A Clockwork Orange

A Clockwork Orange (S. Kubrick, UK'71), RTL5, 20.35-22.35u. Redeloos is het geweld in A Clockwork Orange allerminst. Als Alex DeLarge onder het aanheffen van Singin' in the Rain een schrijver een dwarslaesie schopt en daarna diens vrouw verkracht, is het duidelijk waarom hij dat doet. Voor zijn plezier.

Voor sociopaat en Beethoven-fan Alex DeLarge is geweld meer dan een kick, het is een esthetische ervaring. En dat geldt ook voor de kijker, want regisseur Stanley Kubrick probeert groepsverkrachtingen als sexy te presenteren en foltering als dolle pret. We dienen ons namelijk met Alex te identificeren. Al in het eerste shot betrekt die ons in zijn wandaden door ons broeierig aan te staren, voorgenietend van een nacht vol the old in-out and ultra-violence.

A Clockwork Orange speelt in de nabije toekomst. Alex en zijn bende leven in een zielloze wereld van drugs, geweld, porno en popcultuur. In het eerste half uur gaat Alex op oorlogspad. Daarna lokken de bendeleden hun al te dominante leider in de val en verdwijnt hij achter de tralies. Na een hersenspoeling is Alex een zombie die ziek wordt van seks en geweld. Dat blijkt fataal: in een spiegelbeeld van het eerste half uur storten zijn oude slachtoffers en vrienden zich nu één voor één op hem.

A Clockwork Orange slaagde er in 1971 in velen tot razernij te drijven. Allereerst de conservatieve censuur-lobby. Een tijd lang werd alle jeugdcriminaliteit aan deze film toegeschreven. Ook liberalen haatten de film. Zij meenden dat het inktzwarte mensbeeld van Kubrick tot cynisme of zelfs fascisme leidt. Alex is namelijk in Kubricks ogen de mens in zijn natuurlijke staat: een roofdier. En slachtoffers worden daders zo snel ze de kans krijgen. De overheid heeft tegenover het verval niets anders te bieden dan mechanische repressie of geschifte pogingen lastige elementen tot zombie om te bouwen. In zo'n wereld overleven alleen monsters.

A Clockwork Orange is dus geen anti-geweldfilm. Geweld is onvermijdelijk en onmisbaar, zo luidt de boodschap. Men kan Kubrick verwijten dat A Clockwork Orange halverwege ontaardt in een wat pedante allegorie over geweld en dat de symboliek zo vet is uitgesmeerd dat de hoofdpersonen soms struikelen over de fallussymbolen. Maar 27 jaar na dato is A Clock-work nog altijd een van die akelige ervaringen waarvan je achteraf blij bent dat je ze hebt ondergaan