Zuid-Afrika verbiedt activiteit van huurlingen

JOHANNESBURG, 27 FEBR. Het Zuid-Afrikaanse parlement heeft gisteren een wet aangenomen die alle activiteiten van huurlingen verbiedt. De wet ontzegt elke burger, ingezetene of onderneming het recht deel te nemen aan gewapende conflicten. Zuid-Afrikaanse huurlingen zijn al jarenlang zeer actief (en gewild) in andere Afrikaanse landen en elders. Minister van Defensie Joe Modise noemde het werk van huurlingen gisteren “de gesel van het Afrikaanse continent”, alvorens het parlement unaniem steun gaf aan zijn 'wet op buitenlandse militaire hulp'.

Modise onderstreepte dat “wettige militaire hulp in de vorm van training en ondersteuning aan democratisch gekozen regeringen” niet is verboden, hetgeen de achterdeur openlaat voor enkele van Zuid-Afrika's meest notoire huurlingenbedrijven uit de tijd van de apartheid.

Sinds het ANC in 1994 via democratische verkiezingen aan de macht kwam, heeft de partij van president Nelson Mandela gezocht naar wegen het werk van huurlingen aan banden te leggen. Vanaf de jaren zeventig tot heden verleenden Zuid-Afrikaanse huurlingen grote militaire steun aan Afrikaanse regimes, doorgaans militaire dictaturen of aan guerrillabewegingen. Met name leden van de organisatie Executive Outcomes (EO) waren veelgevraagde strijders. In Angola, Sierra Leone, en verder weg in Papoea Nieuw Guinea vochten Zuid-Afrikaanse huurlingen mee met regeringslegers of guerrillastrijders. Het apartheidsbewind liet de huurlingen hun gang gaan en maakte er als dat zo uitkwam zelf gebruik van de beruchte dogs of war.

Maar in het 'nieuwe Zuid-Afrika' mat Executive Outcomes zich een ander imago aan, dat van de 'adviesorganisatie'. De 'huurlingen' verschijnen niet langer in uniform, maar jasje-dasje en ze bieden 'militaire training', 'advies' en 'veiligheidsservice' aan. De EO, die zich heeft laten registreren bij het ministerie van Defensie, staat zich er onder andere op voor de Angolese burgeroorlog in het voordeel van de zittende president Dos Santos, een bondgenoot van het ANC, te hebben omgebogen. EO heeft zich laten registreren bij het ministerie van Defensie.

Een woordvoerder van het in Pretoria gevestigde bedrijf zegt desgevraagd dat Executive Outcomes “volle medewerking” heeft gegeven aan de wetgeving, omdat het bedrijf zichzelf niet langer ziet als een huurlingenbedrijf. Op zijn website prijst EO zichzelf juist aan om zijn “onpartijdigheid”. “Organisaties zoals de Verenigde Naties en de Organisatie van Afrikaanse Eenheid kunnen gebruikmaken van onze diensten, zonder vrees voor partijdigheid die de oplossing van een conflict in gevaar zou kunnen brengen.” EO zegt er vol vertrouwen in te hebben dat de Zuid-Afrikaanse regering het bedrijf zal erkennen op het gebied van “militaire training en andere diensten op dit terrein”.

Volgens insiders is het niet uitgesloten dat de regering-Mandela Executive Outcomes inderdaad met de nodige aanpassingen ongemoeid zal laten. Ook de uitgebreide, lucratieve defensie-industrie is na de opheffing van de apartheid niet ontmanteld.

Met name minister Modise heeft zich steeds een warm pleitbezorger getoond van behoud van militaire instituties, zij het dat ze nu onder controle van de overwegend zwarte regering gebracht dienden te worden. In een aantal belangrijke wapenproducerende bedrijven heeft het ANC met succes zijn 'zwarte stem' in kunnen brengen. Modise is om zijn standpunten een aantal malen in aanvaring gekomen met de voorzitter van het Nationaal Comité op de Controle van Conventionele Wapens (NCACC), zijn collega-minister Kader Asmal, die een veel radicalere aanpak voorstaat en bij voorkeur de hele defensie-industrie zou willen verbieden.