Griekse 'inhaalrace' naar EMU

Griekenland voldeed vorige week als enige land niet aan de criteria voor de EMU. De regering in Athene verzet nu de bakens. Bij de aanpak van staatsbedrijven is Olympic Airways een testcase.

ATHENE, 3 MAART. “Dit wordt het jaar van de landing van de Olympic Airways”, aldus de Griekse minister van Ruimtelijke Ordening Laliotis deze week. Het klonk rijkelijk optimistisch, maar vrijwel algemeen heerst de mening in Griekenland dat als er niet binnen enkele maanden draconische maatregelen worden uitgevoerd, deze maatschappij haar faillissement tegemoet gaat.

De socialistische regering Simitis, ruim twee jaar geleden aangetreden, boekt opmerkelijke voortgang bij haar streven te voldoen aan de criteria voor toetreding tot de EMU, al zal die niet in 1999 kunnen plaatsvinden maar, zo wordt gehoopt, in 2001. De inflatie, zes jaar geleden nog veertien procent, zakt gestaag en bedraagt nu nog maar 4,5 procent. Het begrotingstekort daalde over dezelfde periode van 10 naar 4 procent van het bruto nationaal product en komt volgend jaar naar verwachting uit op 3 procent. Zorgwekkend blijft de rentevoet, die steeds moet worden verhoogd om de drachme bij alle speculatie sterk te houden.

Maar de meeste zorgen baart het structurele probleem van de schuldenlast, waarmee zowat alle staatsbedrijven worstelen. En vliegbedrijf Olympic Airways - opgericht in 1957 door Onassis, in 1975 genationaliseerd - vormt daarvan met een schuld van zo'n 4 miljard gulden het meest afschrikwekkende voorbeeld.

De regering maakt er geen geheim van dat ze van de oplossing van dit probleem een testcase wil maken. Als Olympic Airways kan worden gesaneerd, dan kan dit met andere vervoersbedrijven, het electricteitsbedrijf, de post en de waterleiding. Het gaat al veel beter met de telefoondienst OTE, waarvan een pakket aandelen (6 procent van het totaal) op de beurs is gegooid en die nu tot flinke investeringen in staat blijkt.

Maar Olympic Airways leek tot heden een hopeloze zaak. In een vraaggesprek met de Financial Times liet de socialistische minister van Economische Zaken Papandoniou zich ontvallen dat, als hij deze stal kan reinigen, dit een even groot succes zal zijn als de geslaagde strijd destijds van de conservatieve Britse premier Thatcher tegen de mijnwerkers.

Een grootscheeps saneringsplan voor Olympic, drie jaar geleden onder het waakzaam oog van de EU ingevoerd, mislukte schromelijk. Dit had tot gevolg dat 53 miljard drachme (350 miljoen gulden) aan leningen zijn bevroren, die Brussel in het vooruitzicht had gesteld. Weliswaar boekte de maatschappij de laatste jaren voor het eerst weer wat winst, maar het is de vraag of dit voor 1998 blijft opgaan.

De Griekse luchtvaartmaatschappij heeft veel te veel personeel. Dit slokt bijna de helft van de uitgaven op. Bij andere maatschappijen is dat 26 tot 28 procent. De laatste jaren zijn enkele duizenden personen afgevloeid, maar dat gebeurde met bonussen die de maatschappij weer onevenredig belastten. Van de huidige 7.250 employés zou de helft weg moeten. Het gaat grotendeels om niet-technisch personeel, dat niet direct bij het vliegen is betrokken.

Opvallend is het enorme surplus aan 'superieuren' in het bedrijf. De 47 directeuren die Olympic de laatste 24 jaar heeft gehad, zijn steeds gezwicht voor pressie uit de politieke partij die aan de macht was, mensen aan te trekken die soms niet meer dan een uur per dag werk kregen (vooral buiten het seizoen). Die directeuren en de leden van raden van bestuur waren meestal zelf ook leken, het waren politici voor wie een baantje moest worden gevonden, journalisten, sociologen, mensen uit de scheepvaart. Momenteel staat weer een vliegexpert aan het roer.

Het topzware Olympic Airways worstelt met nog andere problemen. Een daarvan is de verscheidenheid aan toestellen die worden gebruikt, momenteel zeven verschillende types, die een groot surplus aan onderhoud vergen. Dit moet in het volgende saneringsplan worden teruggebracht tot twee.

Permanent is de arbeidsonrust onder het 'verwende' personeel. Dagelijks moesten de laatste weken vluchten worden afgelast of samengevoegd. De taak die de regering zich de komende maand stelt is, het personeel duidelijk te maken hoe destructief al deze acties zijn tegen de achtergrond van het dreigende bankroet van de maatschappij. Het is wel zeker dat naar bijstand van grotere maatschappijen zal moeten worden gezocht. Steeds vaker wordt in dit verband Lufthansa genoemd.

Elk jaar moet de regering met gigantische bedragen bijspringen om de verliezen van de staatsbedrijven te dekken. Vorig jaar deed zij dat met een bedrag van 1,3 biljoen drachme (90 miljard gulden), dit jaar wordt het nog hoger: 1,5 biljoen drachme (105 miljard gulden). Dit kan zo niet doorgaan.

Bij de nadering van de grote 'operatie Deko' - zo heten hier, afgekort, de staatsbedrijven - liet de regering in januari in het parlement een wet aannemen die de inspraak van de vakbonden bij deze organisaties aan banden legde. Het kwam tot stakingsacties die deze maand nog wel heviger kunnen worden. Wat daarbij echter opvalt, en waaraan de regering zich zal vastklampen is dat de sympathie van het 'publiek' niet naar de stakers uitgaat. Men weet hoeveel voorrechten - toelagen, gunsten inzake het arbeidsrooster - deze werknemers hebben weten te bemachtigen. Dit zijn de zogenaamde 'kektiména' (verworvenheden) waarvan nu weer zoveel sprake is. Zij gelden niet alleen voor Olympic Airways - zeer veel gratis vluchten, ook voor familieleden - maar eveneens voor het publiek stadsvervoer waarmee de burger dagelijks te maken en te worstelen heeft.

Net als bij de Olympic krijgt het publiek vaak de indruk dat de stedelijke vervoersbedrijven en ook de trein er niet is voor de passagiers maar voor het personeel. Een voorbeeld: op zondagen, in de kerst- en oudjaarsperiode blijven de winkels open. Het is dan uitzonderlijk druk in het centrum, maar bussen en trolly's rijden er bijna niet, omdat de zondagsregeling hier wordt aangehouden.

Nog sterker: op gezette tijden moeten de passagiers om twaalf uur 's middags hun trolly verlaten. Het gaat niet om een staking, maar om de 'algemene vergadering' die het personeel tot vijf uur 's middags wil houden. In de praktijk duurt de onderbreking zeven uur.

'Kolládes 'worden de personeelsleden van het stedelijk vervoer door het publiek genoemd, naar hun vakbondsvoorzitter Kollas die een grote rol speelde tijdens de conservatieve premier Mitsotakis. Deze privatiseerde, na wekenlange stakingen, de autobussen en gaf ze in eigendom aan - rechtse - chauffeurs. Die moesten zich daartoe op bepaalde adressen vervoegen, waar ze door de aanhangers van Kollas werden opgewacht met allerlei geweld. Na de socialistische verkiezingsoverwinning van 1993 werd het bedrijf weer genationaliseerd en de werknemers in hun rechten hersteld. Het is tegen zulke Kolladés, socialistische en communistische, dat de regering, deze keer zelf socialistisch, haar strijd zal moeten voeren.