Kilometers vreten

De meeste mensen zien het openbaar vervoer uitsluitend als middel. Je gaat met trein, tram of bus om van A naar B te gaan. Een enkeling weet zijn/haar jaarkaart op meer levenslustige wijze te gebruiken als 'funreiziger'. Deel 6 in een serie over passies.

Wie, niet geplaagd door schuldgevoelens, af en toe een dagje uit het raam wil staren en vervolgens met een gerust hart wil kunnen zeggen het 'drukdrukdruk' te hebben gehad, moet overwegen om fun-reiziger te worden. De fun-reiziger prikt een dag, maakt een reisplan waarbij op één dag zoveel mogelijk kilometers per openbaar vervoer worden afgelegd en gaat een dag lang door Nederland reizen om leven en landschap te beschouwen. Profiel van dit type reiziger: meestal in het bezit van OV- of NS-kaart, geneigd tot introspectie, licht dwangmatig gedrag en hang naar individualisme.

Er zijn vele vormen van fun-reizen. Gevorderden kunnen het streven naar een maximum aantal kilometers vervangen door het doorkruisen van zoveel mogelijk provincies, het aandoen van zoveel mogelijk stations of, een aan te bevelen variant, het reizen in zoveel mogelijk verschillende treinen, van wadloper-zonder-eerste-klas tot internationale trein-met-pluche. Voor vergevorderden met aanleg voor planning is er de variant 'zoveel mogelijk met opheffing bedreigde spoorlijntjes op één dag'. Hiermee wordt tevens een goed doel gediend: het is immers niet denkbeeldig dat de funreiziger nèt die boventallige passagier is die opheffing van het lijntje met weer een jaar uitstelt. De 'bedreigde lijntjes'-variant is overigens alleen geschikt voor de zomer, op korte winterdagen lukt het niet, als u tenminste gesteld bent op uitzicht. Ook 'exoten-jagers', uit op het 'scoren' van pittoreske trajecten als het kustlijntje tussen Groningen en Leeuwarden en het kippenlijntje langs Barneveld, dienen vroeg van huis te gaan.

Met een beetje kwade wil is fun-reizen te zien als een variant van voor de buis hangen, met het spoorboekje als programmablad. Maar dat is te plat. Fun-reizen is een goedaardige vorm van dwangneurose - de ware fun-reiziger is in het bezit van een denkbeeldige wereldbol waarop hij paraafjes 'gezien' noteert - gecombineerd met geraffineerde luiheid: wie zal de fun-reiziger na 500 kilometer en bijna 12 uur reizen durven beschuldigen van nietsnuttigheid? Bovendien heeft fun-reizen een heilzame werking op lichaam en geest, iets dat van de buis nog maar moet worden bewezen: stress valt weg in trein en bus, het jachtige brein schakelt over naar de reflectie-stand, ja, zelfs de hartslag wordt lager bij geoefende fun-reizigers.

Maar er zijn meer onverwachte voordelen: zo kan de fun-reiziger beschuldigingen van Randstedelijke arrogantie voortaan met een zuiver geweten wegwuiven. Hij is immers in Zurich geweest, heeft op het station van Wierse gestaan en is langs de bushalte van Heerhugowaard gekomen.

Elke geografische aanduiding wekt bij de fun-reiziger een immateriële vorm van hebzucht op. Volslagen onbekende verten lonken als Sirenen. Zeker als de bus naar een geplande bestemming vol is, wordt het verleidelijk af te wijken van het reisplan en de bus te nemen naar Overdie, Daalveen of Platvoet, via Borgele. Maar pragmatisme roept ons terug: Overdie en Platvoet zijn vermoedelijk het einde van de wereld en niets is zo funest voor de fun-reiziger als doodlopende wegen.