Z-Afrika: de waarheid, maar geen wroeging

De Zuid-Afrikaanse Waarheidscommissie had haar werk deze maand moeten afronden, maar komt pas eind juli met een 'eindverslag'. Intussen blijven de gruwelen, de frustraties en de angst van het verleden opspelen.

PORT ELIZABETH, 3 MAART. Daar zaten bittere mannen. Zeven voormalige dienaren van de apartheidswetten biechtten deze en vorige week in de havenstad Port Elizabeth op hoe zij in de jaren tachtig vier activisten martelden en vermoordden. Ze hebben amnestie aangevraagd voor hun daden. Spijt hadden de meesten niet, gekwetst waren ze wel. Ze hadden toch gehandeld namens volk en vaderland? Daar zaten ook boze weduwen, de nabestaanden van de slachtoffers van de blanke beulen. Ze lieten tranen en wilden van verzoening noch vergeving weten.

Het township New Brighton, lokatie van deze hoorzitting van de Waarheids- en Verzoeningscommissie, is er één waar Zuid-Afrika vele duizenden van heeft. De hele gebouwde omgeving in het land is in feite een sinistere herinnering aan de tijden van rassenscheiding. Hoewel de apartheid vier jaar geleden officieel is begraven, draagt elke Zuid-Afrikaanse stad, elk dorp of gehucht nog steeds dat onmiskenbaar karakter van weleer: rondom een overwegend blank centrum en aanpalende gegoede blanke buurten liggen, strikt gescheiden, de zwarte en gekleurde townships. In de Great Centenary Hall van New Brighton kwam de Waarheidscommissie bijeen om zich te buigen over de 'Cradock Four'.

Cradock is een plaats op 250 kilometer ten noorden van Port Elizabeth, van waaruit een groep activisten tegen de apartheid begin jaren tachtig opereerden in het grote gebied van de Oost-Kaap. De leider van de groep, Matthew Goniwe, en drie anderen werden in juni 1985 door de politie nabij Port Elizabeth ontvoerd en op gruwelijke wijze afgemaakt. De 'Cradock Four' is een symbool dat in Zuid-Afrika in één adem wordt genoemd met Sharpeville 1960, Soweto 1976 en Steve Biko en staat te boek als een van de grote trauma's van de zwarte gemeenschap.

Kapitein Johan 'Sakkie' van Zyl was in die jaren in dienst van de Veiligheidsafdeling van de politie in Port Elizabeth. Tegenover de Waarheidscommissie zette hij in koele, klinische bewoordingen uiteen hoe op hoog niveau werd besloten tot “verwijdering' van Goniwe en de zijnen. Van Zyl kreeg de opdracht “een drastisch plan uit te werken voor Goniwe en zijn trawanten omdat ze bezig waren anarchie te stichten op het Oost-Kaapse platteland”. De Afrikaner politieman stelde destijds verder geen vragen, maar “wist wat hem te doen stond”. Van Zyl zag het als zijn persoonlijke missie de vier activisten het zwijgen op te leggen.

27 juni 1985 werd de nacht van de lange messen. Kapitein Van Zyl en twee andere blanke politieagenten Gerhard Lotz en Eric Taylor, onderschepten de vier mannen in hun auto en namen hen gevangen. Men had besloten hen dood te steken om het op een roofoverval te laten lijken. Van Zyl reed weg met één van de geboeide activisten, Sparrow Mkhonto, met het doel hem af te maken, maar Mkhonto viel hem in de auto aan waarna van Zyl hem doodschoot. “Ik besefte dat ik het had verprutst” zei Van Zyl op de hoorzitting. De andere drie werden daarna volgens plan murw geslagen en - pikant detail - doodgestoken door drie zwarte politieagenten. De lijken van de activisten werden vervolgens in brand gestoken. De drie zwarte politiemannen werden enkele jaren later vermoord, uit vrees dat ze zouden doorslaan. Van Zyl zei geen wroeging te voelen over het gebeurde: “ik deed wat het land van mij vroeg”. De voorzitter van de zitting van de Waarheidscommissie in Port Elizabeth, rechter Ronnie Pillay, vroeg van Zyl of hij aan de nabestaanden van de vermoorde activisten zijn excuses wilde aanbieden. Van Zyl antwoordde onbewogen: “Daar heb ik geen bezwaar tegen.”

Veel harder van toon was de getuigenverklaring van Nicolaas Janse Van Rensburg, destijds de tweede in rang bij de politie van Port Elizabeth. Van Rensburg en was betrokken bij het plannen en het verhullen van de moordpartij. “Ik geloofde dat het doden van Goniwe en consorten de enige oplossing was”, zei een rood aangelopen Van Rensburg in antwoord op vragen van George Bizos, advocaat voor de nabestaanden van de Cradock Four . “We waren in een staat van oorlog met het ANC”, zei de ex-politieman. Hij verdedigde de moorden met verwijzing naar zijn hoogste baas op dat moment, president P.W. Botha, die de blanken voorhield dat “vuur met vuur moest worden beantwoord” ten einde “de totale aanval” een halt toe te roepen. Terwijl Van Rensburg op het podium verder ging met zijn pogingen George Bizos van repliek te dienen, ontstond in de zaal grote beroering over het totale gebrek aan wroeging bij de ex-politieman. “Hij had nooit gedacht nog eens verantwoording te zullen moeten afleggen voor zijn daden”, aldus een lid van de Waarheidscommissie.

Spijt had wel Eric Taylor, die gisteren aan het woord kwam. In tegenstelling tot van Zyl en van Rensburg kon Taylor zijn emoties nauwelijks de baas. Met een nerveuze snik in zijn stem zei hij in 1989, na het zien van de Amerikaanse film Mississippi Burning (waarin de Ku Klux Klan zwarten in het zuiden van de VS vermoord), tot het inzicht te zijn gekomen dat hij een grote fout had begaan. Om met zichzelf in het reine te komen las Taylor naderhand ook nog de autobiografie van Nelson Mandela, maar vrede over zijn daden had hij niet kunnen vinden.

De verklaring van Taylor roerde de vier weduwen van de Cradock Four, die aan de andere kant van het podium zaten, diep. De vrouwen deden sinds het begin van de zitting, vorige week, moeite hun tranen in bedwang te houden, maar gisteren lukte dat niet meer. In eerdere verklaringen hebben ze al gezegd dat ze de ex-politieagenten geen vergiffenis kunnen schenken. Dat zal overigens niet van invloed zijn op de aanvraag voor amnestie van de agenten; daarvoor geldt uitsluitend het criterium of de daden werden gepleegd uit politieke motieven of niet.

Raadslieden van de zeven amnestie-aanvragers beklaagden zich na een van de sessies over de harde ondervraging door George Bizos, een behandeling die geen recht zou doen aan hun cliënten. Bizos riposteerde: “Welk recht hebben de Cradock Four gehad?”