PvdA, VVD winnen licht; CDA verliest iets; Groot verlies voor D66 bij raadsverkiezingen

DEN HAAG, 5 MAART. D66 heeft ongeveer de helft van haar kiezers verloren. PvdA en VVD hebben beide licht gewonnen. Het CDA heeft iets verloren, maar houdt de meeste raadszetels. Extreem-rechts is vrijwel weggevaagd. Dit zijn de belangrijkste uitkomsten van de gemeenteraadsverkiezingen van gisteren. De opkomst was met 59,5 procent de laagste sinds de afschaffing van de opkomstplicht in 1970.

Lokale partijen zijn in omvang ongeveer gelijk gebleven: samen behaalden zij 19 procent van de stemmen in de gemeenten waar gisteren werd gestemd. (In 63 van de 548 gemeenten werd niet gestemd vanwege gemeentelijke herindelingen.) Uitschieters waren Leefbaar Utrecht en Leefbaar Hilversum, die elk in hun stad de grootste partij werden.

Tot in de loop van vanmorgen bestond er onduidelijkheid over de landelijke vertaling van de bijna vijfhonderd uitslagen. Vergelijkingen met de Kamerverkiezingen van 1994 zorgden gisteravond al voor enige verwarring: op de televisie werd aanvankelijk het CDA tot winnaar uitgeroepen, omdat die partij zich iets heeft hersteld in vergelijking met de Kamerverkiezingen van vier jaar geleden. Raadsverkiezingen en Kamerverkiezingen kunnen echter moeilijk worden vergeleken, onder andere omdat het opkomstpercentage en het aantal deelnemende partijen aanzienlijk verschillen.

Uitgedrukt in percentages heeft het CDA 20,2 procent van alle uitgebrachte stemmen gehaald. Bij de raadsverkiezingen in 1994 was dat 21,4 procent. De PvdA heeft 19,5 procent (was 17,3), de lokale partijen samen 19 procent (was 18,9), de VVD 17,9 procent (was 15,7), de drie kleine christelijke partijen samen 6,4 (was 5,7), GroenLinks 6,4 (was 5,7), D66 5,6 (was 11,2), de SP 3,4 (was 1,9), extreem-rechts 0,4 (was 2,0), de ouderenpartijen 1,2 (was 0,3).

Uitgedrukt in raadszetels wint de PvdA ruim 200 zetels en komen de sociaal-democraten op 1.741. De VVD klimt van 1.461 tot 1.674 zetels. D66 zakt van 850 tot 409 zetels. Het CDA, dat verhoudingsgewijs veel stemmen trekt in kleine gemeenten, gaat van 2.255 naar 2.163 zetels. GroenLinks stijgt van 346 naar 413 zetels, de SP van 99 naar 172. (De exacte zetelaantallen kunnen afwijken door andere toerekening van zetels van gecombineerde lijsten.)

Het bureau Inter/View heeft de uitslagen “ontdaan van lokale aspecten” en omgerekend naar Tweede-Kamerzetels. Volgens die overigens omstreden berekening zou het CDA gisteren op 37 Kamerzetels zijn uitgekomen (nu 34), de PvdA op 36 (nu 37) en de VVD op 32 (nu 31). D66 zou zijn gedaald van 24 naar zeven. GroenLinks zou op 15 zijn gekomen (nu 5), de SP op 6 (nu 2), de kleine christelijke partijen RPF/GPV/SGP samen op 11 (nu 7), terwijl de Ouderenpartijen er 5 zouden halen (nu 7) en de CD 1 (nu 3).

VVD-leider Bolkestein en PvdA-leider Kok onderstreepten gisteravond dat uit de uitslag van de raadsverkiezingen geen conclusies kunnen worden getrokken voor de Kamerverkiezingen van 6 mei. Dat deden de lijsttrekkers van de landelijke partijen vervolgens toch enigermate. D66-lijsttrekker Borst sprak van “een hele slechte uitslag voor D66”. Volgens haar is de vorming van een tweede paars kabinet in gevaar gekomen. “Als het signaal van de kiezer op 6 mei hetzelfde is, dan lees ik dat als boodschap: D66, hou maar op met regeren, ga maar in de oppositie. En dat doen we dan.” Om dit te voorkomen heeft de partijtop vanmorgen tijdens het dagelijkse campagneberaad besloten dat minister Wijers (Economische Zaken) een grotere rol krijgt in de komende verkiezingscampagne.

Bolkestein sprak van een “fatsoenlijke winst” voor de VVD. In een reactie op Borst onderstreepte hij dat de VVD in de komende kabinetsformatie D66 “er graag bij heeft. Maar als D66 zegt: wij houden ermee op, dan proberen wij tot overeenstemming te komen met de PvdA. Zonder D66 kan het ook.”

Premier Kok vond dat zijn partij, de PvdA, “enorme terreinwinst” heeft geboekt. Kok wees er met name op dat de winst van de PvdA groter is dan die van de electorale concurrent GroenLinks. Hij vindt dat op 6 mei het “succesvolle kabinetsbeleid tegenover de kiezer moet worden verdedigd”, maar wilde niet vooruit lopen op een eventuele afwezigheid van D66.

CDA-leider De Hoop Scheffer sprak van een “opsteker”. “Na een moeilijke periode is het vertrouwen terug”, zei hij, refererend aan de desastreuze uitslag bij de Kamerverkiezingen van 1994. De leider van GroenLinks, Rosenmöller, sprak van een “historische dag”. In de drie grote steden hebben zich geen aardverschuivingen voorgedaan. De PvdA blijft zowel in Amsterdam als Rotterdam de grootste partij. In Den Haag bleef de VVD de grootste.