New York; Wereldreis tussen de wolkenkrabbers

Een op de drie New-Yorkers is geboren in het buitenland, veelal in de Derde Wereld. De nieuwe immigranten zijn nog niet door de Amerikaanse culturele blender van kauwgum, baseball en hamburgers gehaald. Zij hechten aan hun etnische wortels, eten maispannenkoekjes en drinken koffie uit het vaderland. Een onderdompeling in een multiculturele wereldstad.

Colombia ligt een halte verder dan India. Wie blijft zitten tot het eindpunt komt uit in Korea. En wie overstapt op een andere metrolijn is zo in Griekenland, China, Haïti of het Midden-Oosten. In New York is het niet moeilijk wereldreiziger te zijn.

Tussen de wolkenkrabbers van Manhattan valt het niet altijd op, maar één op de drie inwoners van New York is in het buitenland geboren. Immigranten hebben de stad groot gemaakt, en met zo'n 90.000 legale (en een onbekend aantal illegale) nieuwkomers per jaar, blijven ze toestromen. De etnische enclaves waar ze vaak hun eerste woonplaats vinden, ademen nog de cultuur van hun landen van herkomst. Overzeese geuren, kleuren en klanken drijven er door de straten. De spreekwoordelijke Amerikaanse smeltkroes heeft er zijn werk nog niet gedaan.

New Yorks bazaar van nationaliteiten en culturen strekt zich uit over alle vijf stadsdelen - Manhattan, Queens, Brooklyn, The Bronx en Staten Island. Maar vooral in de eerste drie stadsdelen bevinden zich de immigrantenbuurten met een uitgesproken etnisch karakter. Behalve het fameuze Chinatown zijn het wijken waar doorgaans weinig toeristen komen. Bezoekers van buiten zijn meestal immigranten (of hun kinderen) die al zijn opgegaan in de Amerikaanse samenleving, maar die hun etnische of religieuze wortels niet willen doorsnijden. Ze komen naar Klein Colombia, Koreatown of Little India voor het authentieke eten, voor de grote collecties geïmporteerde cd's en video's of om met oud-landgenoten in een café naar een voetbalwedstrijd te kijken.

Wie een wandeling maakt langs Roosevelt Avenue in Queens krijgt een stuk van de stad te zien dat even New-Yorks is als het Empire State Building, het Vrijheidsbeeld of Central Park, ook al staat het niet vermeld in de meeste reisgidsen. Boven de lage huizen en het verkeer dendert metrolijn zeven, zoals eind vorige eeuw ook op Manhattan overal de el of elevated railroad reed. Vanuit de wagons zijn in de verte nog de dicht opeengepakte wolkenkrabbers van de metropool te zien. Maar beneden, in de schaduw van het spoor, liggen een paar levendige Derde-Wereldstraten.

Vijfentwintig jaar geleden was de buurt rond de halte Roosevelt Avenue/74ste Straat nog een ouderwets stukje Amerika, met de gebruikelijke kruideniers, stomerijen en ijzerwarenhandels, vertelt de voortreffelijke gids Ethnic New York (zie kader). Maar nu bevindt zich hier, in het hart van Jackson Heights, het kruispunt van India en Latijns Amerika. Op de stoep van 74ste Straat zit een sikh op een keukenstoel voor zijn winkeltje vol kleurige sari's. Bij zijn buren zijn Indiase sieraden, maaltijden of reizen naar het subcontinent te koop. En aan de overkant van de straat kan men in de levensmiddelenwinkel van de gebroeders Patel niet alleen allerlei soorten kruiden, chutney's en wierook krijgen, maar ook Indiase kranten of een ijsje met rozensmaak. In de vele tientallen Indiase winkeltjes en restaurants die hier bij elkaar klitten, is elke vierkante centimeter benut met een efficiency die in Bombay en New Delhi gebruikelijker is dan in de Verenigde Staten.

Om de hoek, op Roosevelt Avenue, hebben de hispanics hun Kalverstraat. In een enkele etalage meldt een bordje behulpzaam dat men er ook met Engels terecht kan, maar Spaans is de voertaal. Zelfs Chinese restaurants dragen Spaanse namen. Hier zijn kranten te koop met, heel bijzonder voor Amerika, voetbalnieuws op de voorpagina.

Via Mexicaanse en Peruaanse eilandjes komt men, in westelijke richting lopend, uit in Colombia, dat zich uitstrekt rond de volgende metrohalte (82ste Straat). Chapinero heet dit kleurrijke buurtje, naar een oude wijk in Bogota. Nachtclubs beloven Colombiaanse muziek en eethuisjes serveren soepen, maispannenkoekjes (arepa's) en koffie zoals in het vaderland. Traditionele accordeonmuziek, vallenato, klinkt uit open deuren. Uithangborden zijn geel, blauw en rood, de kleuren van de Colombiaanse vlag.

De laatste halte van New Yorks metrolijn der culturen is Koreatown in Flushing, een buurt die vooral bekend is wegens het tennistournooi in het nabijgelegen Flushing Meadows. Langzaam verdween dertig jaar geleden het leven uit deze wijk, omdat het winkelend publiek de shopping malls in de voorsteden verkoos boven de lokale middenstand. Maar dankzij de immigratie beleeft Flushing nu een nieuwe jeugd. Het wemelt er van de Koreaanse banken, kantoortjes om internationaal op te bellen en winkels die de eerste levensbenodigdheden voor elke migrant verkopen: emmers, bezems, goedkope kleding, kranten, trouwjurken en bruidstaarten.

Het merendeel van de nieuwe bewoners hier is Koreaans, waarvan de reusachtige nieuwe Korean American Presbyterean Church getuigt. Maar er wonen ook veel Chinezen en Indiërs. Tussen de typisch-Amerikaanse woonhuizen met puntdaken en veranda's staat een traditionele hindoetempel, met veel godenbeelden versierd. Op de stoep laat men zijn schoenen achter, binnen wacht de god Ganesh op zijn troon, omhangen met bloemen en sieraden, op bezoekers die offers komen brengen of gewoon een kijkje komen nemen.

Veel van de immigrantenbuurten in New York zien hun sterke etnische karakter al na één of twee generaties verwateren. De Syrische eigenaar van een Midden-Oosterse winkel-van-sinkel op Atlantic Avenue in Brooklyn kan ervan meepraten. Al 31 jaar drijft hij zijn zaakje, dat niet misstaan had op de bazaar van Aleppo. Op de grond staan grote jute zakken met verschillende soorten erwten, zonnebloempitten, rijst, meel en koffie, naast bakken met noten, dadels, olijven en diverse kruiden. Stopflessen vol gedroogd fruit, glanzend gepoetste waterpijpen, triktrak-borden, trommels en koperen koffiekannetjes staan op houten schappen. Egyptische en Libanese kranten van de dag zelf, per satelliet overgeseind en in New York gedrukt, gaan grif van de hand. Sinds de jaren veertig was Atlantic Avenue de hoofdstraat van de Arabische gemeenschap in de Verenigde Staten. Maar de nieuwe generatie heeft de veilige beslotenheid van de etnische gemeenschap verlaten, en komt alleen nog terug om inkopen te doen of feest te vieren, vertelt de kruidenier van onder zijn royale snor. “Want in de voorsteden kunnen ze zulke lekkere baklava niet krijgen”, constateert hij tevreden terwijl hij zijn gast de zoete lekkernij aanbiedt.

De immigranten?buurt die zijn eigen karakter het best heeft bewaard, al ongeveer een eeuw, is Chinatown, in het zuiden van Manhattan. “Onze cultuur is zo oud”, verklaart een Chinese vrouw, “dat wij onze identiteit zelfs in het buitenland niet kunnen verliezen.” De bloeiende Chinese gemeenschap dreigt het naburige (en danig verschraalde) Little Italy te overwoekeren.

De drukke, kleurrijke straten van Chinatown, met hun markten, winkels voor goedkope elektronica, antiekzaakjes en talloze restaurants, zijn een geliefde toeristenbestemming. Meer dan honderdduizend Chinese Amerikanen wonen in dit kleine stukje stad, van wie sommigen nog altijd in erbarmelijke armoede. Maar het is vooral een enorme rijkdom die in het oog loopt.

Nergens is dat zo duidelijk als in de reusachtige nieuwe banquet halls, die versierd zijn met veel spiegels, marmer en kroonluchters, en die plaats bieden aan vele honderden eters tegelijk. Vooral voor bruiloften en partijen van Chinees-Amerikaanse families zijn deze restaurants populair. Maar als er nog plaatsen over zijn kunnen ook individuele bezoekers er eten. Het is een mooi besluit van een reis om de wereld in New York City.

INFORMATIE

Voor een verkenning van de etnische buurten van New York bestaat een bijzonder goede reisgids: Ethnic New York; A Complete Guide to the Many Faces & Cultures of New York, door Mark Leeds (Passports Books, $14.95). Dit boek beschrijft de geschiedenis van de wijken en hun bewoners, en vermeldt bezienswaardigheden, winkels en restaurants. Een andere goede bron voor informatie over migrantenbuurten kunnen de New-Yorkse taxichauffeurs zijn.In veel gevallen zelf immigranten die pas recentelijk in de Verenigde Staten zijn aangekomen.

Een plattegrond van het metronet, verkrijgbaar bij elk station, is onmisbaar. Ook een goede kaart van de stad is nuttig. Veel kaarten beslaan niet veel meer dan Manhattan, maar op bijvoorbeeld de Rand McNally City Map zijn alle vijf boroughs (stadsdelen) te vinden. Alle buurten die op deze pagina zijn genoemd, kan men met de metro vanaf midtown Manhattan in een half uur bereiken. De restaurants in migrantenbuurten zijn niet altijd culinair heel verfijnd, maar de authenticiteit van het gebodene maakt veel goed. En de prijzen liggen vaak lager dan elders in de stad.

Veel typische migrantenbuurten zijn in bijgaand artikel onbesproken gebleven, zoals Spanish Harlem, ook wel 'El Barrio' genoemd, in het noordoosten van Manhattan. Deze wijk van Portoricanen is nogal vervallen, maar de 116e Straat is nog een levendige winkelstraat. In de zogeheten 'botanicas' zijn veelkleurige heiligenbeelden te koop en ook totembeeldjes en andere religieuze attributen.

La Marquetta, de Caraïbische openluchtmarkt die vroeger werd gehouden onder het viaduct van de metro boven Park Avenue, is nu een brave, overdekte markt zonder verse vis geworden. In het betrekkelijk kleine, maar innemende Museo del Barrio (1230 5th Avenue, wo t/m zo 11-17u) zijn zowel historische tentoontstellingen te zien over Latijns-Amerikaanse culturen, als werk van hedendaagse latino-kunstenaars.

Het centrum van de Griekse buurt Astoria (in Queens) is aardig om te bezoeken rond het uur van de pantoffelparade, bijvoorbeeld om er bij een stalletje op straat een souvlaki te eten. Alleen al het zicht vanuit de el (afkorting van elevated railroad) op de skyline van Manhattan bij avondlicht, maakt het uitstapje de moeite waard. In Chinatown kan men op elk uur van de dag voortreffelijk eten. Er is veel te zien, van het voortdurend veranderende straatbeeld tot het standbeeld van Confucius tot het Chinatown History Museum (70 Mulberry Str., zondag tot en met vrijdag van 12 tot 17uur) en de Eastern States Buddhist Temple (64 Mott Str.). Over het harde bestaan van Chinese illegale immigranten die in deze buurt achter de schermen zwoegen om het hoofd boven water te houden, is onlangs verschenen Forbidden Workers, Illegal Chinese Immigrants and American Labor, van Peter Kwong.

New York is een stad die houdt van optochten, en veel etnische groepen of nationaliteiten houden jaarlijks hun eigen kleurrijke parade, meestal in het hart van Manhattan. Op St. Patrick's Day (17 maart) kleuren de Ieren Fifth Avenue groen, de Griekse parade is op 29 maart, de Cubaanse op 3 mei, de Portoricaanse op 14 juni en de West-Indische op 7 september (in Crown Heights, in Brooklyn, waar vooral veel Haïtianen wonen). De Hispanic Day Parade is op 11 oktober. Meer informatie over parades, festivals of andere evenementen is verkrijgbaar bij het New York Convention and Visitors Bureau, 00-1-212-484.1222, of op het Internet: www.nycvisit.com.