OESO heeft twijfels bij groei Zweden

PARIJS, 4 MAART. De toenemende binnenlandse vraag is de belangrijkste pijler onder de economische groei in Zweden, die dit en volgend jaar zal doorzetten. Dat schrijft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in haar laatste rapport, dat gisteren in Parijs werd gepresenteerd.

Die toenemende binnenlandse vraag is te danken aan een hoger beschikbaar inkomen per hoofd van de bevolking. Zweden heeft zijn openbare financiën weer op orde en daarmee voldoet het land aan de voorwaarden voor het aantrekken van de economie. De geloofwaardigheid van de regering is eveneens toegenomen door het monetair beleid waarvoor zij heeft gekozen. Een gevolg daarvan is dat de rente redelijk laag blijft.

Na een pas op de plaats in 1995 en begin 1996 is het bruto binnenlands product in 1997 toegenomen met 1,8 procent. De OESO schat dat het bbp dit jaar met nog eens 2,6 procent zal toenemen en volgend jaar met 2,4 procent.

De export is de hoeksteen geweest voor de Zweedse groei, maar de binnenlandse vraag speelt nu ook een belangrijke rol. De particuliere bestedingen krijgen vooral een impuls door de lage rentetarieven en een flink dalende werkloosheid.

De binnenlandse vraag zal volgens de OESO in 1998 en 1999 nog eens met 2,5 procent stijgen. Die gunstige situatie verhult overigens niet dat er sprake is van een onevenwichtige situatie op de arbeidsmarkt, zo stelt de OESO. Juist daarom is de organisatie voorzichtig met de voorspelling van een duurzaam herstel van de economie. Wel zijn sinds 1995 de lonen matig gestegen. Naar verwachting zal de inflatie de komende jaren uitkomen op 2,5 procent. (AFP)