Dood van een fox-terriër

Het postpakket woog anderhalve kilo, en het boek dat eruit tevoorschijn kwam, had het formaat van een groot uitgevallen baksteen - The Collector's Guide To 'His Master's Voice' Nipper Souvenirs, kortgeleden gepubliceerd door de archiefafdeling van het Britse hoofdkantoor van de platenmaatschappij EMI.

De 1022 pagina's zijn allemaal gewijd aan de kleine fox-terriër Nipper, die ruim negentig jaar lang het handelsmerk van de onderneming is geweest. Tot het hondje dat zo braaf naar de stem van zijn baasje luistert, in het voorjaar van 1991 werd afgeschaft. Op de glanzende cd's van tegenwoordig past zo'n herinnering aan de beginjaren van de grammofoon niet meer.

Het tafereeltje werd rond 1894 geschilderd door Francis Barrault, in de hoop dat er snel een koper voor zou zijn. Maar dat viel tegen. Pas vijf jaar later slaagde hij erin het doek te slijten aan de pas opgerichte Gramophone Company in Londen, nadat het apparaat op het oorspronkelijke schilderij was vervangen door een nieuwerwetse grammofoon.

Zo ontstond ook de verwarring over de titel His Master's Voice. De brave Nipper had de stem van zijn baasje immers alleen uit de toeter kunnen horen opklinken als dat baasje een beroemde zanger was geweest. Op het originele doek stond echter een fonograaf afgebeeld met een wasrol - en het was in die dagen in de betere kringen niet ongebruikelijk de eigen stem op een wasrol te laten vastleggen.

De koop werd gesloten op 17 oktober 1899. Barrault ontving vijftig pond voor het schilderij en vijftig pond voor de overdracht van de auteursrechten. Achteraf bekeken deed hij daarmee afstand van een goudmijn, maar volgens EMI - de voortzetting van die vroegere Gramophone Company - heeft hij nog tot zijn dood een behoorlijk inkomen gehad door het vervaardigen van replica's. De catalogus maakt melding van 24 kopieën. Het originele doek hangt in de vergaderzaal van de raad van bestuur, aan Gloucester Place.

Decennia lang was het hondje een populaire mascotte voor de platenindustrie, en uit die tijd dateren ook de vele duizenden souvenirs die nu zo'n gewild verzamelobject vormen. EMI was er zuinig op, en greep elke gelegenheid aan om er reclame mee te maken. Nog in 1989 werd met veel vertoon een plaquette voor Nipper onthuld op een parkeerterrein waar ooit de tuin was geweest waar het dier werd begraven.

Slechts twee jaar later kwam echter het bericht dat het oude handelsmerk zou worden vervangen door een gestroomlijnd, veel onpersoonlijker letterlogo.

“In het verleden heeft niemand de moed gehad dit probleem aan te pakken,” verklaarde president-directeur Richard Lyttleton van EMI Classics, “omdat we allemaal zeer gehecht zijn aan Nipper. Maar nu de hoezen kleiner zijn geworden en de geluidsdragers niet meer alleen klassieke muziek bevatten, is het symbool steeds minder belangrijk geworden. We hoeven ons niet meer vast te klemmen aan een infuus uit het verleden.”

Ondanks de ferme taal van dit trouweloze baasje zijn sindsdien toch nog enkele historische cd-projecten getooid met Nipper. Maar voor de nieuwe handel heeft hij afgedaan.

Dat er niettemin aanleiding was voor een heuse Collector's Guide, bewijst dat een handelsmerk soms een langer leven heeft dan de eigenaar wellicht wenselijk zou achten. Hetzelfde geldt voor Nederlandse mascottes als Piggelmee (Van Nelle), Piet Pelle (Gazelle) en Flipje (van de Betuwe): in de reclamecampagnes van tegenwoordig passen ze niet, maar op gezette tijden zijn hun eigenaren pragmatisch genoeg om actie te voeren met de zoveelste herdruk van hun avonturen. En vorig najaar is in de gemeente Dieren nog een standbeeldje voor Piet Pelle onthuld, terwijl het ondernemende joch toch allang niet meer op een Gazelle trapt.