Prostituees uit voormalig Oostblok verdrijven legale hoeren; Tippelen over de grens

Pooiers en prostituees uit het oosten trekken via Slowakije massaal de grens over naar Wenen. Hier verdienen ze in een weekeinde meer dan thuis in een maand. De Weense politie gaat harder optreden tegen de prostituees, niet tegen de pooiers.

Elke morgen komen ze met busladingen vol in Wenen aan: jonge, onopvallende vrouwen uit het nabij gelegen Bratislava. Ze staren door de kleine raampjes van de ouderwets ronkende bus naar het drukke stadsverkeer. Oost-toeristes zijn het, zou je zeggen, die af komen op de chique etalages in de Weense city en later, in de goedkope winkels, voorraden inslaan. Maar de bussen rijden niet naar het centrum. Ze slaan af naar het Zweite Bezirk, de voormalige joodse wijk die na 1989 uitgroeide tot dé ontmoetingsplaats voor zwarthandelaren, drugsdealers en pooiers. Daar worden de vrouwen opgewacht en naar privéwoningen gebracht - die ze de hele dag niet meer mogen verlaten. Daar werken ze klanten af en 's avonds worden ze weer opgehaald en naar huis gebracht.

Voor vrouwenhandelaren en pooiers is het een veilige transactie. De vrouwen hebben een toeristenvisum, geen Oostenrijkse grenswacht die ze kan tegenhouden. Vrouwenhandelaren en pooiers vestigen zich graag in Bratislava omdat ze in Slowakije een ruime mate van vrijheid genieten. Met een half uur rijden staan ze in Wenen. Even snel zijn ze weer terug de grens over als er zich in Wenen problemen voordoen.

Als geen andere bedrijfstak is de prostitutie door de open grenzen veranderd. De voorraad vrouwen die vanuit de vroegere Oostbloklanden naar West-Europa wordt geëxporteerd lijkt onuitputtelijk en vrouwenhandelaren beleven gouden tijden. Oostenrijk werd door zijn geografische ligging snel en hardhandig met dat probleem geconfronteerd. Het aantal illegale prostituees in Wenen is, naar schatting van politie en hulpverleners, zo'n vierduizend. Op een stad met twee miljoen inwoners is dat misschien geen opzienbarend aantal, maar zo'n tachtig procent van hen verblijft illegaal in Oostenrijk.

Vrouwenhandelaren, pooiers, barbezitters en prostituees uit het oosten hebben Wenen geïnfiltreerd zonder dat de politie veel tegen ze heeft kunnen uitrichten. Dat komt vooral door de wettelijke beperkingen - al is de politie daarnaast slecht opgeleid en onvoldoende uitgerust. Zo verbiedt het recht op privacy de politie een chambre separé binnen te gaan ook al zijn er sterke aanwijzingen dat zich daar illegale prostitutie voordoet. Buitenlandse barbezitters houden de ambtenaren die de vergunningen af moeten geven aan het lijntje en als dat niet langer lukt, sluiten ze de tent en openen een zaak in een andere wijk. Daar begint het hele spel opnieuw.

De politie eist inmiddels uitbreiding van haar bevoegdheden en heeft voor alle duidelijkheid zelf een ontwerp voor een nieuw prostitutiereglement geschreven. Ze wil verdachte vrouwen gemakkelijker kunnen oppakken. Voor de kernvraag - hoe kun je weten dat een vrouw een prostituee is - moet een blik op haar kleding voldoende zijn. Volgens de politie zijn vrouwen verdacht als ze zich in 'bepaalde' bars ophouden en 'hoerige' kleding dragen. De agent wordt geacht op grond van zijn levenservaring te herkennen of de situatie 'ondubbelzinnig' is.

Politierazzia's

Volgens Elisabeth Meyer, ambtenaar bij de Weense gezondheidsinspectie, zijn het vooral verpleegsters en andere vrouwen met slecht betaalde banen uit Tsjechië en Slowakije die een weekeinde in Wenen als prostituee komen werken, waarmee ze een maandsalaris verdienen. Soms komen ze de volgende keer terug met vriendinnen.

Peter Hansen, aan mij voorgesteld als een 'uitstekend kenner van de Weense onderwereld', gelooft daar niets van. Hij werkt als pooier en kent de kneepjes van het vak. “Het is heus niet zo makkelijk voor een vreemde vrouw om hier te tippelen. Ze kent de stad niet goed en vooral de politie niet. De meisjes die hier werken herkennen die kerels, zelfs als ze met hun privéauto surveilleren. Als zo'n auto aan komt rijden, gaan ze mooi een winkel in of even koffie drinken. Een vreemde vrouw loopt heel snel tegen de lamp. Daarom gaan de meeste vrouwen die als prostituee willen werken met een agentschap in zee dat voor vervoer en klanten zorgt.”

Eerste slachtoffers van de aanzwellende stroom prostituees uit het oosten waren de legale, overwegend Oostenrijkse prostituees. De snel dalende prijzen en de hardhandige aanpak van de nieuwe handelaren en pooiers waren voor veel vrouwen aanleiding om met het werk te stoppen. De Poolse Elisabeth Andras heeft haar zaken wel goed voor elkaar. Ze heeft weinig last van concurrentie van goedkopere illegale prostituees. In 1989 kwam ze uit Polen naar Wenen en kreeg zonder problemen een werk- en verblijfsvergunning. “In het begin was het heel moeilijk. Ik vond het werk verschrikkelijk en heb veel gedronken. Maar de tijden zijn veranderd. Ik heb snel geleerd en doe een heleboel dingen niet meer, daar ben ik heel duidelijk over. Ik doe het ook nooit meer zonder condoom. Als een klant erop staat zeg ik 'Sorry schatje, dan gaat het over'. Dat kan ik mij nu veroorloven, want ik ben zelfstandig en heb een vaste klantenkring. Ik heb nooit een pooier gehad.” Andras houdt de situatie scherp in de gaten: welke vrouwen zijn nieuw in de stad, wat doen ze, wat vragen ze. “We hebben nu Roemeense meisjes in de stad die anaal verkeer gratis toestaan! Ik begrijp niet hoe je zo achterlijk kunt zijn. Als je ze vraagt 'Waarom doe je dat in godsnaam?' kijken ze je wazig aan en halen hun schouder op! Het is hun lichaam, maar het kan ze niets schelen.”

Elisabeth Andras had alleen in het begin onaangename ervaringen met de politie. “Ik werd als een stuk vuil behandeld, maar ik heb mij altijd stipt aan de regels gehouden en nu zijn ze heel vriendelijk. In dat bordeel waar ik een tijdlang gewerkt had ging het precies zo. De politie maakte de eigenaresse het leven zuur. Haar huis was een bordeel en iedereen wist dat, maar het stond als Animierlokal ingeschreven. Toen de madam genoeg had van de politierazzia's - ze kon zich dat gewoon niet veroorloven met al haar prominente gasten - heeft ze registratie als bordeel aangevraagd. Vanaf dat ogenblik hebben ze de tent met rust gelaten. “Aan deze overzichtelijke verhoudingen is in de laatste jaren een eind gekomen. De nieuwkomers houden zich niet aan de spelregels en de politie bijt zich steeds dieper in de jacht op illegalen in. In sommige wijken is elke vrouw verdacht. Gewone bewoonsters raken bekneld tussen opdringerige klanten en een overijverige politie: zelfs een vrouw die haar hond uitlaat kan maar beter haar paspoort op zak hebben.

Een jonge Oostenrijkse prostituee, Sabine Schwarz, klaagt over agenten die hun frustraties bot vieren op de legaal tippelende vrouwen. Beledigende opmerkingen, boetes als een vrouw op de verkeerde plek staat. Klanten pesten vinden sommige agenten ook leuk, aldus Sabine. Ze richten dan de schijnwerpers vol op de man en vragen op treiterend beleefde toon of hij door de dame wordt lastig gevallen. Heeft hij soms hulp nodig? Als het door de politie voorgestelde ontwerp voor een nieuw prostitutiereglement aangenomen wordt, zal de nu al precaire situatie er niet beter op worden.

Invoering van het voorgestelde reglement betekent dat de politie zich bij de situatie neerlegt. De handelaren en pooiers zijn toch niet te pakken en dus stort men zich op de laagsten in de hiërarchie - de hoeren. Dat is bepaald geen nieuwe strategie. Toen aan het eind van de vorige eeuw in heel Europa druk werd gediscussieerd of de prostitutie een noodzakelijk kwaad of een maatschappelijk euvel was, kwam het er in de praktijk ook altijd op neer dat alleen vrouwen werden opgepakt. Pooiers en klanten bleven buiten schot.

Het is nu 101 jaar geleden dat de Weense politiearts en prostitutiedeskundige Josef Schrank zijn collega's tips aan de hand deed hoe ze een prostituee van een 'eerbare' dame konden onderscheiden: 'Prostituees rollen met hun oogappels, maken bewegingen met hun ellebogen of trekken de aandacht door hun gang. Ze zijn opvallend gekleed en lachen hard.'

Het nu uitgelekte voorstel van de politie vertoont verbluffende overeenkomsten met dit document. De Weense prostitutiewereld is in rep en roer sinds het voorstel is uitgelekt. Prostituees, hulpverleners en de twee oppositiepartijen Liberales Forum (LIF) en de Groenen (G) hebben een platform opgericht dat moet voorkomen dat de gemeenteraad de voorgestelde veranderingen in het prostitutiereglement goedkeurt. Het is geen gemakkelijk samenwerkingsverband. Met uitzondering van de ex-politieagent Marco Smoliner, die voor het LIF in het platform zit, blijkt op een eerste bijeenkomst dat de politici wel erg weinig over het onderwerp weten. Zo meende een afgevaardigde van de Groenen dat de prostituees door de huidige wetgeving heel goed worden beschermd. Mishandeling is immers bij de wet verboden! Als een prostituee slachtoffer wordt van geweld door haar pooier of een klant, dan moet ze aangifte doen. De boosdoener wordt dan opgepakt, aldus de Groene. De Groenen toonden zich voornamelijk geschokt over het geschatte aantal prostituees en ook het aantal commerciële sekscontacten per nacht, geschat op 15.000, vonden ze ongelofelijk hoog. Smoliner zat er glimlachend bij. Hij is geen 'bad cop' meer, maar is nu de belangrijkste deskundige waar prostituees een beroep op doen. Hij geniet volop van zijn nieuwe rol. De wetgeving kent hij én de misstanden. Onvermoeibaar strooit hij met tips, ook tijdens de vergaderingen. Nee, ze hoeven geen vingerafdrukken van zich te laten maken, dat staat nergens in de wet. Ja, ze hebben recht op een bewijs dat hun registratie als prostituee uit de computer gewist is, maar ze moeten wel een aangetekende brief sturen. De sociaal-democratische afgevaardigde, die zich als beschermer van de bewoners van het Zweite Bezirk opwierp, verbleekte zichtbaar naast hem. De conservatieven en de Freiheitlichen kwamen niet eens opdagen, waarmee het prostitutieplatform op te weinig politieke steun kan rekenen. De liberalen en de Groenen zullen het nieuwe reglement niet tegen kunnen houden.

Domme hoeren

“De tijd voor domme hoeren is voorbij”, zegt pooier Peter Hansen vriendelijk maar beslist. “Er is nu zoveel concurrentie. Vroeger kon een vrouw voor recht op en neer 700 Schilling (110 gulden) krijgen, dat is nu een stuk minder geworden. Niemand betaalt dat meer. Ik was nog onlangs met een vriend in Hongarije in een bordeel. Wij waren er de hele nacht en hebben ook 700 Schilling betaald, maar met eten en drinken erbij! Als je in Wenen een bar binnenstapt, kijken je die meiden stom aan en het enige wat ze eruit krijgen is: 'Betaal je wat te drinken voor me?' Zo zullen ze niet veel verdienen.” Op de vraag of de klanten dan denken steeds minder te kunnen betalen en steeds meer te kunnen eisen zegt hij lachend: “Tja, het zijn harde tijden voor de meisjes. Het klinkt idioot maar vroeger was het een stuk gezelliger. Ik kende een hoge ambtenaar, een Hofrat, die had ook een bordeel. Hij gaf zijn meisjes nooit het volle bedrag dat ze hadden verdiend maar had een spaarboek voor elk van hen aangelegd. 'De meisjes hebben een gat in de hand. Ze kunnen niet sparen', zei hij altijd. Als een meisje ophield kreeg ze van hem haar spaarboek mee dan had ze geld om iets anders te beginnen. Deze man was natuurlijk ook vroeger een uitzondering, de meeste pooiers zijn niet zo zorgzaam. Maar zulke types zijn nu helemaal ondenkbaar.”

Een Weense societylady bevestigt dit verhaal. Ook zij had - zonder dat haar man dat wist - een aantal bars die ze verhuurde. Zij kende de pooiers en prostituees in haar bars persoonlijk. Als ze de huur kwam halen dronk ze koffie met hen en hoorde hoe de zaken liepen. “In 1989 brak een nieuw tijdperk aan. De pooiers zeiden 'Mevrouw, wij adviseren u deze tenten zo snel mogelijk te verkopen. U kunt er nu nog goed geld voor krijgen. Wij vertrekken want het wordt hier een beetje te onrustig voor ons'. Ik heb die bars inderdaad snel verkocht en ben daar heel blij om want het was verschrikkelijk wat er allemaal gebeurde. Eerst kwamen de Polen. De hele Mexiko-Platz stond ineens vol met kleine meisjes die het soms voor 50 Schilling (acht gulden) zonder condoom moesten doen van hun pooier.” De Oostenrijkse pooiers werden - net als de legale prostituees - met harde concurrentie geconfronteerd en hebben veel terrein verloren.

De Weense prostitutie is nu voor een groot deel in handen van de nieuwkomers, vertelt Peter Hansen. “De Oostenrijkers waren ook stom. Ze hebben het niet zien aankomen - uit arrogantie. Ze hebben die lui uit het oosten behoorlijk onderschat. De Russen en de Polen zetten mensen in die niets hebben te verliezen en die dus ook nergens voor terugdeinzen. Die kerels hier zijn zich rot geschrokken van de nieuwe methodes. Eliminaties, executies, dat was hier onbekend.”

In Wenen zijn dit soort uitwassen tot kleinere proporties terug gebracht, ook omdat steden als Boedapest en Praag als nieuwe sekscentra zijn opgekomen. Boedapest heeft een stevige reputatie als 'Bangkok van Europa' opgebouwd en Tsjechië, vroeger een vrouwenexportland, is inmiddels doelwit van sekstoeristen. Vooral langs de grens met Duitsland staat een klein leger van prostituees paraat. Praag heeft, net als Wenen, twee miljoen inwoners en het aantal prostituees wordt ook hier op 4.000 geschat. En hier zijn de autoriteiten nog minder dan in Wenen geneigd de vrouwen te helpen iets aan de problemen met pooiers of mensenhandelaren te doen. Hulpverlening is er een zaak van vrijwilligers, gefinancierd door de Europese Unie.

Elisabeth Meyer van de Weense gezondheidsinspectie droomt van Nederlandse toestanden. “Van die bussen, met koffie en soep en medicijnen! Maar dat is bij ons niet haalbaar.” Volgens Meyer is deze politieke houding niet alleen voor de betrokken vrouwen rampzalig maar ook voor de volksgezondheid. “We zien op het moment een sterke stijging van besmetting met syfilis. Maar de rest doet het ook niet slecht: chlamydia, gonhorrea, HIV, noem maar op. Hoe meer je op de vrouwen jaagt hoe meer ze zich zullen verstoppen, maar verdwijnen zullen ze zeker niet.”

De hulpverleningsorganisaties zijn het volledig met haar eens. Nadrukkelijk wijzen ze erop dat de wens van de politie om vrouwen nog effectiever op te kunnen sporen en nog sneller het land uit te zetten averechts werkt. Ex-politie-agent Marco Smoliner: “Voor elke uitgezette vrouw komt een nieuwe binnen want de handelaren zorgen er heus wel voor dat hun omzet niet terugloopt. Aan de nieuwe vrouw verdienen bemiddelingsagenturen, 'beschermers' vliegmaatschappijen en reisbureaus. Verder verandert niets aan de situatie.”