COLLECTIEF STOM

In zijn rubriek Het Veld (W&O, 21 februari) spreekt Leo Prick zich uit over de staking door leraren die voor 26 in plaats van 28 uur de straat opgingen. Hij verklaart het onderwijs voor collectief stom, de onderwijsbonden verwijt hij te zeuren en te leuteren en de leraren zelf bevestigen er het stereotype beeld mee van zeikerds te zijn. Het onderwijs, de bonden, de leraren begrijpen niet dat de veranderingen in de maatschappij en de media nopen tot veranderingen en reorganisatie en dat de scholen er heel anders zullen gaan uitzien.

Prick denkt wellicht aan de industriële revolutie die o.m. leidde tot de opkomst van de hogere burgerscholen, tot de toevoeging van een bèta-afdeling aan de school voor de elite, het gymnasium, en aan het verschijnen van die aardige tussenvorm, het lyceum, thans vaak college genoemd. Prick denkt misschien ook aan de gevolgen van de toegenomen welvaart na de Tweede Wereldoorlog en de opening van het voortgezet onderwijs voor brede lagen van de bevolking. Er kwam een mammoetwet, het toelatingsexamen tot het voorbereidend hoger onderwijs verdween, voor iedereen die kon en wilde moest het onderwijs toegankelijk worden. Prick denkt stellig aan Van Kemenade die ook het hoger onderwijs voor velen bereikbaar wilde maken. Dat is gelukt door de lat lager te leggen en de hogescholen van toen om te dopen tot universiteit.

Maar welke veranderingen in maatschappij en media nopen tot al die vernieuwingen die onderwijsdeskundigen aanbevelen in een jargon waar alleen zijzelf iets van begrijpen maar geen leraar ook maar iets wijzer van wordt, tenzij hij de wijk neemt en procesmanager wordt in de onderwijsverzorgingssector, ook alweer twee woorden om misselijk van te worden. Prick weet als geen ander dat het beroep van leraar gruwelijk onderuit gehaald wordt, gedegradeerd wordt van vakmanschap tot begeleiderschap, dat de leraar voor de onmogelijke taak wordt gesteld kinderen die niet willen, maar vooral ook die niet kunnen leren te leren leren, ze de metacognitieve (sic) vaardigheden bij te brengen waardoor ze ook nog zelfstandig kunnen leren leren. De leraar wordt zijn koninkrijk ontnomen en moet samenwerken in een team, alsof het daarbinnen allemaal pais en vree zou zijn. Het funderend onderwijs is met drie jaren verlengd tot negen jaar, terwijl er genoeg leerlingen zijn die in groep 6 of 7 al weten dat leren niets voor ze is. Zulke leerlingen les te moeten geven en breed te mogen vormen als ze 13 of 14 jaar zijn is voor vele leraren slopend.

Prick weet het allemaal, maar dan is het toch naïef om de staking te zien alsof het alleen maar ging om twee uur minder les. Het ging om een vorm van protest tegen de Zoetermeerse beleidsmakers die in een monsterverbond met onderwijsvernieuwers hun bezuinigingen verkopen als ging het om kwaliteitsverbetering. Laat Prick nog eens enkele van zijn eigen veldbloemen herlezen.