'Wij kankeren alleen op de regering'

De grootste nederlaag bij de verkiezingen voor de gemeenteraden was voor de extreem-rechtse Centrum-Democraten. Van de 77 raadszetels die de CD in 1994 behaalde is er één overgebleven. Leider Janmaat: “Fysiek kan ik het zware werk niet meer aan.”

DEN HAAG, 6 MAART. De zweetdruppels staan op zijn neus. J. (Hans) Janmaat is niet beduusd, eerder gelaten. En een beetje moe. “We zijn op een bedroevend niveau beland”, zegt hij.

In zijn ruim bemeten kamer aan het Binnenhof (“Deze hebben we op de groei gekregen”) geeft de leider van ultra-rechts uitleg over het verlies van zijn partij bij de gemeenteraadsverkiezingen. Na de klinkende overwinning van 1994 (77 raadsleden) bleven de Centrum-Democraten deze week steken op één zetel, in Schiedam. Het roept vragen op over de toekomst van Janmaat zelf (62), met een onderbreking van ruim drie jaar sinds 1982 Tweede-Kamerlid en in eigen kring even zo lang zowel bejubeld als verguisd.

Maar eerst de analyse van de nederlaag. Janmaat neemt thee. Hij sopt het zakje een kleine minuut in zijn kopje. “Dit is een logisch gevolg van de situatie waarin de CD door toedoen van derden is beland”, zegt hij. “We zijn door andere partijen in de politiek-criminele hoek geplaatst. En door de pers, die in dit land een opinievergiftigende rol speelt.” Ook de magistratuur deed een duit in het zakje, meent Janmaat. “Als ik zeg 'vol is vol', krijg ik 7.500 gulden boete van het hof in Arnhem. Is dat nog vrijheid van meningsuiting? Ons wordt de mond gesnoerd. Dan zegt de rechter dat uit de context blijkt dat wij aanzetten tot vreemdelingenhaat. Terwijl onze partij uit zéér vaderlandslievende Nederlanders bestaat. Nog nooit hebben wij iets tegen buitenlanders gezegd. Wij kankeren alleen op de regering.”

Volgens de Leidse onderzoeker J. van Donselaar heeft het Arnhemse hof Janmaat overigens veroordeeld omdat hij de woorden 'vol is vol' uitsprak in de aankondiging dat de CD, als zij aan de macht komt, de multiculturele samenleving afschaft. “Maar wat mag ik dan nog uitspreken? Dat de grenzen dicht moeten? Ik weet het niet. Ik heb na deze gerechtelijke uitspraken een advocaat geraadpleegd. Zijn advies is: zeg maar niets meer. Zo ver zijn we in Nederland gekomen.”

Het is Janmaat aan de uitslag van de verkiezingen opgevallen dat alle partijen die inspelen op reserves over het verblijf van (meer) buitenlanders (of asielzoekers), slechte resultaten hebben geboekt. Niet alleen de aan de CD verwante CP'86 (nul zetels in heel Nederland) en het Nederlands Blok (één zetel) - ook de VVD. “Weinig partijen hebben blijkbaar nog voordeel van dit onderwerp: het resultaat van de VVD is ook duidelijk tegengevallen. Niemand scoort er nog mee. Nee, wij ook niet, dat is wel duidelijk.”

Intussen moet de CD onredelijk veel institutioneel ongemak verstouwen, meent de CD-leider. Subsidies worden de partij onthouden. Het is “ondoenlijk” openbaar te vergaderen, omdat dan “de linkse anti's” stennis maken. In de claque van extreem-rechts lopen bovendien types rond als Joop Glimmerveen, “die in 1943 zijn blijven steken en alleen maar uit zijn op ruzie zoeken en rel schoppen”, met een negatieve uitstraling op zijn eigen “keurige” partij als gevolg. En dan is er nog de BVD, de Binnenlandse Veiligheidsdienst, die de CD met infiltratieacties in de wielen rijdt, aldus Janmaat. “We merken het aan kleine signalen. Ik zeg niet welke, want dan beginnen ze een andere strategie. Docters van Leeuwen heeft ooit als BVD-hoofd openlijk gezegd dat de BVD ons probeert stuk te spelen. Daarin is ze eerder ook succesvol geweest.”

Toch had Janmaats partij naar eigen zeggen ook in 1994 met dit type ongerief te maken, en toen wist de CD het beste resultaat uit haar geschiedenis te behalen. En nu, vier jaar later, blijkt de partij te zijn teruggeworpen naar het niveau van 1982, toen Janmaat met minder dan één procent van de stemmen nipt een Kamerzetel bemachtigde. Maar een complot kan uit een klein hoekje komen, meent Janmaat, en hij begint een filippica tegen de stukgeraakte stemmachines in onder meer Den Haag en Amsterdam. “Ik kan het niet bewijzen, maar technisch is het mogelijk zo'n machine tegen ons op te zetten. Er zat 'een fout in het programma', zeiden ze in Den Haag. Ja, ja. En wij haalden volgens dat programma nul zetels.”

Onderzoekers als Van Donselaar brengen de slechte uitslag in verband met de matige prestaties van CD-raadsleden de laatste jaren. In een groot aantal gemeenten verschenen gekozen CD'ers zelden of nooit op raadsvergaderingen. “Heeft er niets mee te maken”, analyseert de partijleider. “Bovendien wisten die mensen niet waar ze aan begonnen. In dit vak moet je een harnas hebben. Ze zijn vaak weggepest. Geïntimideerd door PvdA'ers of groepjes die door linkse partijen worden gesubsidieerd.”

Soms, beaamt Janmaat, vraagt hij zich af waar hij het nog voor doet. Hij heeft noodgedwongen een geïsoleerd leven. “Het is een hard vak. Ik word al jaren zeer grof behandeld. Het is zwaar als je in dit land altijd in catacomben moet vergaderen. Of dat je huis met verfbommen wordt besmeurd. Toen ik twee jaar geleden aan mijn hernia geopereerd moest worden, heb ik onder valse naam in het ziekenhuis gelegen. Hier in de Kamer heb ik er niets van gezegd. Want - het is heel gek - als de pers het te weten komt, staan de linkse anti's zo bij me binnen. Nou, daar lig je dan.”

Hij claimt dat plezier in het Kamerwerk hem op de been houdt. “Ik heb een unieke baan! Als ik het er niet mee eens ben, loop ik naar dat plankje, en zeg ik lekker wat ik vind. Premier Kok riep een keer dat-ie een sik van me kreeg. Best, heb ik gezegd, scheer hem dan af.”

Maar zoden heeft het niet aan de dijk gezet. “Ik kan in die Kamer kletsen als Brugman, maar dat heeft totaal geen zin. Ze hebben hier het beleid op mijn verzoek nog nooit gewijzigd. Nog nooit. En altijd zitten Kamervoorzitters me af te hameren. Zoals de vorige, Deetman, wát een hufter was dat, zeg. Maar ach, ze zijn allemaal eender. Ik zeg wat, goeie dingen vaak, verstandige opmerkingen - waaruit men zou kunnen opmaken dat ik politicologisch geschoold ben. Maar niemand luistert. Er wordt afgehamerd, en hup, afgelopen. Nou, mooie boel.”

Zo resteert een weinig gelukzalige terugblik op zijn politiek activisme. Vijftien jaar beroepspolitiek hebben Janmaat in zijn particuliere bestaan geïsoleerd. Hij wordt gedomineerd door angst voor actievoerders. Zijn invloed op het beleid was nihil. En na al die jaren blijkt zijn eigenhandig opgebouwde xenofobe politieke stroming teruggekeerd op het schamele niveau van 1982. “Ik ga nog wel even door”, zegt Janmaat zonder veel overtuigingskracht. Tot het jaar 2002 is hij CD-voorzitter, legt hij uit. De angst voor de BVD heeft de CD doen besluiten nog eens in de zeven jaar een voorzitter te kiezen. “Maar fysiek kan ik het zware werk niet meer aan. Door mijn hernia. Folderen en zwaar campagne voeren zijn er niet meer bij.” Het Kamerlidmaatschap wil hij evenwel aanhouden. “Dat is niet zo zwaar, hoor.” Maar dan moet hij wel gekozen worden. “Ja”, zegt hij. “Wat mij bezighoudt is dat de basis van de partij versterkt wordt. Hoe? Tsja. Dat staat me even niet helder voor de geest.”