De Wereld Schaakraad

Het is al de vierde schaakorganisatie die Gari Kasparov heeft opgericht, de World Chess Council waarmee hij vorige week zaterdag aankwam. Eerst was er de Grandmasters Association, toen de Europese Schaakunie (een bond van voornamelijk Russische schakers die zo kort bestond dat ik niet zeker weet of ik de naam goed onthouden heb) en daarna de Professional Chess Association. De verenigingen van Kasparov is geen lang leven beschoren. Hij heeft zich ook nog eens bemoeid met een nieuwe politieke partij in Rusland en die viel al tijdens de oprichtingsvergadering in spintergroepen uiteen.

Misschien hebben de ervaringen uit het verleden Kasparov nu bescheiden gemaakt. Met zijn vorige bond, de PCA, wilde hij de schaakwereld hervormen. De PCA kwam met een eigen cyclus om het wereldkampioenschap met een interzonaal toernooi en kandidatenmatches. En daarbuiten waren er spectaculaire snelschaaktoernooien en gewone toernooien.

De nieuwe Wereld Schaakraad lijkt er alleen te zijn om op de simpelste manier een uitdager voor Kasparov te vinden: door een match tussen Anand en Kramnik. Kasparov heeft al vaak gezegd dat hij er genoeg van had om voor de rest van de schaakwereld geld te verzamelen. Het werd toch niet gewaardeerd, vond hij. Hij wil het niet meer, maar hij zou het ook niet meer kunnen. Zo gaat het met een rebellenbeweging. Als het nieuwtje er af is lopen de sponsors weg. De FIDE heeft het makkelijker. Die blijft de wereldschaakbond, ook al is het vaak een gekkenhuis.

Kramnik en Anand zullen waarschijnlijk wel meewerken, maar hun enthousiasme voor de plannen van Kasparov zal niet groot zijn. Anand heeft slechte herinneringen aan de match die hij in 1995 in New York tegen Kasparov speelde. Die match werd georganiseerd door Kasparovs eigen PCA. Anand voelde zich toen als een tweederangs burger behandeld.

De directeur van de nieuwe WCC is Kasparovs goede vriend Luis Rentero. Een man van grote verdiensten, maar niet iemand die bekend staat door objectiviteit en onpartijdigheid. Bij zijn toernooien in Linares treedt hij op als een tirannieke bullebak. Het wordt hem vergeven, want het zijn prachtige toernooien. Maar tijdens de match tussen Xie Jun en Zsuzsa Polgar in Jaen in 1996 was hij al even brutaal. Bij een wereldkampioenschap is dat onvergeeflijk, maar dat begrijpt Rentero niet.

Er wordt wel gezegd dat we met Kasparov terug zijn in de oude tijd toen het wereldkampioenschap een privébezit was. Maar er is een verschil met die oude vooroorlogse tijd. Toen moest de uitdager zelf het geld vinden voor een match. Nu wordt alles door Kasparov geregeld. Het is niet meer zo dat een uitdager vermetel de onneembare burcht bestormt. Hij wordt er toe uitgenodigd door de heerser zelf die hem ruim betaalt. Kasparov heeft een uitdager nodig om zijn wereldtitel legitimiteit te geven. Erg romantisch is het niet, maar het is beter dan niets. Kasparov probeert in ieder geval een eerlijke krachtmeting met de sterkste tegenstander tot stand te brengen. Dat kan je van Karpov niet zeggen.

In Linares, waar zeven reuzen van het moderne schaak dubbelrondig slag leveren, staat Kasparov na vijf ronden bovenaan samen met Shirov, Anand en Kramnik. Je krijgt de indruk dat hij nog steeds de beste is. Hij won van Anand. Goed, Anand kan ook wel eens van Kasparov winnen. Maar niet op deze rechtlijnige manier.

Wit Kasparov-zwart Anand

1. e2-e4 c7-c6 2. d2-d4 d7-d5 3. Pb1-d2 d5xe4 4. Pd2xe4 Pb8-d7 5. Pe4-g5 Pg8-f6 6. Lf1-d3 e7-e6 7. Pg1-f3 Lf8-d6 Natuurlijk niet het dwaze 7...h6? 8. Pxe6 zoals in Deep Blue-Kasparov, New York 1997 8. Dd1-e2 h7-h6 9. Pg5-e4 Pf6xe4 10. De2xe4 Dd8-c7 11. De4-g4 Th8-g8 Een nieuwe zet, tot nu toe was 11...Kf8 of 11...g5 gespeeld. 12. Pf3-d2 Pd7-f6 13. Dg4-f3 e6-e5 14. d4xe5 Ld6xe5 15. Pd2-c4 Lc8-e6 16. Lc1-d2 Interessant. Zwart kan een pion winnen met 16...Lxb2, maar dat is erg riskant. 16...0-0-0 17. 0-0-0 Pf6-d7 18. Th1-e1 Tg8-e8 Zwart heeft het moeilijk. Hier werd 18...Lf6 aanbevolen, met de bedoeling 19. Lf4 Lg5 19. Kc1-b1 g7-g5 20. h2-h4 Le5-f4 21. Ld2xf4 g5xf4 22. Ld3-f5 Pd7-f8 23. Df3-h5 Kc8-b8 24. Lf5xe6 Pf8xe6 25. a2-a4 Dc7-e7 26. Dh5-e5+ De7-c7 27. De5-h5 Dc7-e7 28. b2-b3 Zwart staat onder zware druk. Zwakke pionnen en een onveilige koningsstelling. 28...De7-f6 29. Pc4-e5 Te8-e7 30. Pe5-g4 Td8xd1+ 31. Te1xd1 Df6-g7 Een aardige variant van Luc Winants, illustratief voor zwarts moeilijkheden: 31...Dg6 32. De5+ Kc8 33. Pf6 (dreigt 34. Pe4) Dg7 34. Td8+! en wit wint. 32. f2-f3 Te7-e8 33. Dh5-f5 Kb8-a8 34. h4-h5 Te8-f8 35. Td1-d7

In deze verloren stelling overschreed zwart de tijd. Heel ongewoon voor Anand. Hij is op indrukwekkende manier overspeeld.

Wit Shirov-zwart Topalov

1. e2-e4 c7-c5 2. Pg1-f3 e7-e6 3. d2-d4 c5xd4 4. Pf3xd4 a7-a6 5. Lf1-d3 Dd8-b6 6. Pd4-b3 Db6-c7 7. Dd1-e2 Pg8-f6 8. Pb1-c3 d7-d6 9. f2-f4 Lf8-e7 Kurajica-Azmaiparasjvili, Strumica 1995, ging verder met 9...b5 10. g4, maar niet iedereen is er van overtuigd dat de partijen uit dat toernooi echt gespeeld zijn. 10. e4-e5 d6xe5 11. f4xe5 Pf6-d7 12. Lc1-f4 Pb8-c6 13. 0-0 Pd7xe5 14. Ta1-e1 Dc7-b6+ 15. Kg1-h1 Pe5xd3 16. De2xd3 0-0 17. Dd3-g3 Kg8-h8 18. Lf4-c7 Db6-a7 19. Pc3-a4 f7-f6 20. Lc7-b6 Da7-b8 21. Lb6-c7 Db8-a7 22. Pa4-b6 e6-e5 23. Pb6xa8 Da7xa8 24. Te1-d1 Tf8-e8 25. Lc7-d6 Le7-d8 26. Pb3-c5 Het begin van fantastische complicaties. 26...b7-b6 27. Pc5-e4 Pc6-d4 28. Ld6xe5 Nu zou wit na 28...fxe5 winnen met 29. Pd6 28...Pd4-f5 Maar dit lijkt op het eerste gezicht heel sterk. Na 29. Dd3 heeft zwart 29...Lb7 en na 29. Txf5 komt 29...Dxe4. 29. Dg3-g4

Een van de pointes van wits spel is dat 29...fxe5 30. Txf5 g6 weerlegd wordt door 31. Txe5! 29...Pf5-e3 30. Dg4-h5 Een krankzinnige stelling. Overal dreigen witte en zwarte stukken genomen te worden. Het beste was nu misschien 30...Dc6, waarna wit allerlei manieren heeft om het verkeerd te doen. Met bescheiden 31. Td6 Db5 32. Te1 zou wit echter in het voordeel blijven. 30...Te8-g8 Hierna gaat het snel mis met zwart. 31. Dh5-f3 Haalt de matdreiging op g2 er uit, zodat Pe4 weer spelen kan. 31...Pe3xd1 32. Pe4-d6 Da8-a7 33.Pd6xc8 Da7-d7 34. Pc8-d6 Zwart gaf op.