Uitstel van executie?

Natuurlijk zijn we allemaal opgelucht dat het niet tot een uitbarsting van geweld over Irak is gekomen, maar, eerlijk gezegd, die massale opluchting en vreugde doet me een beetje denken aan München 1938. Toen leverden Frankrijk en Engeland Tsjechoslowakije, een bondgenoot van Frankrijk, uit aan Hitler. Grote vreugde alom, de vlaggen gingen uit (behalve in Tsjechoslowakije), maar het was slechts uitstel van executie.

De vergelijking is niet helemaal billijk, want terwijl Frankrijk en Engeland zestig jaar geleden niet van hun militaire macht gebruik durfden te maken, was de Amerikaanse en Britse bereidheid geweld te gebruiken nu wezenlijk onderdeel van het pakket waarmee Kofi Annan Saddam Hussein tot wijken wist te brengen.

Is dit fantasie? Nee, op de persconferentie na ondertekening van het akkoord zei de Irakees Tariq Aziz dat het “diplomatie, en niet sabelgekletter, was geweest waardoor het akkoord bereikt was”, waar Kofi Annan onmiddellijk aan toevoegde: “Je kan een boel met diplomatie bereiken, maar natuurlijk kun je een boel meer bereiken wanneer diplomatie gesteund wordt door vastberadenheid en kracht.” (De Nederlandse televisie liet overigens die woorden van Annan weg.)

En als 't ware om die woorden te onderstrepen zei Annan na terugkeer in New York: de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk “waren de perfecte vredesbewaarders van de Verenigde Naties. Zij hebben laten zien dat de beste manier om macht te gebruiken is die macht te tonen om die vervolgens niet te hoeven gebruiken.” Daar wordt waarschijnlijk in GroenLinks, de linkervleugel van de PvdA en de kerken anders over gedacht, maar ik hoorde maandag minister Pronk, hun lieveling, voor de televisie eigenlijk hetzelfde zeggen.

Het verschil met München 1938 is dus groot, maar ook nu is de vraag gerechtvaardigd: zal het geen uitstel van executie zijn? Saddam Hussein is kampioen in het breken van beloften, en wanneer hij nu de inspecteurs van de VN “onmiddellijke, onvoorwaardelijke en onbeperkte” toegang toezegt tot alles wat in hun ogen verdacht is - overigens met deze restrictie: onder eerbiediging van 'Iraks legitieme zorgen met betrekking tot veiligheid, soevereiniteit en waardigheid!' - dan getuigt het niet van overdreven argwaan eraan te herinneren dat hij dat al eerder toegezegd heeft. Er is dus alle reden voor scepsis.

Daarom mogen we dus niet verbaasd zijn als Saddam Hussein over een halfjaar of een jaar opnieuw met hetzelfde spelletje begint. Wat zal dan de reactie zijn? President Clinton zegt dat de Amerikaanse strijdkrachten in de Golf in een “hoge staat van paraatheid” zullen blijven. Prachtig, maar dat gaat wèl ten koste van paraatheid in andere gebieden, zoals Bosnië en Korea - om slechts twee spanningsgebieden te noemen.

De geestdrift van een tweede Golfoorlog was bij het Amerikaanse publiek al niet onverdeeld. Veel groter zal ze waarschijnlijk niet worden als er over een paar maanden opnieuw een beroep op zou worden gedaan. Als dit al het geval is terwijl de tegenstander zo'n duidelijke 'satan' is als Saddam Hussein, moet bij minder gemakkelijk personifieerbare gevaren rekening worden gehouden met nog minder steun. Dit is iets wat de Europeanen aangaat, want zij hebben zich voor hun veiligheid grotendeels afhankelijk gemaakt van Amerikaanse steun.

Het gedrag van de meeste Europeanen in de laatste crisis is niet zodanig geweest dat de Amerikanen spontaan en massaal bereid zullen zijn hen te hulp te snellen, mochten zij zelf in een crisis komen te verkeren. Het staaltje van politieke onmacht dat 'Europa' tijdens de Iraakse crisis ten beste heeft gegeven, verdient in elk geval de minachting die de Amerikanen zo duidelijk hebben getoond.

En bleef het maar bij die onmacht. Hoe vaak werd het Amerikaanse optreden niet uitgelegd als een poging eigen hegemonie te bevestigen. Onlangs zag ik dat ook twee deskundigen doen in een uitzending van Middageditie. En als dat al waar zou zijn, laten de Europeanen - Nederland voorop - zich die hegemonie niet graag aanleunen wanneer het hun eigen veiligheid betreft?

Frederick Kempe, die vaak gast is bij de forumdiscussie Presseclub op het eerste Duitse net, vertelt in de Wall Street Journal Europe (waarvan hij hoofdredacteur is) dat hij in de uitzending van vorige zondag soms het gevoel kreeg dat Saddam het slachtoffer was en de boosdoeners de deelnemers waren in de een of andere Israelisch-Amerikaanse samenspanning. Ik heb die uitzending gezien en moet zeggen dat hij slechts een beetje overdrijft.

Het tekent de verwijdering die zich tussen de Amerikanen en de - overigens onderling verdeelde - Europeanen al geruime tijd aan het voltrekken is. Die verwijdering was te verwachten na het einde van de Koude Oorlog. De laatste crisis heeft die ontwikkeling versterkt, en het zijn niet de Amerikanen die er het slachtoffer van zullen worden.