Kosovo: op herhaling

DE INTERNATIONALE gemeenschap krijgt in Kosovo de rekening gepresenteerd. De rebellie der Albanezen tegen het repressieve Servische gezag was voorspelbaar sinds Slobodan MiloviEÉc met de etnische zuivering van de communistische partij in die regio begin jaren negentig zijn mars naar de macht begon.

Sindsdien is vele malen en tot op het hoogste niveau gewaarschuwd voor het 'kruitvat Kosovo'. Maar intussen kon MiloviEÉc in 1991 zijn bloedige oorlog voeren in Kroatië om vervolgens zijn moordenaars en folteraars de vrije hand te laten in Bosnië. Desondanks bleef deze man jarenlang de geaccepteerde gesprekspartner van regeringen en internationale organisaties. Mannen als KaradEÉc en MladiEÉc, die het een en ander zouden kunnen vertellen over de betrokkenheid van MiloviEÉc bij hun beulswerk, onttrekken zich al jarenlang aan de sterke arm van de internationale justitie. Nu meent MiloviEÉc, niet ten onrechte, in Kosovo de vrije hand te hebben. Het droevig resultaat komt bekend voor.

De president van rest-Joegoslavië zal vorig jaar met belangstelling kennis hebben genomen van het verloop van de halve burgeroorlog in het buurland Albanië. Als hij toen al plannen had om Kosovo mores te leren, en het is aannemelijk dat dit het geval was, zal de afstandelijkheid van de meeste en de belangrijkste Europese landen ten opzichte van de gebeurtenissen in Albanië hem niet hebben afgeschrikt. De Europeanen staan er bekend om dat zij graag en lang met elkaar debatteren over externe en interne veiligheid, dat zij er uitvoerige communiqués en verdragsteksten aan wijden, maar dat zij het vervolgens liever bij woorden laten. Dat is ook tot de Albanese bevolking van Kosovo doorgedrongen, die dan ook maar direct de Verenigde Staten om hulp heeft gevraagd. Zin voor de werkelijkheid kan haar niet worden ontzegd.

OPNIEUW WORDEN we geconfronteerd met de misdadige uitbuiting van de Servische gevoeligheid voor mystiek en legendevorming. Kosovo wordt door veel Serviërs gezien als het vaderland waarvoor eeuwen geleden Servisch bloed is vergoten. In die overlevering gaat het om historisch en rechtmatig Servisch bezit. De Albanese meerderheid bestaat uit vreemde indringers.

Op het oog is de Servische politie bezig met het onderwerpen van opstandige etnische Albanezen. Daarbij treedt zij hard op. Zo hard dat zij de verdenking op zich laadt niet uit te zijn op herstel van de orde, maar doelbewust aan te sturen op anarchie om vervolgens de etnische zuivering van Kosovo ter hand te nemen. De Serviërs hebben in Kroatië en Bosnië laten zien hoe het werkt: jaag de bevolking met onbeheerst geweld angst aan en de zuivering komt vanzelf op gang. De eerste vluchtelingenstromen zijn gesignaleerd. Een herhaling van de tragedie van Kroatië en Bosnië kondigt zich aan. Het geschikte moment om in te grijpen zal spoedig voorbij zijn.