LUHMANN

Hendrik Spiering's bespreking van Wagners artikel over Luhmann in 'The Philosophy of the Social Sciences' ('In de sociologische ondergrondse', W&O, 7 februari) is wel erg ongelukkig uitgevallen. Want (vergeef me de schoolmeesterachtige opsomming):

1. Het is Luhmann, niet Lühmann.

2. Deze is geen leerling van Parsons.

3. Volgens Parsons wordt de persoonlijkheid van een mens niet bepaald door het sociale (sub)systeem alleen, maar door interactie van meer subsystemen.

4. Bovendien heeft hij geen alomvattende theorie van 'structureel functionalisme' geleverd maar een 'systeemtheorie' waarin de begrippen structuur en functie op een lager analyseniveau worden gesitueerd.

5. Luhmann bouwt niet 'nog altijd voort' op Parsons maar week vanaf het begin van zijn eigen werk van hem af en de discrepanties zijn steeds groter geworden.

6. 'Zelfverwijzende systemen' is waarschijnlijk, maar ten onrechte bedoeld als een vertaling van 'selbstreferentielle Systeme' hetgeen echt iets anders is.

7. Als elke theorie die teruggaat op een onbewijsbare aanname, fundamentalistisch is, is ook Poppers methodologie fundamentalistisch en wat al niet meer.

8. Bij zijn duistere weergave van het systeem/omgeving probleem verwaarloost Spiering (Wagner?) het constructivistisch karakter van Luhmanns theoriseren. Het zou kunnen zijn dat Wagner dit alles in zijn 'complexe beschouwing' zegt, maar dan had een recensent toch beter dienen te weten. Beter geen bespreking dan zo een.