Classicisme in Bijbels Museum

Tentoonstelling: Soo vele heerlijcke gebouwen - Philips Vingboons en zijn Hollandse tijdgenoten. T/m 8 maart in Bijbels Museum, Herengracht 366-368. Open: ma-za 10-17 u., zo 13-17 u. Catalogus ƒ 34,50

Het is grappig dat zoiets door en door christelijks als het Bijbels Museum in twee van de vier Cromhouthuizen aan de Amsterdamse Herengracht is gevestigd. De huizen zijn immers een hoogtepunt van het Hollandse classicisme, de Nederlandse zeventiende-eeuwse poging om recht te doen aan de bouwkunst van de oude Romeinen, het volk dat met zoveel plezier de eerste christenen voor de leeuwen had geworpen.

Toch heeft het Bijbels Museum niet het gevoel dat het in het verkeerde gebouw zit. Terecht natuurlijk, want de Romeinen waren ook het eerste volk dat werd gekerstend. De komende restauratie van de panden was voor het museum dan ook aanleiding om onder de titel Soo vele heerlijcke gebouwen een tentoonstelling in te richten over het werk van Philips Vingboons (1607-1678), de architect van de Cromhouthuizen, en zijn classicistische tijdgenoten. In de vertrekken op de begane grond, die als voorschot op de verbouwing al gedeeltelijk zijn onttakeld, zijn tussen en op steigers originele tekeningen, fotokopieën, maquettes, boeken en video's uitgestald. Ze geven een beknopt overzicht van de ontwikkeling van het Hollandse classicisme en laten weer eens zien hoe Philips Vingboons en zijn broer Justus, Pieter Post en Jacob van Campen de 'maet en regelen der Ouden' in hun gebouwen probeerden toe te passen. Hierbij maakten ze gebruik van de geschriften van Palladio en andere zestiende-eeuwse Italiaanse architecten en natuurlijk van de tien boeken van Vitrivius, het enige tractaat over bouwkunst dat uit de oudheid behouden was gebleven.

Vingboons en de zijnen waren niet de eerste Nederlandse architecten die gebruik maakten van de voorschriften voor klassieke bouwkunst. Ook de voorgaande generatie bouwmeesters, onder wie Hendrick de Keyser, was al redelijk op de hoogte van de geschriften van de Italiaanse renaissance-architecten en hun grote Romeinse voorbeeld. Maar voor de voorgangers van Vingboons was het classicisme vooral een kwestie van ornamentiek: ze bedekten de gevels van hun gebouwen met pilasters, frontons en andere klassieke versieringen zonder acht te slaan op de precieze voorschriften voor maten en verhoudingen. Voor Vingboons en zijn tijdgenoten was dit laatste juist de kern van het classicisme. Ornamenten dienden slechts om de juiste verhoudingen te beklemtonen en werden in de loop van de zeventiende eeuw zelfs steeds terughoudender gebruikt.

Maar de strikte toepassing van de classicistische regels leverde vooral bij woonhuizen in de stad problemen op. De bouwkavels waren in de oude Nederlandse steden vaak zo smal, dat regelmatige plattegronden onmogelijk waren. Zo bleef ook bij de generatie van Vingboons het classicisme vaak beperkt tot de voorgevel. Ook bij de Cromhouthuizen was dit het geval. Achter de vier met frontons, guirlandes en festoenen versierde gevels gaan niet echt harmonieuze plattegronden schuil. Het zijn dan ook vooral de interieurs van de Cromhouthuizen die in de loop der eeuwen zijn veranderd. Zo werden in 1718, zesenvijftig jaar na de voltooiing van de panden, de rechte trappen van Vingboons vervangen door een schitterend ovalen trappenhuis en maakte Jacob de Wit monumentale plafondschilderingen in de grote zaal.

Bij de restauratie van het Bijbels Museum, die meteen na de expositie gaat beginnen, zullen deze latere toevoegingen behouden blijven, zo is te zien in de laatste ruimte van de sympathieke tentoonstelling Soo veel heerlijcke gebouwen. Er komt zelfs een nieuwe toevoeging bij: een tweede plafondschildering van Jacob de Wit, dat zich oorspronkelijk in ander pand aan de Herengracht bevond, zal in het Bijbels Museum worden geplaatst. Doel van de restauratie is dan ook niet om de panden geheel in oorspronkelijke staat te herstellen. De ontwerpen van Vingboons uit 1660 zijn slechts een van de uitgangspunten voor de verbouwing. Ook aan de eisen die een hedendaags museum stelt aan bijvoorbeeld toegankelijkheid voor gehandicapten zal worden voldaan.