Kunstbezit (1)

1Naar aanleiding van Marjoleine de Vos' sympathieke oproep aan Aad Nuis om 'die handschriften' van Vestdijk te verwerven (NRC Handelsblad, 2 maart), een paar feiten en een voorstel.

De feiten. Mevrouw Vestdijk vraagt voor haar collectie geen twee maar 3,5 miljoen. Het Letterkundig Museum heeft haar daarop laten weten dat het met het bijeenbrengen van een half miljoen al moeite zou hebben. 3,5 miljoen is voor ons zo'n groot probleem dat het meteen geen probleem meer is. Van de verzameling handschriften die mevrouw Vestdijk wil verkopen maken het oorspronkelijke handschrift van Terug tot Ina Damman en Kind tussen vier vrouwen - niet de minst belangrijke - geen deel uit. Die zijn na Vestdijks overlijden in 1971 niet als deel van zijn archief in bruikleen gegeven, maar langs een andere weg verworven. Uiteraard kunnen de brieven die Vestdijk aan collega's als D.A.M. Binnendijk, Anton van Duinkerken en Henriëtte van Eyk schreef, evenmin worden verkocht omdat deze uit de nalatenschappen van de geadresseerden afkomstig zijn. Het is erg, inderdaad, maar had dus nog erger gekund.

Mocht Nuis aan Marjoleine de Vos' hartekreet gehoor geven, dan stel ik voor dat hij het bedrag gelijk maar verdubbelt. Want niet alleen Vestdijk is een bruikleen, ook, bijvoorbeeld, Van Schendel en Nescio zijn dat. Hun handschriften mogen immers ook niet weg. En is Nuis toch bezig, laat hem dan in één moeite door alvast op zijn minst eenzelfde bedrag opzij leggen voor, ik noem er maar een paar, Brouwers, Haasse, Hermans, Komrij, Kopland, Kouwenaar, Lucebert, Mulisch, Nooteboom en Reve.