, waar nu de Bosporus ligt, begon te stromen. De kracht van het water schuurde de 'drempel' steeds verder uit, tot ongeveer 100 meter diep. Dat maakte de waterstroom nog groter.

Het moet daarbij gegaan zijn om een werkelijke catastrofe. Op basis van zowel boringen als geofysische gegevens kwamen de onderzoekers tot de conclusie dat er iedere dag zo'n 50 km water omlaagstortte, over een hoogte van zo'n 150 meter. Dat is een 200 maal zo grote waterstroom en een driemaal zo grote valhoogte als bij de Niagarawatervallen. Berekeningen geven aan dat het geluid dat zich bij deze catastrofale gebeurtenis ontwikkelde, tot zo'n 500 km verderop hoorbaar moet zijn geweest.

Gedurende de ongeveer drie jaar dat de waterval bleef functioneren, steeg het water in de Zwarte Zee met zo'n 15 cm per dag. Vanwege de geringe helling van het landoppervlak ter plaatse betekende dat ook dat de kustlijn gemiddeld per dag meer dan een kilometer landinwaarts werd verlegd. De vegetatie verdronk daardoor, en veel van de fauna moet ook niet in staat zijn geweest zich tijdig uit de voeten te maken. Daarentegen konden zich in het voormalige zoete water snel mariene organismen nestelen. De oudste mariene schelpen zijn gedateerd op 7550 jaar, met een onzekerheid van 100 jaar.

De kusten van het 'Zwarte Meer' werden voor de catastrofe bevolkt door jagers en eenvoudige landbouwers. Zij moeten uiteraard zijn verdreven, maar vooralsnog is onduidelijk of die gedwongen verhuizing heeft bijgedragen aan de verspreiding van de landbouw over Europa.