Op weg naar Bonn

ONVERANDERD VOOR de verandering. Dat had een slogan kunnen zijn in Nedersaksen, waar premier Gerhard Schröder gisteren zijn belofte meer dan waar maakte. In de deelstaatverkiezingen trok hij een record aan stemmen voor de SPD en met een absolute meerderheid in de Landdag kan hij aan een derde ambtstermijn beginnen.

Op het eerste gezicht geen verandering dus in de deelstaat Nedersaksen, maar des te meer in de SPD en, misschien, straks ook nog wel in Bonn. Onmiddellijk na de uitslag hief partijleider Oskar Lafontaine, tot gisteravond rivaal voor het socialistische lijsttrekkerschap bij de Bondsdagverkiezingen in september, Schröder op het schild. Hij mag nu proberen een reeks van voorgangers te overtreffen en kanselier Kohl onttronen. Volgens de peilingen is Schröder de enige die dit jaar een kans heeft.

In Nedersaksen lijkt Schröder van een soort kanseliersbonus te hebben geprofiteerd. De premier had al in een vroeg stadium de Landdagverkiezingen bestempeld als een proefronde voor zijn gooi naar de macht in Bonn. Hij had zelfs een 'criterium' bedacht waaraan de uitslag moest voldoen wilde het lijsttrekkerschap voor de SPD in de Bondsdagverkiezingen binnen zijn bereik kunnen komen. Zo degradeerde hij een stembusstrijd over regionale belangen en geschilpunten tot een populariteitstest voor de race naar Bonn. De kiezers van Nedersaksen hebben het zich laten aanleunen. CDU, FDP en Groenen hadden het nakijken.

MET DE BENOEMING van de pragmaticus Schröder als lijsttrekker lijkt de SPD een lijn te gaan volgen die al eerder door Clinton en Blair is uitgezet: progressief georiënteerde leiders die zelf maar de noodzakelijke hervorming van de verzorgingsstaat ter hand hadden genomen omdat anders de reactie met de botte bijl de sloop zou hebben afgemaakt. Toch gaat die vergelijking maar zeer ten dele op. In Duitsland was en is geen plaats voor de Britse ervaring met het thatcherisme of voor Republikeinse instincten zoals die in 1994 president Clinton de pas afsneden. Wel gaat het om een herverdelingssysteem dat zich onvoldoende heeft aangepast sinds het voor de zware opgave van de sociaal-economische integratie van het andere Duitsland is komen te staan en mede daardoor veel te kostbaar is geworden. Pogingen van de zittende coalitie in Bonn om tot stroomlijning van het belastingstelsel en de sociale verzekeringen te geraken zijn vorig jaar overigens op het electorale opportunisme van de SPD stukgelopen. Maar juist Schröder had daar weinig directe bemoeienis mee. In de aanstaande campagne zal het dan ook vermoedelijk geschiedenis zijn.

Kohls opeenvolgende verkiezingssuccessen worden nu zijn achilleshiel geacht. Duitse zwaarmoedigheid vond altijd een tegenwicht in het zelfverzekerde en vertrouwde leiderschap van de reus uit Rijnland-Palts. Maar de Duitse depressiviteit lijkt nu het punt te hebben bereikt waar de weg omhoog slechts aan de hand van een nieuwe leider kan worden hervonden. De werkloosheid, op naoorlogse recordhoogte, vraagt dringend om een doorbraak van de politieke patstellingen.

SCHRÖDER ZOU de geschikte man kunnen worden. Al vormt de kostbare industriepolitiek die hij in Nedersaksen heeft gevoerd nu niet bepaald een aanbeveling. Maar zijn politieke wendbaarheid kan hem helpen de in Duitsland nog altijd aanwezige ideologische scheidslijnen te overwinnen. En verder is hij de personificatie van het gezonde verstand, een Macher die zich niet laat afleiden door de subtiliteiten en ingewikkeldheden van de actuele informatiemaatschappij. Dat hij in Nedersaksen kans zag partijen rechts en links van hem op achterstand te plaatsen belooft wat wanneer hij eind komende zomer zijn tenten zal opslaan voor wat dan nog steeds de regeringshoofdstad van de Bondsrepubliek zal zijn. Na de slag om Hannover volgt de strijd om Bonn.