Dwingeloo

Omgeven door koeien en boerderijen, ver weg van de bewoonde wereld, bevindt zich het kloppend hart van rugbyclub Dwingeloo. Vijftien jaar geleden namen de Drenten de ruimte over van de plaatselijke tandarts en na een stevige opknapbeurt verrees korte tijd later een heus rugbyhome aan de rand van sportcomplex De Hulzebosch.

In het gemeentehuis slaakten de bestuurders van Dwingeloo destijds een zucht van verlichting. Hoe verder, hoe beter, zo vonden de notabelen. Ver weg van de bewoonde wereld waren de rugbyers immers niemand tot last en konden zij zich desnoods tot diep in de nacht wijden aan de rituelen van de Derde Helft.

Rugby is meer dan stoeien en ravotten in de modder. Iedere rugbyer zal dat beamen. Traditie staat hoog in het vaandel bij de van oorsprong Britse tak van sport en de 'derde helft' is minstens zo belangrijk als de wedstrijd zelf. Dwingeloo vormt geen uitzondering op die regel.

Na afloop van elke wedstrijd komen beide teams, vaak vergezeld van de scheidsrechter, samen in het clubhuis van de thuisploeg. Gebroederlijk heffen spelers en begeleiders dan het glas, vaak tot laat op de avond. Urenlang praten zij. Over tackles en scrums, over tries en flankers, over The All Blacks en de Springbokken. De passie voor de sport met de ovalen bal reikt verder dan het speelveld.

In Dwingeloo kruipt zo nu en dan iemand achter de piano. Aan geld om het instrument te stemmen ontbreekt het de club, maar niemand die daar om maalt. Net zomin als iemand vraagtekens plaatst bij de herkomst van de naam- en reclameborden aan de wand van het clubhuis. Rugbyers zijn souvenirjagers. Ook in Drenthe.

Verder zijn de muren in Dwingeloo voorzien van krantenknipsels over het sportieve wel en wee van de club en haar 65 leden. Momenteel spelen de Drenten een bescheiden rol in de eerste klasse, de op een na hoogste divisie van het Nederlandse rugby. Ondanks de inbreng van drie internationals, Hans Kuyper en de gebroeders Karel en Djurre Dinkla.

Vorige maand leed Dwingeloo een historische nederlaag. In Rotterdam werd met liefst 149-3 verloren van RRC. Als excuus gold de afwezigheid van de Dinkla-broers (wintersport) en Kuyper (blessure). Vijftien Rotterdammers liepen twaalf Drenten onder de voet. Aan de rand van Dwingeloo worden ze daar niet graag aan herinnerd.