Wapenstilstand Ranariddh en Hun Sen in Cambodja

PHNOM PENH, 27 FEBR. De sterke man van Cambodja, Hun Sen, heeft verklaard onder voorwaarden bereid te zijn een staakt-het-vuren in acht te nemen in de strijd tegen de verzetsstrijders van de vorig jaar uitgeweken co-premier prins Norodom Ranariddh. De aankondiging werd gedaan enkele uren na een mededeling van prins Ranariddh, dat hij zijn aanhangers in Cambodja heeft gevraagd eenzijdig de wapens neer te leggen teneinde “een einde te maken aan het lijden van de mensen in Cambodja” en om het land voor te bereiden op de komende algemene verkiezingen in juli.

De wapenstilstand die nu in de maak is, zou een eerste succes zijn in het diplomatieke vredesoffensief dat Japan de afgelopen weken is begonnen in Cambodja. Een van de punten van het Japanse vredesplan betreft het onmiddellijk beëindigen van de vijandelijkheden in Cambodja. Aanvankelijk werd gemeld dat Hun Sen van zijn kant ook al besloten had tot een wapenstilstand, maar later noemden medewerkers als bijkomende voorwaarde dat de “extremistische strijdgroepen” (van Ranariddh) zich moeten overgeven. Die voorwaarde kan mogelijk alsnog een staakt-het-vuren in de weg staan, hoewel Hun Sen vanochtend positief reageerde op de aankondiging van Ranariddh de wapens neer te leggen.

Hun Sen - formeel de 'tweede premier' van Cambodja in de regeringscoalitie die in 1993 werd geïnstalleerd na verkiezingen onder regie en toezicht van de Verenigde Naties - trok in juli vorig jaar alle macht naar zich toe. 'Eerste' premier Ranariddh, een zoon van de Cambodjaanse koning Norodom Sihanouk, vluchtte naar Frankrijk en verblijft thans in Bangkok. Aanhangers van Ranariddhs 'Koninklijke Cambodjaanse Strijdkrachten' trokken zich terug in het noordwesten van het land en voeren sindsdien van daaruit strijd met het leger van Hun Sen.

Een belangrijke voorwaarde voor een goed verloop van de verkiezingen, die zijn gepland voor 26 juli, is de terugkeer van prins Ranariddh. Hun Sen heeft zijn coup van vorig jaar verdedigd met het argument dat Ranariddh in het geheim een coalitie heeft gesloten met de resterende facties van de Rode Khmer. De Rode Khmer oefende in de periode 1970-1975 onder leiding van Pol Pot een terreurbewind uit in Cambodja, maar de meeste soldaten van de Rode Khmer zijn in de afgelopen jaren overgelopen naar het regeringskamp. In het Japanse vredesplan wordt van prins Ranariddh geëist dat hij openlijk verklaart de banden met de overgbleven guerrilla-groeperingen van de Rode Khmer te zullen verbreken.

Maar daarmee zijn nog niet alle obstakels weggenomen voor de terugkeer van Ranariddh en zijn deelneming aan de verkiezingen. Hun Sen heeft de prins ervan beschuldigd vorig jaar wapens Cambodja te hebben binnengesmokkeld en hij wil hem daarvoor, en voor zijn samenwerking met de Rode Khmer, komende maand voor de rechtbank brengen. Na een veroordeling zou Ranariddh vervolgens amnestie kunnen krijgen van zijn vader, koning Norodom Sihanouk. Maar het is nog de vraag of Hun Sen akkoord gaat met dat scenario. Hun Sen verklaarde gisteren nog tegenover ambassadeurs van de Europese Unie dat het gegeven dat Ranariddh amnestie zal worden verleend, niet voldoende is om mee te mogen doen aan de verkiezingen. “Het feit dat Ranariddh over een leger beschikt en gebieden langs de grens controleert, is in tegenspraak met de wet op de politieke partijen”, aldus een adviseur van Hun Sen. “Het vorm een direct obstakel voor zijn deelneming en het kan ook verhinderen dat de gehele FUNCINPEC-partij (van Ranariddh) mee doet aan de verkiezingen.”

Buitenlandse critici beschuldigen Hun Sen ervan dat hij er met zijn aanvallen op Ranariddh alleen maar op uit is zijn belangrijkste tegenkandidaat in de verkiezingen uit te schakelen. Onder andere Japan en de Verenigde Staten dringen er bij Hun Sen op aan om die verkiezingen “vrij en eerlijk” te laten verlopen, dat wil zeggen: inclusief de participatie van een geloofwaardige oppositie onder leiding van Ranariddh.

De Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken, Stanley Roth, verklaarde gisteren in het Amerikaanse Congres dat de politieke situatie in Cambodja “beroerd” is. Roth, die 'Azië' in zijn portefeuille heeft, kritiseerde de Europese Unie omdat zij, anders dan de VS en Japan, vorige maand al een financiële bijdrage heeft toegezegd (van ongeveer 22 miljoen gulden) voor het organiseren van de verkiezingen, zonder daarbij harde voorwaarden te stellen voor een eerlijk verloop ervan.

Roth zei gisteren ook dat in Cambodja nog steeds sprake is van politieke intimidatie, gevechten en schendingen van de rechten van de mens. “Tenzij er een fundamentele verandering plaatsheeft in het politieke klimaat in Cambodja, houdt de (Amerikaanse) regering serieuze twijfels of de verkiezingen in juli vrij, eerlijk en geloofwaardig kunnen zijn”, aldus Roth.

(AFP, AP, Reuters)