NOC*NSF op zoek naar crisismanager voor half jaar

ROTTERDAM, 3 MAART. Het bestuur van de sportkoepel NOC*NSF heeft gisteravond besloten een interim-voorzitter aan te stellen voor een periode van een half jaar om de geschonden relaties met de overheid te herstellen. De 'crisismanager' volgt op 12 mei W. Huibregtsen op die onlangs aftrad vanwege zijn vermeende kritiek op het nieuwe IOC-lid Willem Alexander.

“We zoeken iemand die met een koele blik naar onze organisatie kan kijken. We wilden tevens een kandidaat die geen banden heeft met het huidige bestuur”, vertelde J. Loorbach, die de functie van Huibregtsen tijdelijk waarneemt.

Steun kreeg Huibregtsen vanmorgen van 104 bestuurders en zakenlieden, onder wie oud-minister J. Andriessen, NS-topman R. den Besten, KPN-topman W. Dik, Hema-directeur J. Bons en Akzo-bestuurder S. Bergsma. In een openbare brief aan P. Broertjes, hoofdredacteur van de Volkskrant, stellen zij op persoonlijke titel dat Huibregtsen gezuiverd moet worden van alle blaam na het voor hem “onredelijk schadelijke artikel zonder verificatie”.

Volgens de ondertekenaars kan “op grond van onze ervaringen” Huibregtsen de gewraakte uitspraken over de kroonprins niet hebben gedaan. De voormalige NOC-voorzitter wordt omschreven als een integer man die de sport “politieke erkenning en maatschappelijke betekenis” heeft bezorgd.

De vertrokken voorzitter kreeg gisteren al een openlijke steunbetuiging van 48 (oud-)topsporters, onder wie volleyballers Ron Zwerver, Bas van de Goor en Peter Blangé, zwemmers Marcel Wouda, Pieter van den Hoogenband en Kirsten Vlieghuis en hockeyers Marc Delissen, Floris Jan Bovelander en Stephan Veen. In het schrijven maken zij zich sterk voor het aanblijven van Huibregtsen en roepen zij bestuurders en leden van NOC*NSF op hun voorbeeld te volgen.

Verder wijzen de sporters op de recente olympische successen. In zowel Atlanta als Nagano won Nederland een recordaantal medailles. “Bestuursleden maken het de sporters mogelijk om zich onder de beste omstandigheden voor te bereiden en in dat kader kan het geen toeval zijn dat tijdens het voorzitterschap van Wouter Huibregtsen zoveel bereikt is.”

Ondanks de steunbetuigingen worstelt NOC*NSF met de schade van de affaire-Huibregtsen. “Een natuurlijk genezingsproces alleen is niet voldoende”, beseft Loorbach. “Al voert het ons te ver te concluderen dat nu de gehele sportwereld op zijn kop staat.” De wens lijkt de vader van de gedachte te zijn, want al tijdens de Winterspelen trachtte het bestuur van NOC*NSF de ophef na de uitspraken van Huibregtsen in de Volkskrant te bagatelliseren. “Wij hebben ons verder niet met de kwestie bemoeid, omdat we het ook een persoonlijke zaak van Huibregtsen vonden”, zegt Loorbach.

Nog steeds spreekt Loorbach van “een nietige gebeurtenis met disproportionele gevolgen”. Wat hem betreft, had Huibregtsen niet hoeven vertrekken. “Het bestuur van NOC*NSF heeft uitdrukkelijk geen afstand willen nemen van zijn voorzitter. Wij betreuren het domino-effect na publicatie van het bewuste artikel.”

Staat het NOC*NSF-bestuur ook achter de kritiek die Huibregtsen die “in krachtige termen” heeft geuit op de procedure rond de benoeming van de kroonprins in het IOC? Loorbach: “Het is niet productief daar nu op terug te komen, al zullen wij met betrokken partijen nog eens over praten over die procedure. Wij willen het functioneren van Huibregtsen echter niet verbinden met de uitspraken die uiteindelijk tot zijn vertrek hebben geleid.”

Ook Loorbach heeft niet meer geprobeerd Huibregtsen op andere gedachten te brengen na zijn beslissing het voorzitterschap van NOC*NSF neer te leggen. “Het is betreurenswaardig dat het zo heeft moeten lopen. Maar ook wij beseften dat voor Huibregtsen al te veel was gebeurd om nog normaal te kunnen functioneren. Toch rekenen wij erop dat Huibregtsen als bestuurslid loyaal blijft meewerken tot de vergadering van 12 mei. Dan hopen wij in een ontspannen sfeer afscheid te kunnen nemen.”

Volgens Loorbach heeft het bestuur nog geen short list opgesteld van kandidaten die het NOC*NSF een half jaar moeten leiden. Morgen komen de belangrijkste sportbonden bijeen op Papendal om de vacature te bespreken. De tussenpaus zal zich tevens moeten buigen over de vertroebelde relatie tussen NOC*NSF en IOC-lid A. Geesink, die zich na het afscheid van Huibregtsen negatief uitliet over de man met wie hij niet door een deur kon. “Geesink is betrokken geweest bij het opstellen van een verklaring, waarin wij de verdiensten van Huibregtsen hebben opgesomd”, zegt Loorbach.