Streekbladen tussen kartel en concurrentie

De regionale dagbladen bundelen hun advertentieverkoop in de strijd tegen PCM: één loket om de dominerende landelijke kranten te bestrijden. De nieuwe 'kartelpolitie' kijkt kritisch toe.

AMSTERDAM, 5 MAART. Dagbladen in Nederland balanceren al sinds jaar en dag op het slappe koord tussen concurrentie en kartelvorming. De oprichting door vier regionale dagbladuitgevers (VNU, Wegener Arcade, de Telegraaf en de Noordelijke Dagblad Combinatie) van een gezamenlijke verkooporganisatie voor advertentieruimte is een nieuwe stap op dat koord.

Tijdens de presentatie gisteren van de 'Nationale Regiopers' in Amsterdam deden de directieleden F. Lahnstein (ex-VNU) en P. Lem (ex-Wegener) van de nieuwe organisatie hun uiterste best om niet door te slaan naar een van beide uitersten. Geen oorlogstaal aan het adres van concurrent PCM, maar zeker ook niet de indruk wekken dat de concurrentie juist gedempt wordt. Behoedzaam opereren is immers het devies sinds minister Wijers (Economische Zaken) heeft bepaald dat het binnenkort afgelopen moet zijn met prijsafspraken in de dagbladwereld. Bovendien moet sinds 1 januari ernstig rekening gehouden worden met de nieuwe 'kartelpolitie', de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) in Den Haag, die de Nederlandse economische ordening voor een belangrijk deel regelt.

Gezamenlijk hebben de regionale dagbladen een dagelijkse oplage van 2,3 miljoen kranten. Volgens Lem en Lahnstein wordt er nu enkel “een loket” opgericht voor landelijke adverteerders die nu ook via de gezamenlijke regionale dagbladen een landelijk bereik voor hun boodschap kan worden aangeboden: “Eén order, één rekening”. De concurrentie tussen de bladen wordt niet aangetast want er is nu ook geen onderlinge concurrentie, zo betoogden ze. Ook zou er geen sprake zijn van prijsafspraken: De vier verschillende uitgevers bepalen de prijzen, de Nationale Regiopers telt de bedragen enkel op.

Door concentraties in de afgelopen jaren hebben de vier uitgevers allemaal hun eigen gebieden verkregen waarbij De Telegraaf (totaal-oplage van regionale bladen 389.000) vooral in Noord Holland actief is, VNU de dominante partij is in zuidelijk Nederland (844.000 kranten), NDC met het Nieuwsblad van het Noorden en De Leeuwarder Courant de noordelijke provincies beheerst (315.000) en Wegener wat meer verspreid zit door het land (756.000). “De dagbladtitels schuiven naadloos in elkaar”, zei Lem gisteren: “De overlap bedraagt slechts 4 procent.” Daarmee doelde Lem op Dagblad De Limburger (VNU) en het Limburgs Dagblad (De Telegraaf) die beide naar de gunst van dezelfde lezers en adverteerders dingen. En ook rond Arnhem met de Gelderlander (VNU) en het Gelders Dagblad (Wegener) is iets vergelijkbaars aan de hand.

Lem en Lahnstein waren vorige week al even bij de NMa op bezoek geweest om het initiatief te presenteren. Beide directeuren hadden aan het gesprek 'goed gevoel' overgehouden en zeker niet de indruk gekregen op een politiebureau te zijn beland. Ze gaan er vanuit dat de NMa niet zal dwarsliggen.

Die verwachting lijkt gerechtvaardigd omdat minister Wijers twee jaar geleden ook geen stokje stak tussen de overname van de Dagbladunie (NRC Handelsblad en het Algemeen Dagblad) door PCM Uitgevers (de Volkskrant, Parool en Trouw). Toen was er sprake van een echte samenvoeging en kwam de volledige landelijke dagbladmarkt met uitzondering van de Telegraaf in handen van een enkele partij.

Hoewel de Nationale Regiopers gezien moet worden als initiatief dat gericht is tegen 'het loket' van PCM, dat adverteerders met de vier landelijke kranten immers al eerder landelijke verspreiding kon garanderen, deden Lem en Lahnstein gisteren hun uiterste best harde oorlogstaal te vermijden: “We willen niet de markt veroveren, maar willen enkel terughalen wat we de afgelopen jaren zijn kwijtgeraakt.” De vier uitgevers bedienen weliswaar 49 procent van de Nederlandse lezersmarkt met hun regionale dagbladen, maar van de totale hoeveelheid landelijke produktadvertenties komt slechts 437 miljoen gulden, 38,4 procent, in die kranten terecht. Die cijfers moeten weer “in proportie” worden gebracht.

PCM reageerde de afgelopen dagen uiterst gepikeerd op het initiatief van de regionale concurrentie. Te meer omdat de uitgever met het Parool en het Rotterdams Dagblad twee belangrijke regionale bladen heeft die voor het initiatief zijn gepasseerd. Commercieel directeur Rob Steenbergen zei zelfs dat de uitgever zijn positie in het samenwerkingsorgaan van de dagbladen Cebuco heroverweegt. “Rob is erg geschrokken,” reageerde Lahnstein gisteren fijntjes: “Als dit een scherpere concurrentiestrijd tot gevolg heeft, is dat kennelijk gewenst.”